Emigrant: In Duitsland eet je zo veel taart als je wilt

Emigrant
Miep Runck-Schutze emigreerde naar Duitsland. beeld RD

Tegen een oudere Duitser zeg je u. Toen Miep Runck-Schutze (67) in 1975 naar Duitsland verhuisde, kwam ze erachter dat dit niet altijd zo is. En dat de Duitser toch anders is dan de spontane, open Nederlander.

Waarom Runck naar Duitsland vertrok? „Ik had lang de wens om zendeling te worden. Omdat er in Nederland nog geen Bijbelschool was, ging ik naar een Bijbelschool in Duitsland. Daar werd ik verliefd op een Duitser, met wie ik in 1975 trouwde. Van 1977 tot 1994 woonden we in Brazilië als zende­lingen, waarna we terugkeerden naar Duitsland.”

In Duitsland moest Runck erg wennen aan het eten. „In gerechten worden veel meer uien gebruikt dan in Nederland. Ook wordt er bij de koffie ’s middags veel gebak gegeten en staan er op verjaardagen en feesten minstens twee of drie taarten op tafel. Dat wij „een koekje nemen en het trommeltje dichtdoen”, vinden Duitsers belachelijk. Hier neem je zo veel je wilt.”

Ook moest Runck eraan wennen dat Duitsers elkaar sneller ”dutzen”: je en jou zeggen. „Ik vond het in het begin lastig om jij te zeggen tegen oudere mensen, omdat ik mijn ouders thuis met u aansprak. Tege­lijkertijd zijn de Duitsers niet zo open en spontaan als wij Nederlanders en duurt het langer voor ze echt vriendschappen sluiten.”

De emigrant, die in Leopoldshöhe (Noord-Rijnland-Westfalen) woont, ziet meer verschillen tussen Duitsers en Nederlanders. „Toen ik naar Duitsland verhuisde, was het verschil groter dan nu, maar Duitsers zijn nog steeds conservatiever qua moraal, gedrag en kleding. Ook gaan veranderingen hier meestal langzamer. Wat me ook opviel toen ik hier kwam, is dat mensen die gestudeerd hebben met veel respect worden behandeld. Ik was opeens ”die Lehrerin”, terwijl dat in Nederland een heel gewoon beroep was.”

Na haar terugkeer vanuit Brazilië werd Runck lerares aan een private, christelijke school. Deze Georg-Müller-Schule is partnerschool van de Jacobus Fruytier scholengemeenschap in Apeldoorn. „Ik geef daar Engelse les en werk als counselor. Daarnaast hebben mijn man en ik een christelijk consulting­centrum en spreek ik veel voor vrouwengroepen.”

Runck is aangesloten bij een evangelische vrije gemeente die zich ”Bibelgemeinde” noemt, in Bielefeld. „Net als overal is het leven als christen in Duitsland niet moeilijk – zolang je je mond maar houdt. Zodra je echter een mening hebt die op de Bijbel gebaseerd is, wordt het moeilijker. Dan moet je tolerant zijn en alles accepteren. Dat niet-christenen onze mening daarmee niet accepteren en dus ook niet tolerant zijn, ontkennen ze graag. Als christelijke school, waar we de Bijbel als maatstaf nemen, krijgen we ook regelmatig kritiek. Gelukkig hebben we echter nog veel vrijheid om de kinderen over Gods liefde en vergeving te vertellen.”

Dit is het vijfde deel in een serie over Nederlandse christenen in het buitenland. Volgende week vrijdag deel 6.
>>rd.nl/emigrant