Violist Martin de Deugd telt z’n zegeningen na ongeval

Martin de Deugd. Beeld Niek Stam Niek Stam

Als gevolg van een ongelukkige val met de fiets werd zijn rechterelleboog verbrijzeld. Met één klap kwam er een einde aan de grote passie van Martin de Deugd: vioolspelen. Twee operaties volgden. Donderdag 15 januari moet de musicus voor de derde keer onder het mes. „Ondanks alle narigheid ben ik een dankbaar mens.”

Zijn woonkamer in de Amsterdamse wijk Oud-Zuid is een klein museum met muziek­instrumenten. Van een soort banjo op de schoorsteen tot een harp in de hoek. „Er is niets heerlijkers dan jezelf te omringen met instrumenten”, glimlacht De Deugd, die leeft van de muziek.

Intussen ligt zijn viool –een zeldzaam Belgisch exemplaar uit 1928 dat hij ooit voor een habbekrats kocht, maar na taxatie veel meer waard bleek te zijn– al maanden werkeloos in de koffer. Voorheen speelde de musicus, bekend van zijn medewerking aan het EO-tv-programma ”Nederland zingt” en aan koorconcerten in reformatorische kring, er dagelijks vele uren op. Maar die tijd is voorlopig voorbij.

Het leven van De Deugd (50) splitst zich in tweeën: voor het ongeval, na het ongeval. Hij herinnert zich de dramatische gebeurtenis op de donderdag voor Pasen afgelopen jaar gedetailleerd. „Ik had ’s avonds een concert in Waddinxveen. ’s Middags dacht ik: Ik ga nog snel even heen en weer op de fiets naar de binnenstad om een boodschap te doen. Op de terugweg moest ik uitwijken voor een auto uit een zijstraat. Ik had flink de vaart erin, gaf een ruk aan het stuur en werd een meter of zes gelanceerd. Een angst­aanjagend moment. Stuiterend kwam ik op het asfalt terecht. Ik voelde direct dat het mis was met m’n elleboog.”

Vijf Marokkaanse vrouwen ontfermden zich over het slachtoffer. „Dat was mooi om mee te maken”, reageert De Deugd. „Zo’n ervaring ontzenuwt de vooroordelen die je tegenwoordig zo vaak hoort. Ik ben de dames heel dankbaar. Iemand belde de ambulance. Door de telefoon moest ik m’n burgerservicenummer zeggen. Dat lukte; ik ken het uit m’n hoofd. Dat bleek achteraf niet zo’n goede zet. Ik had beter verward kunnen doen, want dan krijgt de ambulance een spoedmelding. Bijna drie kwartier heb ik op de ‘plaats delict’ gelegen. Vrij zuur, maar achteraf geen verloren tijd. Ik kon nadenken. Wat is mij over­komen? Kan ik ooit nog vioolspelen? Wonder­lijk genoeg kwam er een soort berusting vanbinnen.”

Veel heeft De Deugd nagedacht over de vraag hoe dat kon. Hij denkt het antwoord inmiddels te weten. „Twee jaar eerder had ik mijn enkel gebroken. Daar ben ik drie keer aan geopereerd. Ik was boos, opstandig, cynisch, teleurgesteld. Dat medische leed heb ik nooit kunnen accepteren. Achteraf zeg ik: Het was de generale repetitie voor wat mij afgelopen jaar overkwam. Ik hoefde dat proces niet opnieuw door te maken. Ik was éven impulsief boos en dacht: Vanavond moet ik spelen! Maar al snel voelde ik: als dit mijn situatie is, dan kan ik maar het beste proberen er positief in te staan en zo veel mogelijk meewerken aan mijn herstel.”

De Deugd belandde in het ziekenhuis. Zijn rechterelleboog bleek verbrijzeld. „Als gevolg van ernstige botontkalking is er bij mij eerder iets verbrijzeld dan gebroken.” De musicus werd twee keer geopereerd. „In het ziekenhuis riep ik dat ik violist ben –niet een van de straathoek, maar een échte– en dat ze alles op alles moesten zetten om mij te laten genezen. Normaal gesproken zou ik zoiets nooit zeggen, want ik heb een hekel aan onbescheidenheid, maar ik móést het zeggen. De chirurg reageerde: „Het zou een heel stuk makkelijker zijn om uw arm boven de breuk af te zetten.” Gelukkig is dat niet gebeurd.”

Kaarten

Als een lopend vuurtje ging het ongeval door de christelijke muziekwereld. De Deugd, zichtbaar verwonderd: „Ik heb meer dan duizend beterschapskaarten gekregen; uit het hele land. Ik wist niet dat zo veel mensen mij kennen.”

