IJslandse vulkaan Hekla klaar voor eruptie

Hekla, IJslands grootste en meest actieve vulkaan, staat op punt van uitbarsten. De laatste recente uitbarstingen dateren van 1947, 1970, 1980, 1991 en 2000. Op de foto de uitbarsting van 1980. beeld Gudmundur Sverrisson
6

IJslands grootste en actiefste vulkaan, de Hekla, is onberekenbaar. De druk in de magmakamer van deze 1491 meter hoge stratovulkaan is hoger dan bij de laatste twee erupties in 1991 en 2000. Een uitbarsting ligt in het verschiet, maar wanneer die zal plaatshebben, is niet te voorspellen.

Vulkanoloog Páll Einarsson van de universiteit van IJsland houdt de vuurspuwende berg nauwlettend in de gaten: „De Hekla is klaar voor een eruptie, maar het kan zomaar nog enkele jaren of decennia duren.”

In IJsland staat altijd wel een vulkaan op het punt van uitbarsten. Dat is niet zo verwonderlijk. Er zijn maar liefst 140 vulkanen, waarvan er 30 actief zijn. Hierdoor telt het land van vuur en ijs in het uiterste noordwesten van Europa het grootste aantal actieve vulkanen ter wereld. „In de laatste 45 jaar zijn er 22 uitbarstingen geregistreerd”, laat Einarsson weten.

Het geologisch piepjonge eiland pal onder de poolcirkel is ontstaan door vulkaanuitbarstingen op de oceaanbodem van de Midden-Atlantische rug. Hier bevindt zich het scheidingsgebied tussen twee tektonische platen: de Noord-Amerikaanse en de Euraziatische plaat. Deze drijven jaarlijks enkele centimeters uit elkaar.

„Op de breuklijn komt magma omhoog, waardoor het landschap bezaaid ligt met vulkanen”, verklaart Einarsson. Wie met de luchtvaartmaatschappij Icelandair vanuit uit het zuiden komt aanvliegen, kan bij helder weer in de verte Hekla’s besneeuwde top zien liggen.

Verrassing

Ondanks de voorspellingen is het altijd een verrassing wanneer de Hekla precies uitbarst. Einarsson: „Bij de eruptie van 2000 was er slechts 97 minuten van tevoren een waarschuwing. Bij alle andere uitbarstingen was er geen enkel teken vooraf, wat de voorspelling van extra bemoeilijkt.”

De grootste vulkaan van het land laat zich moeilijk monitoren. Hij ligt in een uitgestrekt gebied en de magmakamer bevindt zich op grote diepte. „Hierdoor hebben we zwakke signalen verspreid over een groot gebied”, legt de vulkanoloog uit. „Veranderingen in de magmakamer vinden plaats op 15 tot 20 kilometer diepte. Door de zwakke signalen zijn we tientallen jaren bezig geweest om dit in kaart te brengen.”

Dat gebeurt met behulp van handmatige bodemmetingen, waarbij nauwkeurig wordt gemeten hoeveel millimeter de bodem jaarlijks stijgt. Verspreid over een gebied met een doorsnede van 40 kilometer is dat gemiddeld 10 millimeter per jaar als gevolg van de druktoename in de magmakamer. Dit correspondeert grofweg met een volume van 10 miljoen kubieke meter of 0,01 kubieke kilometer lava.

Zorgen

Van de actieve vulkanen zijn er momenteel vijf waarover Einarsson zich zorgen maakt. Naast de Hekla zijn dat de Katla, Bárðarbunga, Grímsvötn en de roemruchte Eyjafjallajökull.

Laatstgenoemde vulkaan barstte in 2010 voor het laatst uit. De aswolk verstoorde het vliegverkeer toen wekenlang. Einarsson legt uit dat de uitbarsting van deze vulkaan wel goed was te voorspellen. De eerste signalen kwamen in 1992 met een toename van aardbevingen. Deze worden veroorzaakt door de scheurende bodem wanneer de lava zich naar boven wurmt. De jaren daarna steeg de bodem met tientallen centimeters. „We volgden het pad van de magma achttien jaar lang.”

