Werkelijke interesses ontdekt dankzij JobhulpMaatje

Jan Bos: „Natuurlijk had ik wel werk kunnen vinden, maar daarmee alleen was ik niet geholpen.” beeld RD, Anton Dommerholt
2

Jarenlang dubde bakker Jan Bos (49) over zijn toekomst in het bakkersbedrijf binnen zijn familie. Vorig jaar juni besloot hij te stoppen, maar zijn nieuwe werkkring gaf hem evenmin voldoening. Een training bij JobHulpMaatje in Rhenen gaf hem zicht op zijn werkelijke wensen. „Ik ben nu vast van plan om werkcoach te worden.”

Ad Ermstrang

De enorme raampartijen bieden een prachtig uitzicht over het op de oevers gebouwde stadje. In de diepte glinstert de Rijn. In een grote zaal aan de achterzijde van de Gedachteniskerk in Rhenen doet Bos zijn relaas. De rooms-katholieke parochiekerk trekt nog nauwelijks bezoekers, zodat verschillende ruimten in het monumentale pand voor andere doeleinden worden gebruikt. Ook de stichting JobHulpMaatje vond er begin dit jaar onderdak voor bijeenkomsten en trainingen.

Jarenlang werkte de inwoner van het Utrechtse Elst, na de mavo en de meao, in het bakkersbedrijf dat zijn overgrootvader al in 1910 startte in Maarsbergen. Met een kleine dertig mensen worden er bestellingen klaargemaakt voor supermarkten en horecabedrijven. Bos twijfelde al geruime tijd over zijn beroepskeuze. Hoewel hij het wel naar zijn zin had in het bakkersbedrijf, speelde regelmatig de gedachte over een andere richting door zijn hoofd. Administratieve zaken –voor de hand liggend gezien zijn opleiding– trokken hem helemaal niet. De jaren gingen voorbij. „Maar het bakkersbestaan is vrij zwaar, zodat ik weinig tijd had om me te bezinnen op iets anders”, luidt zijn verklaring voor de lange periode die hij in het vak doorbracht.

Vorig jaar juni trok hij de stoute schoenen aan, verkocht zijn aandelen in de zaak en ging bij een schildersbedrijf aan de slag. „Ook dat was niet precies wat ik voor ogen had. Het was mijn schoonzoon die me in een app wees op JobHulpMaatje, dat net in Rhenen van start was gegaan. Ik heb me vrijwel direct aangemeld. Niet geschoten is altijd mis, was mijn gedachte.” Aanvankelijk was hij enigszins sceptisch, zegt hij eerlijk. „Ik had een tikkeltje het idee dat het niets voor mij zou zijn. Meer iets voor mensen die het zelf niet lukt om een andere baan te vinden, terwijl er om je heen werk genoeg is.”

Die gedachte is evenwel volledig gelogenstraft. „Natuurlijk had ik wel werk kunnen vinden, maar daarmee alleen was ik niet geholpen. Nu wel. Ik heb een heel verrijkende ervaring opgedaan en ontdekt wat ik werkelijk wil. De interactie met de groepsleden gaf een bevestiging van mijn kwaliteiten. Alle stukjes vielen op hun plek. Dat is wel belangrijk, want anders had ik me niet gericht op wat ik nu wil gaan doen.”

Schilder

Hij beëindigde zijn werk bij het schildersbedrijf per 1 april. „Ik verkeerde natuurlijk in de gelukkige omstandigheid dat ik dat kon doen dankzij de verkoop van mijn aandeel in het bakkersbedrijf.”

Na een intakegesprek volgde hij dit voorjaar zeven trainingsavonden bij JobHulpMaatje. Tussen acht en later zeven andere deelnemers leerde Bos zijn echte interesses kennen. Een belangrijke rol speelde zijn ervaring in de omgang met een achttal medewerkers met een Wajonguitkering in het bakkersbedrijf. De voormalige bakker had een niet onbelangrijk aandeel bij hun deelname aan de werkzaamheden in Maarsbergen. „Ik vond het mooi om hen te begeleiden. Vermoedelijk heeft dat ook te maken met familieomstandigheden. Een oom van me heeft het syndroom van Down. Ik vind het prachtig om mensen met een beperking in een bedrijf te zien opbloeien. Het trekt me om de minderbedeelde mens wat extra’s mee te geven. Om op dat gebied iets toe te voegen.”

