Bijbelboek Kronieken geeft inzicht in betekenis psalmen

Het is wonderlijk dat God vroeger sprak door de psalmen en dat Hij dat nog steeds doet. Foto: interieur Grote kerk Tholen. beeld RD, Anton Dommerholt
2

Wie zijn de auteurs van de psalmen en hoe was hun relatie met God? Het is opmerkelijk dat het Bijbelboek Kronieken daarin inzicht geeft. Daar wordt verschillende malen een verbinding gelegd tussen het maken van muziek en profeteren.

Asaf, Heman en Jeduthun (Ethan) worden omschreven als mensen die „profeteerden onder het spel van harpen, luiten en cimbalen” (1 Kronieken 25:1). Dit werkwoord ”profeteren” wordt in de volgende verzen bij Asaf en Jeduthun herhaald, waarbij het verduidelijkt wordt door „onder het loven en prijzen van de HEERE”. Van Heman staat vermeld dat hij „de ziener van de koning” was (vers 6). Het woord ”ziener” wordt elders gelijkgesteld aan ”profeet”.

Bedoelt de schrijver dat alleen de genoemde drie personen profeten waren, of dat het ook van hun zoons, en dus van alle volleerde zangers geldt? Vermoedelijk het laatste, want de auteur gebruikt ”loven” en ”prijzen” als een parallelle uitdrukking. Profeteren kan in een brede zin opgevat worden als het spreken van God in een specifieke situatie. De priesters en levieten hebben als taak het volk te onderwijzen. Het is goed voor te stellen dat het onderwijzen ook via de muziek plaatsvindt, omdat allerlei psalmen leerdichten zijn. Dan kan profeteren betrekking hebben op zowel het maken van liederen als de uitvoering ervan.

Muzikale eredienst

In het boek Kronieken wordt David genoemd als de man die de zangdienst van de levieten geregeld heeft. Wanneer de ark haar rustplaats gevonden heeft, stelt hij zangers aan voor de tabernakel, totdat Salomo de tempel bouwt. Asaf krijgt een taak bij de ark in Jeruzalem; Heman en Jeduthun hebben hun taak te vervullen bij de tabernakel in Gibeon (1 Kronieken 16:37-43).

In totaal waren er 4000 levieten voor zang en spel op instrumenten; van hen waren er 288 volleerde zangers (1 Kronieken 23:5; 25:7). In de 24 afdelingen die om beurten dienst deden bij het heiligdom waren er op deze wijze steeds twaalf volleerde zangers aanwezig.

De tempelzang hoort bij de offers en door de inhoud van de liederen worden de verzoening en de relatie met God door de muziek benadrukt. De zangers proclameren Gods daden, fungeren als profeten, bemiddelen tussen volk en God, roepen Gods aanwezigheid op, beantwoorden die en mengen zich met hun gezang in de strijd tegen Gods vijanden. Zo geeft het boek Kronieken ons zicht op de muzikale eredienst in Israël.

J. S. Bach

Laten wij even een historisch uitstapje maken naar de bekende componist J. S. Bach (1685-1750). Bij 1 Kronieken 28:21 noteerde hij in zijn Bijbel: „Een heerlijk bewijs, dat naast andere inrichtingen van de godsdienst, in het bijzonder ook de muziek door Gods Geest door middel van David mede geordend is.” En bij 1 Kronieken 25: „Dit hoofdstuk is het ware fundament van alle kerkmuziek die God welgevallig is.” Bij 2 Kronieken 5:13, waar het gaat over de komst van de ark in de tempel, begeleid door veel muziek, staat genoteerd: „Bij een eerbiedige muziek is te allen tijde God met Zijn genade tegenwoordig.”

Uit deze voorbeelden wordt duidelijk dat Bach de gegevens van het Oude Testament met betrekking tot de invulling van de eredienst van groot belang achtte voor de kerk.

Hoe zingen wij psalmen?

Het bovenstaande maakt duidelijk dat God de psalmen geïnspireerd heeft. Dat brengt ons op de vraag hoe de liederen in Israël van duizenden jaren geleden voor ons bruikbaar zijn. Bij het beantwoorden van die vraag is het wenselijk onderscheid te maken tussen verschillende niveaus van interpretatie.

