Bijbel is geen wijsheidsboek, maar Boek waarin God Zichzelf openbaart

beeld RD, Henk Visscher

Leraren in het christelijk onderwijs worstelen regelmatig met desinteresse van leerlingen in de Bijbel. Ze missen vaardigheden om het gesprek met leerlingen over de Bijbel te voeren. Dat blijkt uit onderzoek van de Protestantse Theologische Universiteit en de Christelijke Hogeschool Ede, uitgevoerd in opdracht van belangenvereniging Verus, op zes protestants-christelijke basisscholen en zes middelbare scholen.

Veel ondervraagde leraren ervaren het als een probleem dat leerlingen de relevantie van de Bijbel niet bij voorbaat inzien. Op sommige scholen hebben docenten het gevoel dat ze niet alles meer kunnen zeggen, doordat collega’s en leerlingen niets meer met de Bijbel hebben en hun overtuigingen niet delen. Een waarheidsclaim op grond van de Bijbel wordt soms zelfs als „indoctrinatie” gezien. Leraren geven ook aan dat ze vaardigheden missen om het gesprek met leerlingen te voeren.

Het onderzoek werd maandag in het tv-programma Nieuwsuur uitvoerig besproken. Sommige docenten die aan het woord kwamen, gaven aan dat de Bijbel niet zozeer gezien moet worden als een geloofsboek, maar meer als een boek waarin veel wijsheid staat.

Hoewel daar geen onderzoek naar gedaan is, mag je aannemen dat de uitkomsten van het onderzoek anders waren geweest als er ook reformatorische scholen bij waren betrokken. Ouders die zelf niet christelijk zijn, kiezen namelijk voor hun kinderen toch nog vaak voor een ‘gewone’ christelijke school. Soms omdat ze willen dat hun kinderen meer kennis krijgen van het christelijk geloof, maar niet minder vaak omdat ze de desbetreffende school goed vinden of omdat de school makkelijker te bereiken is. Op reformatorische scholen worden alleen kinderen van reformatorischen huize aangenomen.

Niet vergeten mag worden dat er ook op gewone christelijke scholen tal van leraren zijn die zich met hart en ziel inzetten voor christelijk onderwijs in de eigenlijke betekenis van het woord. Daarbij is het ook zo dat juist de christelijke scholen vaak de enige plek zijn waar leerlingen die van huis uit niet echt christelijk zijn opgevoed, nog met de Bijbel worden geconfronteerd. Niet voor niets werden veel protestants-christelijke basisscholen vroeger ”School met den Bijbel” genoemd. En de Bijbel werd dan niet gezien als een wijsheidsboek, maar als een Boek waarin God Zichzelf openbaart. De Bijbel als Gods Woord. Een Woord waarin gesproken wordt over zonde en over genade en verzoening die er is door Jezus Christus.

Als de Bijbel wordt gedegradeerd tot een gids die bezoekers van het Rijksmuseum duidelijk moet maken waarom Rembrandt bepaalde taferelen schilderde, is het niet vreemd als jongeren de Bijbel zelf ook als een museumstuk gaan zien.

Hoezeer de Bijbel óók een wijsheidsboek is en een boek van grote literaire waarde, het is allereerst de Heilige Schrift, die wijs kan maken tot zaligheid, „door het geloof, hetwelk in Christus Jezus is”, zoals Paulus schrijft aan Timotheüs. Waar dat vergeten wordt, zal de Bijbel uiteindelijk ongebruikt tussen andere, verouderde cultuurgidsen belanden.