Commentaar: Onvrij Hongkong

Pro-democratie-activist Joshua Wong Chi-fung in Hongkong, 20 oktober. beeld EPA, Jerome Favre

De ontwikkelingen in Hongkong zijn zorgwekkend. De hele pro-democratische oppositie van Hongkong stapte woensdag op, omdat die geen ruimte meer zag zich vrijelijk te uiten. De actie volgde op de afzetting van vier parlementariërs op grond van een zojuist aangenomen resolutie in Peking. Die bepaalt dat de autoriteiten van Hongkong parlementariërs voortaan zonder tussenkomst van de rechter naar huis mogen sturen. Gronden daarvoor zijn „staatgevaarlijk” gedrag, ontkenning van de Chinese soevereiniteit of steun aan de onafhankelijkheidsbeweging.

De vier parlementariërs zouden naar de Verenigde Staten zijn gereisd en daar hebben gepleit voor sancties tegen Hongkong. Bovendien zou één van hen er een gewoonte van hebben gemaakt wetten eindeloos tegen te houden. De aantijgingen vormden voor de leider van Hongkong, Carrie Lam, reden het viertal naar de uitgang te dirigeren. Eerder stak ze al een stokje voor deelname van het gezelschap aan de naar 2021 uitgestelde verkiezingen.

Zelfs als de beschuldigingen waar zouden zijn, roept de gang van zaken grote vragen op. Een democratisch bestuur zal gekozen parlementariërs nooit zonder tussenkomst van de juridische macht op straat willen zetten. De weg ernaartoe werd in september al geplaveid door het besluit van Lam om alle uitleg over het principe van de scheiding der machten uit de schoolboeken te halen.

Dit soort acties bewijst het gelijk van de betogers die sinds 2019 te hoop liepen tegen de introductie van een wet die uitlevering vanuit Hongkong aan China mogelijk maakte. Het was een eerste, duidelijke, aanzet tot verdere inkapseling van Hongkong door de Chinese autoriteiten en daarmee de teloorgang van de democratie.

In een sterke reactie op het ontslag van de vier parlementariërs besloten de overige vijftien pro-democratische oppositieleden woensdag ook de biezen te pakken. Voor het eerst sinds 1997, het jaar dat de regio weer formeel onder Chinees gezag kwam, klinken er daarmee nauwelijks meer dissidente geluiden in het Wetgevende Raad van Hongkong, zoals het parlement er heet. Alle neuzen staan nu richting Peking. De vraag laat zich stellen of de raad daarmee nog meer is dan een verlengstuk van het Nationale Volkscongres in Peking.

Eén van de ontslagen parlementsleden zei woensdag dat zijn diskwalificatie „een eer” is, als die voortkwam uit zijn streven op toe te zien op eerlijke processen „en het vechten voor democratie en mensenrechten.” Het is daarmee tegelijk een schande voor Hongkong, die roept om tegenspraak. Het valt daarom toe te juichen dat onder meer Duitsland als roulerend voorzitter van de Europese Unie woensdag protest aantekende tegen de gang van zaken in Hongkong. Berlijn noemde die „diep verontrustend.” Dat is geen woord te veel gezegd.