1. De eerste benadering zoekt vooral naar de auteur van het lied en naar de persoonlijke situatie waarin hij verkeerde. Vooral bij David is dit mogelijk. We lezen in de opschriften van de psalmen over zijn vlucht voor Absalom (Psalm 3) en over redding uit de hand van Saul (Psalm 18).

2. Toch mogen we niet blijven steken in de analyse van de omstandigheden van de dichter, want de liederen werden geaccepteerd in het heiligdom, om daar gezongen te worden. Door dit collectieve gebruik raakt de dichter op de achtergrond. Zijn ervaringen kunnen het hart van de hoorders in Israël raken vanwege de inhoudelijke herkenning.

3. Er is een derde niveau waarop wij de psalmen kunnen benaderen, en dat is hun plaats in het boek Psalmen. Dat onderwerp laat ik rusten.

Hallel

4. Voor ons als christenen is het belangrijk dat de psalmen in het Nieuwe Testament functioneren en dat Jezus ze gezongen heeft. Nadat de Heiland gesproken heeft over het bloed van het nieuwe verbond en over het drinken van wijn in het Koninkrijk van Zijn Vader, staat er: „En toen zij de lofzang gezongen hadden, vertrokken zij naar de Olijfberg” (Mattheüs 26:27-29). Nadat bij de tweede beker het eerste deel van het Hallel werd gezongen (Psalm 113-114), werd aan het eind van de Paschamaaltijd het tweede deel gezongen (Psalm 115-118). Psalm 118 bevat veel zinnen die later zijn opgenomen in de boodschap van Jezus. Meermalen heeft Christus psalmen geciteerd, zoals Psalm 110 over het zitten aan Gods rechterhand, en Psalm 22:1: „Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten?”

Deze liederen heeft Hij doorleefd en als Middelaar heeft Hij de relatie van mensen met God mogelijk gemaakt. Daarbij is van groot belang dat het Evangelie ook aan de volken verkondigd mag worden. De volken die „vreemdelingen wat betreft de verbonden van de belofte” waren, mogen weten dat de scheidmuur afgebroken is (Efeze 2). Dit betekent dat christenen de psalmen met Israël mee mogen zingen. Het is waar dat allerlei omstandigheden veranderd zijn, en dat wij niet in het land Kanaän wonen, maar de geloofsbasis is gemeenschappelijk. Als christenen zingen over de offers die gebracht worden, denken zij niet aan de offerdienst in de tempel, maar aan het grote offer dat door Jezus Christus gebracht is.

Stem van God

5. Er is nog een vijfde niveau. Dat is de manier waarop wij persoonlijk de psalmen zingen en beleven. Het zijn veelal bekende regels, die ons aanspreken en die wij kunnen gebruiken om onze eigen gevoelens te vertolken. Wij identificeren ons dan met de dichter, hoewel er een grote kloof is in tijd en cultuur. Zo kunnen wij Psalm 103 en Psalm 116 zingen in een avondmaalsdienst, hoewel dat sacrament niet genoemd wordt. Omdat bij ons de psalmen berijmd zijn, is die versie vaak bekender dan de Bijbeltekst. Bij allerlei gelegenheden kunnen ons psalmregels te binnen schieten. Soms gebeurt dat met zoveel kracht, dat hierin de stem van God ervaren wordt. Hij bepaalt ons bij zaken die op dat moment van groot belang zijn. Daarin kunnen we uitspraken intenser en persoonlijker beleven dan anderen die ervaren. Het is wonderlijk dat God vroeger sprak door de psalmen en dat Hij dat nog steeds doet!

De auteur doceert Oude Testament aan de Evangelische Theologische Faculteit in Leuven en de Christelijke Hogeschool Ede en is eindredacteur Studiebijbel Oude Testament. Dit artikel is het eerste van twee artikelen die zijn gebaseerd op zijn Ankerlezing in Gouda (11 februari) en Voorthuizen (14 februari). Volgende week volgt deel 2.