Maandenlang raakte de violist, verbonden aan verschillende professionele orkesten, zijn instrument nauwelijks aan. De laatste tijd probeert hij wat vaker te spelen. „M’n viool ligt altijd klaar, voor het geval ik het niet meer houd. Het spelen voelt nog niet prettig, maar tot mijn eigen verbazing is de klank weer zoals ik gewend was. Ik kan alleen niet lang spelen, want m’n rechterarm wordt dik.” Hij stroopt z’n mouw op. „Hier, het bewijs. Die verdikkingen, dat zijn platen en schroeven. Ik voel ze zitten. Ik kan deze arm niet volledig strekken; ik kom 10 centimeter tekort. Dat geeft beperkingen tijdens het spelen.”

Voorlopig zal De Deugd niet op het concertpodium staan. „Mijn elleboog geneest niet goed. Als ik er niks aan laat doen, gaan de platen scheuren en breken en heb ik straks twee ellebogen, zegt de chirurg. Daar word ik niet vrolijk van. Dus ik moet weer onder het mes. Ik reken op een revalidatieperiode van zo’n elf maanden. Naar verwachting zal ik heel 2015 nog thuiszitten.”

Van verveling heeft De Deugd geen last. „Mijn dagen vullen zich vanzelf. Ik ga drie keer per week naar fysiotherapie en fitness. Alles duurt natuurlijk een stuk langer met slechts één gezonde arm. Toen ik na de operatie voor het eerst terug moest naar de chirurg, dacht ik: Ik trek m’n pak aan, want ik ben die man dankbaar. Dat heb ik geweten. Ik ben 2,5 uur bezig geweest om mezelf aan te kleden. Afgelopen maanden heb ik ook enorm genoten van de rust; daar was ik aan toe.”

Komt De Deugd ooit weer terug als concertviolist? „Ik heb die overtuiging wel. Het is mijn eerste doel waar ik aan werk. Een paar weken geleden was ik bij een concert met werken van Prokofjev in de Stopera in Amsterdam. Dat was 2,5 uur muziek van de bovenste plank. Of ik dat nog weer ga redden, weet ik niet. Sowieso weet ik niet of ik in een orkest zal terugkeren. Vanwege bezuinigingen vragen orkesten liever een jonge meid van 23 die net klaar is met haar opleiding, dan een ervaren man van 50.”

Het ongeval heeft De Deugd veranderd. „Behoorlijk zelfs. Mijn leven was werken, werken, werken. Sinds m’n zesde hoorde ik: je moet studeren. Na het ongeval heeft muziek een andere plaats in mijn leven gekregen. Ik ga veel wandelen en geniet daar erg van. Vorige maand heb ik voor het eerst Kerst gevierd met mijn familie. Eerder had ik daar geen tijd voor. Ik breng bezoekjes aan deze en gene. En ik ervaar: de beste genezing is een bezoekje aan een andere zieke. Je herkent elkaar. Door te luisteren naar de verhalen van anderen leer ik mijn eigen zorgen relativeren.”

Reflex

Het ongeval had veel erger kunnen aflopen; daar is de musicus van overtuigd. „Toen ik 6 meter werd gelanceerd, heb ik met mijn arm m’n gezicht beschermd. Niet omdat ik zo knap ben, maar in een reflex. Daardoor is weliswaar mijn elleboog verbrijzeld, maar m’n gezicht gespaard gebleven. Goed beschouwd had ik dood kunnen zijn. Ik heb dus alle reden voor dankbaarheid. Tel uw zegeningen, zeg ik tegen mezelf.”

Moeilijke momenten zijn er ook, zegt De Deugd eerlijk. „Als ik op Facebook zie dat collega’s mooie concerten geven, doet dat zeer. Dan wil ik meedoen. Maar mijn basisgedachte is toch dankbaarheid. Als dit de prijs is die ik moet betalen om te blijven leven, dan valt het mee. Geduld is de bereidheid om te lijden. Ik wil niet verzanden in geklaag. Ik voel me een gezegend man dat ik genezen mag. Veel zieken is dat niet gegeven. Die zijn aan het afscheid nemen.”

Zelfs al zou de violist nooit meer kunnen spelen, dan heeft hij nog geen reden om „sikkeneurig” te zijn, vindt hij zelf. „Voor een bescheiden violist heb ik alle krentjes uit de pap meegepikt. Natuurlijk hoop ik de draad weer op te pakken. Als dat lukt, zal mijn muzikale drijfveer alleen maar sterker zijn. Ik zal nog meer de inspiratie uit het contact met de mensen halen in plaats van uit de noten. Wat mij is overkomen, is geen dom ongeval. Het is van Boven geleid. Ik heb ervan geleerd dat er meer is dan muziek. En dat het leven ontzettend mooi is, ook als de zon niet schijnt. Er is altijd iets om dankbaar voor te zijn.”