Enkele uren voor de uitbarsting gaf de vulkaan daarvan duidelijk signalen af. Einarsson: „IJsland stuurde daarop helikopters de lucht in die het begin van de eruptie vastlegden.”

De Hekla vertoont voorafgaand aan een eruptie geen toename van seismische activiteit. „Dat is heel ongebruikelijk”, aldus Einarsson, waardoor een uitbarsting van deze vulkaan zelfs voor IJslanders een verassing is.

Individualistisch

De vulkaan Bárðarbunga gedraagt zich weer anders. In 2014/2015 gaf deze vulkaan zelfs ruim twee weken voor de eruptie signalen af. „Dat is een uitzonderlijk lange tijd voor een korte termijnwaarschuwing”, stelt Einarsson.

Vulkanologen volgden de lava, die zich door een horizontale scheur in de bodem 45 kilometer verplaatste voordat hij uiteindelijk via een breuk aan de oppervlakte kwam. „IJslandse vulkanen zijn zeer individualistisch”, zegt Einarsson. „Je moet hun karakter goed kennen wil je voorspellingen over erupties kunnen doen.”

Ook de locatie is van belang. De Bárðarbunga en de in 2011 uitgebarsten Grímsvötn liggen op breukvlakken en zijn bedekt met gletsjers. „We moeten weten hoe de platen bewegen en hoeveel de gletsjers smelten. Deze factoren moeten we meewegen.”

Dat is niet het geval bij de Hekla. Maar doordat deze vulkaan in een gebied ligt waar zware aardbevingen plaatsvinden, zouden deze volgens Einarsson zomaar een eruptie op gang kunnen brengen. „Als gevolg van een aardbeving kan er een scheur ontstaan. Daardoor kan gas ontsnappen, waardoor een kettingreactie op gang komt.”

Uitbarstingen van de Hekla zijn doorgaans zeer explosief, waarbij de aswolk tot wel 12 kilometer hoogte kan reiken.

Met de voorspellingen wil Einarsson geen vals alarm afgeven. Net zoals meteorologen met hun weersverwachting kunnen vulkanologen er ook weleens naast zitten. „Wij zijn geen profeten die precies kunnen voorspellen wanneer de volgende vulkaan uitbarst.”

Wanneer vulkanologen een langetermijnvoorspelling bekendmaken, weten IJslanders dat het niet gaat om een uitbarsting die elk moment kan plaatsvinden. „Sensatiejournalisten zeggen dan dat er elk moment een grote eruptie mogelijk is. Ze maken steevast vergelijkingen met de mega-uitbarsting van de Lakivulkaan in 1783, die voor grote delen van Europa gevolgen had.”

Voor IJslanders zijn uitbarstingen niet meteen een ramp. De eruptie van de Eyjafjallajökull veroorzaakte weliswaar wat problemen, maar die van de Hekla geeft nauwelijks overlast. Vulkaanuitbarstingen zijn voor IJslanders in de regel nationaal publiek vermaak. „Niet onze vulkanen, maar buitenlandse journalisten zijn het grote gevaar voor IJsland”, nuanceert Einarsson geërgerd.

Slachtoffers

De recente uitbarstingen van de Eyjafjallajökull, Grímsvötn en de Bárðarbunga zijn voor IJslandse begrippen kleine erupties. Er werd slechts tussen de 0,1 en de 0,2 kubieke kilometer lava uitgespuwd. Bij de grote eruptie van de Hekla in 1947 was dat 0,8 kubieke kilometer. Voor IJslandse begrippen is er pas sprake van een echt grote eruptie als er ten minste 1,5 kubieke kilometer lava vloeit.

De recente uitbarstingen hebben geen slachtoffers geëist. Behalve de eruptie van 1947, waarbij een vulkanoloog te dicht bij de Hekla kwam.

Sinds de grote eruptie is de vulkaan heel regelmatig uitgebarsten: in 1970, 1980, 1991, 2000. „Ook dat is zeer ongebruikelijk”, weet Einarsson. „Je kunt dus niet zeggen dat de Hekla ‘over tijd’ is.” Het patroon van de regelmatige uitbarstingen lijkt in ieder geval doorbroken te zijn. De vulkanoloog: „De regel met vulkanen is dat er geen regel is. Ze zijn in de regel onvoorspelbaar.”