Middeleeuwse gebedsdienst Grote Kerk Goes herleeft

Het Onze Vader (”Pater noster”) neemt in de middeleeuwse liturgie een grote plaats in. Het missaal –gebedsboek– biedt diverse varianten, al naargelang de gelegenheid muzikaal rijker of juist soberder. Op deze bladzijden van een van de Goese missalen staan drie versies naast elkaar. Links de variant voor de hoogfeesten, zoals Pasen en Kerstmis. Op de rechterbladzijde de muziek voor de versie voor de gewone feestdagen, zoals de zondag. Halverwege de laatste kolom begint de muziek van het Onze Vader zoals dat volgens het dagelijks rooster de hele week door klinkt. Alle drie de varianten zijn door de Maria Magdalenacantorij ingezongen en te beluisteren in de expositie. beeld Grote of Maria Magdalenakerk Goes
5

Sinds de Reformatie klinken in de Grote of Maria Magdalenakerk in Goes de psalmen, gezongen door de gemeente. Maar wat gebeurde er daarvóór op muzikaal gebied? Een expositie laat iets zien van lied en liturgie van vijf eeuwen geleden.

Rutger Valentijn Mauritz is dolblij dat de expositie tóch van start kan gaan. Weliswaar zonder feestelijke opening – die zou deze vrijdag plaatsvinden, maar moest worden afgelast wegens de coronamaatregelen.

De panelen waar Mauritz en anderen zo hard aan gewerkt hebben, waren echter klaar. Die worden dezer dagen dus gewoon neergezet in de 15e-eeuwse Grote of Maria Magdalenakerk. Wie vanaf komende dinsdag het middaggebed bijwoont, kan vervolgens de expositie over de verborgen schatten gaan bezichtigen.

Dat middaggebed en die expositie hebben alles met elkaar te maken, stelt Mauritz, die sinds vier jaar als cantor aan de Grote of Maria Magdalenakerk is verbonden. Vóór de Reformatie in 1578 vormde in dit godshuis het getijdengebed de rode draad door de dag, de week en het jaar. Een speciaal Instituut van de Zeven Getijden –een groep priesters en kapelaans uit Goes en omliggende dorpen– moest elke dag op de ‘gezette tijden’ de gebedsuren onderhouden.

Iets van die getijdengebeden willen de Stichting Grote of Maria Magdalenakerk en de protestantse gemeente Goes weer terugbrengen in de eeuwenoude kerk. Daarom is er tot het eind van dit jaar iedere dinsdag –marktdag– een middaggebed met Schriftlezing, zang en gebed. „Van de stad, voor de stad”, zegt Mauritz. „We beginnen klein. Als de behoefte groeit, kunnen we in de zomer misschien naar meer middaggebeden; naast de vesperdiensten op zondagmiddag in advent en de periode van de lijdenstijd tot Pinksteren.”

Afspiegeling

Het nieuwe dinsdagse middaggebed is een flauwe afspiegeling van wat er vijf eeuwen terug in de aan Maria Magdalena gewijde kerk dagelijks plaatsvond, zo laat de expositie zien. Aan de hand van koorboeken die ter plaatse werden gebruikt, is namelijk een fraai beeld geschetst van de liturgische praktijk van destijds.

De koorboeken behoorden jarenlang tot de collectie van het Historisch Museum De Bevelanden. Maar ze bleken eigendom te zijn van de gemeente Goes. Daarom worden ze nu in het gemeentearchief bewaard. Samen met oud-gemeentearchivaris Allie Barth bekeek Mauritz de meer dan 500 jaar oude boeken: drie handgeschreven gebedenboeken (missalen) uit de 14e eeuw, en twee gedrukte stemboekjes voor koorleden uit de 16e eeuw. „Eigenlijk wachten ze op restauratie; drie exemplaren zijn in slechte conditie. Het fotograferen was dan ook spannend: je wilt ze niet stuk maken.”

De foto’s brengen de koorboeken dicht bij de mensen van nu. „Ze behoren niet alleen tot het materieel erfgoed van de kerk, maar ook tot het klinkend immaterieel erfgoed”, zegt Mauritz. „Ze zijn onderdeel van de schatten van dit gebouw. Als je de muziek weer gaat zingen, komt het verleden tot klinken.”

