Lichte stijging groepsimmuniteit; coronamaatregelen zinvol

Medisch
Een sticker in een Amsterdamse bioscoop. beeld ANP, Sem van der Wal

Ongeveer 5,5 procent van de Nederlandse bloeddonors heeft antistoffen tegen het coronavirus ontwikkeld. Dat blijkt uit onderzoek van bloedbank Sanquin. In een eerdere meting in april ging het nog om 3 procent van de donoren.

De lichte stijging wordt veroorzaakt doordat Nederland zich nu in het staartje van de piek van de uitbraak bevindt, en omdat de lockdownmaatregelen de verspreiding van het virus hebben beperkt. Deze voorlopige conclusie trekt Sanquin uit dit vervolgonderzoek.

Ruim 7000 donaties zijn getest in de periode van 10 tot 20 mei, twaalf weken na de eerste bekende Covid-19 besmetting in Nederland. Net als bij de eerste meting gaat het om bloeddonors tussen de 18 en 75 jaar die tenminste twee weken klachtenvrij waren op het moment van doneren.

Prof. dr. Hans Zaaijer, onderzoeksleider: „We verwachtten een stijging van het percentage, omdat inmiddels meer donors hebben kunnen herstellen van een infectie en erna hebben kunnen doneren. De gevonden stijging is relatief klein; dat sluit aan bij wat het RIVM liet zien over de afnemende verspreiding van de infectie. De lockdownmaatregelen zijn effectief, waardoor minder mensen besmet zijn geraakt.”

Omdat het onderzoek nog niet helemaal is afgerond, houdt Zaaijer rekening met een foutmarge van 0,5 procent.

Gezichtsmaskers

In een groot overzichtsartikel dat maandag in het tijdschrift The Lancet verscheen –gebaseerd op 172 studies– hebben onderzoekers in kaart gebracht hoe effectief verschillende coronamaatregelen zijn. Fysiek afstand houden van elkaar blijkt het risico op een besmetting te verlagen van 12,8 naar 2,6 procent. Twee keer zoveel afstand houden –bijvoorbeeld geen 1 maar 2 meter– betekent een halvering van het risico.

Het dragen van gezichtsmaskers blijkt ook zinvol: geen 17 maar 3 procent kans op besmetting. Met name medische maskers beschermen goed, zeker in vergelijking met eenvoudige, enkellaagse exemplaren.

Ook het beschermen van de ogen –door middel van bijvoorbeeld een kunststof spatscherm– verlaagt het besmettingsgevaar: van 16 naar 5,5 procent. Over de effectiviteit van afstand houden zijn de onderzoekers redelijk zeker; voor de andere twee maatregelen is minder bewijs voorhanden.

De auteurs tekenen aan dat geen enkele maatregel volledige bescherming biedt. Daarom zijn de basale hygiënemaatregelen, zoals handen wassen, volgens hen nog steeds nodig.