ZomerAgenda orgelconcerten verschijnt in 2020 niet

De jaarlijkse ZomerAgenda van de Koninklijke Vereniging van Organisten en Kerkmusici (KVOK) verschijnt dit jaar niet.

Dat meldt het KVOK-bestuur in het nieuwste nummer van de digitale nieuwsbrief NotaBene.

In de ZomerAgenda wordt altijd het grote aanbod aan orgelconcerten in de zomermaanden inzichtelijk gemaakt. „De coronacrisis maakt dat het vooralsnog volstrekt onduidelijk is of er deze zomer überhaupt concerten gegeven kunnen worden”, aldus het KVOK-bestuur. „Deze onzekerheid maakt dat organisaties en bedrijven bijzonder terughoudend zijn om concertaankondigingen en advertenties in de ZomerAgenda te plaatsen. Daardoor zou de uitgave van de agenda een te groot financieel risico zijn voor de vereniging.”

Op de website van het KVOK-blad Het Orgel staan de concerten wel vermeld. Daar kunnen ze ook opgegeven worden. „Wanneer in de komende maanden weer concerten mogelijk zijn, zullen ze ook in NotaBene weer opgenomen worden”, aldus het bericht.

Organisten in coronacrisis

Dr. Jan Smelik, een van de eindredacteuren van NotaBene, besteedt in het nieuwste nummer aandacht aan de impact die de coronacrisis heeft voor de organistenwereld. Hij legde daarvoor zo’n vijftig (beroeps)organisten per mail een aantal vragen voor.

Daaruit blijkt onder andere dat de „verdigitalisering van de orgelcultuur” door de crisis een hoge vlucht heeft genomen. „Digitale middelen en media werden ingezet voor concerten, in lespraktijken en voor kerkelijke vieringen.”

Het livestreamen van concerten, waarmee een aantal organisten actief werd, is volgens Smelik niet aan alle (vak)organisten besteed. „Sommigen missen teveel het live horen van het instrument en de entourage van kerk of concertzaal. Anderen vinden de geluidskwaliteit te slecht of benadrukken dat streams alleen overtuigen wanneer gezorgd wordt voor professionele video- en audio-opname.”

Veel orgeldocenten zijn overgestapt op het digitaal lesgeven, zo blijkt uit de rondgang. Met wisselende ervaringen. Sommigen zijn in de kerk wel individuele lessen blijven geven, met inachtneming van de RIVM-maatregelen. Eén docent meldt dat hij, om voldoende afstand te kunnen houden, met een verrekijkertje werkt, om de bladmuziek die hij zelf niet bezit, te kunnen meelezen op de lessenaar.

De tijd die vrijgekomen is besteden veel organisten voor het instuderen van nieuw repertoire, of voor het maken van composities.

Financieel lijden de meeste ondervraagde musici de nodige schade, de een meer dan de ander. „De ene organist meldt een enorm omzetverlies (85 procent, duizenden euro’s aan gemiste inkomsten), terwijl de ander minder financiële tegenslagen heeft”, schrijft Smelik. „Een organist schreef dat hij genoodzaakt is werk te zoeken buiten het muziekvak. Voor anderen is (tijdelijke) vermindering van inkomsten op te vangen doordat zij bijvoorbeeld aan een onderwijsinstelling of kerk een vaste aanstelling hebben voor een x-aantal uren, en daardoor in elk geval niet helemaal zonder centjes komen te zitten.”

De organisten die onlineconcerten geven krijgen nog wat inkomsten via de doneerknop waarmee de luisteraars een bedrag kunnen overmaken. „Soms is er een opbrengst van 800 tot 1000 euro. Anderen meldden dat er wel door 500 of meer mensen naar (een deel van) het concert geluisterd wordt, maar dat slechts weinigen daarvan geld overmaken. Helemaal bij concerten waaraan meerdere organisten meewerken, is er dan sprake van zware onderbetaling van de concertgevers”, aldus Smelik.

Vanwege deze situatie doet de auteur een oproep tot steun. „In diverse steden en dorpen wordt de bevolking opgeroepen de plaatselijke middenstand te steunen door bij hen boodschappen te doen. Een soortgelijke steunoproep zou ik willen doen voor organisten die door concerteren, lesgeven en/of het spelen van kerkelijke vieringen in hun levensonderhoud moeten voorzien. In onze maatschappij hebben we de neiging snel naar de overheid te kijken wanneer het gaat om het financieel ondersteunen van ondernemers en zzp’ers die in economisch zwaar weer verkeren. Nu laat ik hier maar rusten dat de overheid het belang van de culturele sector voor de maatschappij hooguit zuinigjes belijdt met de mond –woorden kosten toch geen cent– maar door haar financiële daden eerder blijk geeft van een schaamteloos ‘cultuur-zal-me-worst-zijn’-mentaliteit. Het is te hopen dat kerken vreemd zijn aan een dergelijke mentaliteit wanneer het gaat om de kerkmuziek. Laten kerken die in normale tijden een kerkmusicus als zzp’er inschakelen en betalen, hem/haar in deze crisistijd doorbetalen. Dat helpt ongetwijfeld mee dat die organist minder sterk afhankelijk wordt van overheidssteun of zelfs van financiële steun van familie en vrienden. Hopelijk handelen orgelleerlingen op dezelfde wijze.”

Voor de onlineconcerten geldt wat Smelik betreft hetzelfde. „Wanneer de mogelijkheid er is met iDeal of Paypal een geldbedrag te betalen voor het beluisteren van het livestreamconcert, mogen luisteraars zich wat mij betreft daartoe best moreel verplicht voelen. Solidariteit kan de orgelcultuur alleen maar verrijken.”