Binnen kunnen blijven is een luxe

Corona
Gezondheidscheck bij een kerk in Lagos, Nigeria, vanwege het coronavirus. beeld AFP, Pius Utomi Ekpei

Het blijkt voor Nederlanders, en niet alleen voor hen overigens, nog lastig om in de strijd tegen het coronavirus anderhalve meter afstand tot elkaar te bewaren. Op sommige stranden was het zaterdag zo druk dat het wel „de Kalverstraat” leek, zoals een inwoner van een kustplaats het snedig verwoordde. Afsluiting van wegen en parkeerplaatsen was nodig om een herhaling van het scenario op zondag te voorkomen.

Het is goed voor te stellen dat mensen met het mooie weer even naar buiten willen, zeker wanneer ze al een week lang met elkaar binnen hebben gezeten. De autoriteiten hebben er ook ruimte voor gelaten, maar uiteraard niet met de bedoeling dat het filelopen zou worden op stranden en in sommige bossen. Het devies werd dus: Blijf alsjeblieft binnen en ga lekker Rummikub met elkaar spelen.

Dat het goed is om dergelijke waarschuwingen ter harte te nemen, behoeft geen betoog. De tragische verhalen uit bijvoorbeeld delen van Noord-Italië, waar het virus zijn duizenden verslaat, spreken boekdelen.

In zekere zin is het luxe dat we binnen kunnen blijven, zonder dat ons levensonderhoud in gevaar komt. In deze krant stond vorige week een reportage vanuit Colombia, waar straatverkopers de wanhoop nabij zijn nu hen een straatverbod boven het hoofd hangt. Ze zijn voor hun levensonderhoud volstrekt afhankelijk van de informele economie.

Dat maakt het scenario van een grote uitbraak in soortgelijke landen, zoals in Afrika, al even zorgelijk. In Afrika zijn nu ruim duizend gevallen van het coronavirus geregistreerd, meest in landen als Egypte, Algerije en Zuid-Afrika. Maar ook in het hart van het continent beginnen de cijfers op te lopen, waarbij de registraties vermoedelijk ver achterlopen op het werkelijke aantal.

De gevolgen van een mogelijke uitbraak zijn moeilijk te overzien. De gemiddelde leeftijd in Afrika ligt aanmerkelijk lager dan in Europa, wat de sterftecijfers zou kunnen drukken.

Maar daartegenover staat dat er in Afrika veel minder artsen per duizend inwoners beschikbaar zijn. In een land als Burkina Faso, met inmiddels tientallen geregistreerde gevallen van corona, is er één arts per 15.000 inwoners actief, tegenover bijvoorbeeld 50 in Frankrijk.

Daarbij komt dat in verschillende Afrikaanse landen de autoriteiten al te kampen hebben met andere epidemieën, zoals met het ebolavirus in Congo en lassakoorts in Nigeria.

Het grootste probleem is echter hoe mensen afstand tot elkaar kunnen behouden en hoe ze zonder de straat kunnen overleven. Dat wij de vrijheid hebben de straat zoveel mogelijk te mijden, kunnen we daarom niet genoeg waarderen. Daarnaast is het zaak oog te houden voor onze verre naasten in nog moeilijker omstandigheden dan velen van ons nu.