Commentaar: CDA positioneert zich lijnrecht tegenover D66

CDA-leider Buma, beeld ANP, Robin Utrecht.

Het was beslist een goed idee van de redactie van weekblad Elsevier om in 2009 de H. J. Schoo-lezing in te stellen. Deze jaarlijkse voordracht, bedoeld als eerbetoon aan een voormalige hoofdredacteur, heeft sindsdien interessante betogen opgeleverd. Jawel, terecht klagen we in Nederland over de incidentgerichtheid van de politiek. Toch zien we hier, in de Schoo-lezing, dat politici wel degelijk in staat zijn tot diepgang en scherpe analyses.

Boeiend is het ook altijd om te zien tot welke nabeschouwingen de lezing leidt. Dat geldt ook voor vorige week, toen CDA-leider Buma op maandag de eer had zijn kijk op het leven en op de politiek uiteen te zetten.

Wat visten commentatoren er, tot in de zaterdagkranten toe, zoal uit? Vooral zijn conservatieve, op deugden en gemeenschapszins gebaseerde levensbeschouwing. En inderdaad, je moet wel ziende blind zijn om dat element in het betoog te missen. Volgens Buma bestaat het verwarring scheppende van onze tijd vooral hierin dat we, hoewel individuele vrijheid en gelijkheid enorm zijn toegenomen, onderweg iets wezenlijks zijn kwijtgeraakt, namelijk herkenbare gemeenschappen met hun vertrouwde identiteit en omgangsvormen. We moeten terug naar het besef dat er naast rechten ook plichten bestaan en naast vrijheid ook verantwoordelijkheid.

Toch zijn dít in de geschiedenis van het CDA geen nieuwe gedachten. Van Van Agt herinneren we ons zijn ”ethisch reveil” en leiders zoals De Hoop Scheffer en Balkenende sloegen op precies hetzelfde aambeeld. Wat wél op een zekere koerswending wijst, is Buma’s stelling dat „immigratie uit Afrika het evenwicht in Europa verstoort”, alsook zijn meeleven met die autochtone burgers die de multiculturele samenleving als bedreigend ervaren. Al zagen we ook van dit denken reeds aanzetten bij zijn voorganger Balkenende.

Mede door dergelijke accenten geeft Buma aan het hedendaagse CDA een uitgesproken conservatieve uitstraling. Dat heeft ten minste twee gevolgen. Het eerste is dat de partij met deze verschuiving naar rechts haar oude middenpositie in het politieke krachtenveld lijkt op te geven. Het tweede is dat deze krachtige positionering onmiskenbaar enige spanning oproept in het huidige formatieproces.

Nee, niet zo dat VVD, CDA, D66 en CU, die maandag onder leiding van Zalm ijverig verder vergaderen, nu gramstoriger bij elkaar zitten dan vóór de Schoo-lezing. Maar het valt evenmin te ontkennen dat Buma zich, door het CDA zo scherp te profileren, lijnrecht plaatst tegenover de ideologie van D66, de partij van wereldburgers die de luiken van Nederland juist wijd open willen zetten. Zal het samen gaan regeren van twee wereldbeschouwingen die zo hemelsbreed van elkaar verschillen, de komende jaren niet tot conflicten gaan leiden?

Afgelopen dinsdag trapten CU-leider Segers en SP-voorman Roemer op een bijeenkomst van de Machiavelli Stichting het nieuwe parlementaire jaar af. Daarbij maakte Roemer ten minste één opmerking die hout sneed. Het is niet erg om in een coalitie compromissen te sluiten, poneerde hij, mits je als coalitiepartijen globaal dezelfde richting op wilt. Als dat laatste gemist wordt, krijg je smakeloze en koersloze kabinetten. Het is een waarschuwing die de onderhandelende partijen zeker in hun oren mogen knopen.