Gezamenlijk onderzoek PThU en Oxford naar populariteit evensong

Hanna Rijken. beeld RD, Henk Visscher

In een nieuw project gaan de Protestantse Theologische Universiteit (PThU) en Oxford University gezamenlijk de populariteit en beleving van de evensong in zowel Nederland als Engeland onderzoeken.

Dat meldde de PThU onlangs. Het gezamenlijke programma is een vervolg op het onderzoek dat theoloog en musicus dr. Hanna Rijken de achterliggende jaren deed. Zij promoveerde in 2017 aan de PThU op een proefschrift over de toe-eigening van de Choral Evensong in Nederland.

2017-12-07-kpMUZ14-rijken1-5-FC-V_webHanna Rijken: geraakt door de anglicaanse liturgie

De studie van Rijken trok de aandacht van Kathryn King, die als onderzoeker verbonden is aan Oxford University in Engeland. In het nieuwe project trekken Rijken en King samen op.

Rijken: „Het is bijzonder en uniek dat het onderzoek naar de beleving van de Choral Evensong in Nederland nu parallel wordt uitgevoerd in Engeland door collega’s van Oxford University. Fantastisch om het onderzoek internationaal uit te voeren!”

In Nederland is de laatste twintig jaar de belangstelling voor Choral Evensongs toegenomen. Steeds meer kerken organiseren dergelijke vieringen en steeds meer Nederlandse koren zingen een anglicaanse liturgie met hymns, gezongen gebeden, psalmchants en lofzangen.

Ook in Engeland, de bakermat van de evensong, zijn de Choral Evensongs geliefd en groeit het bezoekersaantal, aldus Rijken en King. „Bezochten in het jaar 2000 ruim 7000 mensen doordeweeks een evensong in een Engelse kathedraal, in 2017 is dat aantal toegenomen tot 18.000.”

Centraal in het onderzoek van Rijken en King staan de ervaringen van de bezoekers van de evensong. Via een online vragenlijst, die zowel in Nederland als in Engeland is uitgezet, wordt onderzocht wie er naar de Choral Evensong gaan, hoe vaak zij gaan en waar, en welke betekenis de Choral Evensong voor hen heeft. „De redenen die mensen hebben om een Choral Evensong te bezoeken, kunnen iets zeggen over de beleving van religiositeit en de behoefte aan religiositeit in de postmoderne maatschappij”, aldus Rijken en King.