Is herroeping artikel Nature voer voor sceptici?

Opwarming van oceanen zorgt voor afsterven van koraalriffen. Oceaanwetenschapper Drijfhout: „Steden als Amsterdam, Rotterdam en Den Haag lijken meer verleden dan toekomst te hebben.” beeld iStock

Het gerenommeerde tijdschrift Nature herriep vorige week een wetenschappelijk artikel over klimaatverandering. Is dit een overwinning voor klimaatsceptici?

Het bewuste artikel van 31 oktober vorig jaar haalde uitgebreid het nieuws met de conclusie dat oceanen als gevolg van klimaatverandering veel sneller opwarmen dan werd aangenomen.

„Als ik cynisch ben, dan denk ik dat dit koren op de molen van klimaatsceptici kan zijn”, zegt prof. dr. Sybren Drijfhout, hoogleraar oceanen en klimaatverandering aan de universiteiten van Utrecht en Southampton.

Toch is het volgens Drijfhout onterecht om zo’n conclusie te trekken. Het pleit juist voor Nature dat ze het artikel herroepen. „Het toont aan dat betrouwbaarheid voorop staat bij het blad.”

De hoogleraar, die bij het KNMI portefeuillehouder is rond het thema zeespiegelstijging, vindt het niet meer dan normaal dat Nature het artikel heeft herroepen. „Ik zou het geen lef durven noemen. De rectificatie lijkt me correct en logisch.”

Dat Nature het artikel terugriep, wil niet zeggen dat het in de prullenbak kan, betoogt Drijfhout. „Het onderzoek als zodanig is prima. De methode die de Amerikaanse wetenschappers hanteerden was nieuw en ingewikkeld, maar zat goed in elkaar. Zelfs met de schattingen over de opwarming van oceanen lijkt niets mis. Waar de fout zat? De onzekerheidsmarges over die schattingen waren te klein. Doordat die nu aangepast zullen worden, blijkt de al eerder aangenomen opwarming van de oceanen toch binnen de marges te vallen. Omdat het daarmee niet vernieuwend meer was, paste het schrijven niet meer in Nature.” Waarschijnlijk wordt het artikel elders gepubliceerd.

Juist vorige week verscheen een rapport van het IPCC, het klimaatpanel van de Verenigde Naties, over zeespiegelstijging. In dat rapport wordt het herroepen artikel uit Nature een keer geciteerd. Drijfhout: „Dat gebeurde alleen zijdelings. De hoge schatting voor opwarming wordt niet overgenomen en zelfs niet besproken. Het citaat gaat over de CO2-opname van oceanen. De betrouwbaarheid van dat rapport staat niet onder druk.”

IPCC-rapporten zijn altijd aan de voorzichtige, conservatieve kant, weet Drijfhout. Hij schrijft zelf als auteur mee aan het hoofdstuk over oceanen in het nieuwe hoofdrapport van het IPCC. Dat klimaatrapport komt in 2021 uit.

Als het over klimaatsceptici gaat, hoort u in wetenschappelijke kring weleens kritische geluiden?

„Jawel, er zijn er een aantal. Maar die zijn zelden kritisch op de menselijke oorzaak van klimaatverandering. Meestal gaat het dan over in hoeverre we bepaalde conclusies kunnen trekken, iets kunnen claimen. Als je als wetenschapper objectief bent, dan kun je niet anders dan accepteren wat de fysica en data ons vertellen. Namelijk dat klimaatverandering gaande is en dat dit door de menselijke uitstoot van CO2 komt.”

Vindt u dat zaken onderbelicht zijn in de media als het gaat om klimaatverandering en oceanen?

„Voor Nederland is zeespiegelstijging een moeilijk en pijnlijk dossier. Het punt dat ik wil maken is dat zeespiegelstijging nog doorgaat als de temperatuurstijging ophoudt. In nieuwe rapporten komt daar steeds meer nadruk op te liggen. Dus al leven we het klimaatakkoord van Parijs na, dan nog krijgen we te maken met een enorm na-ijleffect van de opwarming. Het duurt honderden, zo niet duizenden jaren voordat de grote ijskappen in evenwicht zijn met de omgevingstemperatuur.

Het is goed om te beseffen dat het evenwicht per graad opwarming een zeespiegelstijging tussen de 2 en 10 meter betekent. Met het halen van de anderhalve graad van ‘Parijs’ kunnen we in Nederland drie meter nog wel aan, maar wordt vijftien meter echt problematisch. Nieuwe modellen laten zien dat het nog sneller kan gaan, al blijven er onzekerheden. Het lijkt erop dat steden als Amsterdam, Rotterdam en Den Haag meer verleden dan toekomst hebben. Ik vind dat een schokkende gewaarwording.”