Commentaar: Feesten en partijtjes

Nederlanders vieren hun vrijheid het liefst met feesten. Met veel muziek en die liefst zo hard mogelijk aangezet. Dat weten we vanwege 5 mei, de dag waarop in Nederland de bevrijding van nazi-Duitsland vooral wordt gevierd met... feesten. Herdenken en alles wat daarbij hoort, zoals ons bezinnen? Dat doen we de dag ervoor op de vierde mei, maar het herbeleven van de bevrijding gebeurt vierend en vooral: feestend.

Zodoende dansen veel Nederlanders op Bevrijdingsdag rond de zelfopgetrokken totempaal die vrijheid heet. Zelfopgetrokken? Ja, omdat vrijheid in wezen veel meer is dan een feestgevoel of een emotie die met klank en drank wordt gevoed en opgezweept. Zo schrééuwt vrijheid om verantwoordelijkheid en discipline, maar gegijzeld en meegevoerd door de feestende massa, wordt ze niet gehoord, laat staan serieus genomen.

Feestjes als de ultieme beleving van vrijheid en om daarom onopgeefbaar. Het is een thema dat deze week de kolommen van kranten vult vanwege heel iets anders: de hernieuwde opmars van het coronavirus. RIVM-boegbeeld Van Dissel kon dinsdag tijdens de technische briefing in de Tweede Kamer zijn verontwaardiging maar nauwelijks bedwingen toen hij erop hamerde dat familie- en studentenfeesten, partijtjes en barbecues momenteel de belangrijkste besmettingshaarden van het virus zijn. Hoe gênant wil je het hebben? De gezondheid en levens van medeburgers worden geofferd op het altaar van een persoonlijk en collectief gekoesterde vrijheid, beleefd in... feesten en partijtjes. Niet zozeer serieuze zaken als vrijheid van meningsuiting, geloofs- of gewetensvrijheid blijken in het geding – voor al die dingen moeten we in de straten van Minsk (Wit-Rusland) en Hongkong zijn. Nee, in Nederland speelt bij het inperken van het coronavirus het afzien van feestjes een cruciale rol, maar precies dát is een lastige omdat het in de privésfeer gebeurt: een plek waar de overheid maar moeilijk bij kan vanwege wettelijk vastgelegde vrijheden. Achter hun met kratten gebarricadeerde bastions van persoonlijk en collectief beleefde vrijheid moeten burgers zelf kiezen voor inperking ervan en wel door het nemen van verantwoordelijkheid. Dat dit maar moeizaam gebeurt, geeft te denken. Akkoord, iedereen heeft na al die weken van afstand houden behoefte aan zulke vormen van toenadering, maar als dat de volksgezondheid in gevaar brengt, zou dat in een volwassen democratie als de Nederlandse toch probleemloos uitgesteld moeten kunnen worden?

Misschien wordt het tijd om die vijfde mei te gaan vieren rond een andere les uit die donkere bezettingsjaren: rond burgerlijke verantwoordelijkheid. Er zal dan wellicht wat minder gefeest en meer gebakkeleid gaan worden op die dag, maar dat is alleszins de moeite waard. Zeker zolang het coronavirus onder ons is en er levens kunnen worden gespaard met verantwoord gedrag.