Tijdens de afsluitende avond waren medewerkers van de afdelingen P&O van diverse bedrijven en van de gemeente en verschillende jobhulpmaatjes uitgenodigd. „We hielden een zogenaamde elevator pitch en ontvingen een certificaat. Bij de netwerkborrel kreeg ik vijf of zes tips om me te richten op de werkcoaching. Dat heeft geleid tot een concrete afspraak om op één plek een aantal dagen mee te lopen. Bij een ander heb ik nog een afspraak voor een gesprek staan. Daarnaast zijn er nog enkele lijntjes.”

Hij verwacht dat het wel zal lukken om als begeleider op de werkvloer aan de slag te gaan. „Bij de instantie die me heeft uitgenodigd, gaat het niet alleen om mensen met een beperking, maar ook om anderen. Mensen die bijvoorbeeld door sociale omstandigheden in de verdrukking zijn gekomen en ex-gedetineerden. Dan ben je heel breed bezig. Dat spreekt me aan.”

Een opleiding naast zijn werk –met een gemiddelde duur van een jaar– lijkt hem geen probleem. Verhuizen naar een ander deel van het land is voor hem geen optie. „Daarvoor ben ik te veel in deze omgeving ingeburgerd.”

Bemiddelbaar

De inwoner van Elst was de eerste die zich aanmeldde bij JobHulpMaatje in Rhenen. Na hem volgden er nog 34. JobHulpcoördinatoren Cora van den Berg en Eline van Berkum verwachten dat zeker de helft van de deelnemers in de loop van dit jaar werk vindt. „Dat is zo’n beetje het landelijke getal. Maar niet vergeten mag worden dat het niet alleen gaat om het vinden van een betaalde baan. We helpen mensen om te ontdekken wat bij hen past, om beter bemiddelbaar te zijn op de arbeidsmarkt.”

De landelijke organisatie JobHulpMaatje is al in verschillende andere gemeenten in Nederland werkzaam (zie kader ”Al op twintig plaatsen actief”). De eerste groep deelnemers in Rhenen kwam er dankzij het initiatief van de voorzitter van Schuldhulpverlening Rhenen, Arie van der Staaij. De voormalige directeur van een sociale dienst verbreedde de bestaande stichting en ging met enkele potentiële coördinatoren in gesprek. Begin dit jaar ging JobhulpMaatje Rhenen van start.

Schrapen

De hulp is, door giften van (landelijke) fondsen, kerken en steun van de gemeente, kosteloos voor de deelnemers. Het is wel schrapen om aan geld komen, zegt Van der Staaij. Hij voerde gesprekken met de gemeente, ondersteunende fondsen, bedrijven en kerken in zijn woonplaats. „Voor dit jaar zijn we rond, maar voor volgend jaar zijn we er nog niet.”

De voorzitter benadrukt de noodzaak van hulp bij bemiddeling op de arbeidsmarkt. „Bij professionele instellingen is er steeds minder ruimte om mensen van een training of verdere begeleiding te voorzien. Dat is langzaam maar zeker een blinde vlek aan het worden. Dat geldt niet alleen hier. Elke gemeente kan als aanvulling JobHulpMaatje gebruiken. De kracht ervan is dat mensen met elkaar in een vertrouwde groep aan hun zelfvertrouwen kunnen werken. Dat vergroot de kans op werk.”

Taalachterstand

Bij de groepstrainingen wordt materiaal gebruikt van de landelijke stichting. Naast de deelname aan groepen hebben belangstellenden, als dat nodig is, de mogelijkheid om aan een maatje gekoppeld te worden. Dat gebeurt in principe na de groepstraining, maar er zijn ook mensen die in groepsverband dichtklappen. In dat geval kunnen ze direct met een maatje aan de slag.

Voor dit najaar staat er een tweede groep op stapel. Er zijn al verschillende aanmeldingen binnen. Als het om het starten van een derde groep gaat, denken Van der Staaij en de twee coördinatoren aan een Jobgroup-basis van maximaal tien personen met een taalachterstand. Deze coaching duurt iets langer. „We kunnen het verder uitbreiden naar jongeren. We richten ons op iedereen die werk zoekt en staan ook mensen bij in het vinden van vrijwilligerswerk. Aan vrijwilligers is een groot tekort. Er zijn tal van mensen die daarvoor geschikt zijn, maar die nu onder de radar blijven. Dat is een beetje een onzichtbare categorie. We zijn er voor jong en oud, van schoolverlaters tot zestigplussers. We hebben alle groepen op een rij gezet en een voorzichtige schatting gemaakt. In potentie zijn er in Rhenen zeker 300 tot 400 mensen die we zouden kunnen helpen.”