Hij herinnert zich hoe hij op Witte Donderdag, april dit jaar, midden in de lockdown, met een paar zangers een stuk uit een van de boeken opvoerde. Muziek over het Lam Gods (”Agnus Dei”). „We konden geen avondmaal vieren, maar er klonk wel muziek van eeuwen geleden, tegen de verdrukking in. Heel bijzonder.”

Versierd

In de drie handgeschreven missalen –prachtig versierd– staat de liturgie voor verschillende soorten missen: van de eerste zondag van advent tot de laatste zondag van het kerkelijk jaar. In de twee gedrukte stemboekjes –uitgegeven in Antwerpen– staat meerstemmige muziek van tamelijk onbekende componisten als Jean Richafort, Lupus Hellinck en Thomas Crecquillon. Mauritz: „Richafort was bijvoorbeeld een leerling van de beroemde Josquin des Prez. Het is muziek uit de renaissance, in de stijl van de Noord-Franse polyfonie.”

Met de Maria Magdalenacantorij heeft Mauritz een aantal stukken uitgevoerd en opgenomen. Wie langs de expositie loopt, kan met z’n smartphone een code scannen en hoort vervolgens de muziek die is afgebeeld.

Die uitvoering was nog niet zo eenvoudig, zegt Mauritz. „Hoe zing je vanuit dat oude muziekschrift? Hoe spreek je het 15e-eeuwse Latijn uit? Dat is nog niet zo eenvoudig. Ik ben ervoor in de leer gegaan bij onder anderen Peter de Groot, die een project heeft gedaan rond de beroemde Leidse Koorboeken. Bij de uitvoering en opname ben ik geholpen door Ján Janovčík, gespecialiseerd in gregoriaanse muziek.”

Schoonheid

De Reformatie maakte in 1578 een einde aan de dagelijkse vieringen in de Grote of Maria Magdalenakerk. De kerk kwam in handen van de gereformeerden, het Instituut van de Zeven Getijden werd ontbonden, de koorboeken werden ergens opgeborgen.

Hoe kijkt Mauritz, die een reformatorische achtergrond heeft, aan tegen die episode uit de geschiedenis? „Ik zeg niet dat 1578 een rampjaar was. Als macht gecorrumpeerd is, zoals destijds in de Rooms-Katholieke Kerk, is het goed als er verandering komt. Als revolutie echter tot vernielingen leidt, lijkt me dat niet goed. Dat is hier in Goes trouwens niet gebeurd. De roomse geestelijkheid moest gewoon op een afgesproken moment het kerkgebouw ontruimd hebben.”

Mauritz weet dat de reformatoren fulmineerden tegen de roomse getijdengebeden. „Luther hekelde die gebedsdiensten; hij vond steeds maar terugkerende ritueel afstompend.” Zelf denkt de musicus er genuanceerder over. „Ik ervaar juist steeds meer schoonheid in deze gebedsdiensten.”

Met allerlei roomse elementen als de Mariaverering die in sommige missen naar voren komt, heeft Mauritz niet zoveel. „Het gaat mij niet zozeer om de dogmatische inhoud, maar om de sacrale ervaring bij het beluisteren van deze muziek; die brengt mij tot devotie. Bij de anglicanen en de luthersen is in de tijd van de Reformatie meer plek voor de schoonheid van muziek en rites overgebleven. Ik ben van mening dat de gereformeerden op dit punt met het badwater ook het kind hebben weggegooid.”

Gebedshuis

Iets van die schoonheid wil de Grote of Maria Magdalenakerk weer tot uitdrukking brengen in de gebedsdiensten. Mauritz: „Deze kerk is altijd een gebedshuis geweest. Dat vertellen de (graf)stenen, de ramen en juist ook deze middeleeuwse koorboeken. Het gebed is nog altijd de essentie van dit gebouw. Daarom willen we er ook nu zijn voor mensen die op zoek zijn naar God, of onderdak zoeken in deze moeilijke tijden.”

De permanente expositie ”De verborgen schatten van de Grote of Maria Magdalenakerk” is vanaf dinsdag 20 oktober te bezichtigen. De kerk is momenteel alleen op dinsdagmiddag gratis geopend voor publiek.