Dialecten zijn bevorderlijk voor de taalontwikkeling

Maak de streektaal op straat zichtbaar, is het advies van de Friezen. Foto: De volledige straatnaam (die te vertalen is als ”slapende weg”) bij de Noorderbrug in Leeuwarden is pas te lezen als de brug open is („iepen” in het Fries).  beeld Aad van Altena
4

„Jonkje, hâld dochs op fan krûmpraten”, werd Henk Bloemhoff als kleine jongen regelmatig toegevoegd. Houd toch op met krompraten. Praat gewoon Fries in plaats van dat rare Stellingwerfs.

De ervaring van dr. Bloemhoff, die nu werkzaam is bij de Fryske Academy, is exemplarisch voor het hele Nederlandse taalgebied. Dialectgebruik staat in een kwade reuk.

Nederland verengelst, hoor je veel mensen klagen. Dialectologen en streektaalliefhebbers zien echter nog een andere, sterkere ontwikkeling: Nederland verhollandst.

Overal in het Nederlandse taalgebied (zie ”Streektalen, dialecten en Bijbelvertalingen”) loopt het aantal dialectsprekers terug. In het westen (Holland, Utrecht) zijn de dialecten al bijna verdwenen, maar ook in het zuiden, oosten en noorden gaat het de laatste jaren hard. Hoewel er streken zijn waar de meeste volwassenen onderling nog hun eigen streektaal gebruiken, leren de kinderen die bijna niet meer. Elke generatie verliest honderdduizenden dialectsprekers.

Een onderzoek van onderwijskundige Geert Driessen maakte dit dramatisch duidelijk. Praatte in 1994 nog bijna de helft van het aantal Friese en Limburgse kinderen Fries respectievelijk Limburgs met de ouders, in 2014 was dit gedaald naar een derde. In andere provincies was het proces al veel verder gevorderd. In Zeeland daalde het dialectgebruik van kinderen in dezelfde periode van 16 naar 7 procent met de vader en van 15 naar 4 procent met de moeder. In Groningen van 14 naar 5 procent met de vader en zelfs naar 0 procent met de moeder. En in Gelderland van 3 procent met vader, moeder of vriendjes en 2 procent met broertjes en zusjes in al deze situaties naar nul.

Opmerkelijk in deze statistiek is trouwens dat mannen blijkbaar langer vasthouden aan de streektaal dan vrouwen. Taalontwikkelingen beginnen vaak bij vrouwen.

Culturele erfenis

Is de verhollandsing een slechte ontwikkeling? Ja, zeggen dialectologen. Streektaal vormt een belangrijk onderdeel van de culturele erfenis van een gebied en van de identiteit van de inwoners van dat gebied.

Daarnaast wijzen onderzoeken uit dat tweetaligheid bevorderlijk is voor de taalontwikkeling van kinderen, en streektaal kan die functie evenzeer vervullen. „Blootstelling aan talige diversiteit is voor een kind even schadelijk als fietsen voor een voetballertje”, schertste de Vlaamse taalkundige Gunther De Vogelaer onlangs op een streektaalconferentie van Stichting Nederlandse Dialecten.

De conferentie werd gehouden in Leeuwarden, Culturele Hoofdstad van het jaar 2018. De aanwezige dialectologen en streektaalliefhebbers waren het erover eens dat streektaalbevordering de moeite waard is. Maar hoe stuit je de stroom van verhollandsing?

Kijk naar het noorden, was de raad aan Vlamingen, Zuid- en Midden-Nederlanders.

In Groningen, waar de eerste dialectvereniging werd opgericht, wordt zowel vanuit de politiek als vanuit de burgers veel gedaan om de jongere generatie waardering voor het Gronings bij te brengen. „Streektaal stimuleert het identiteitsgevoel”, zei Henk Scholte van het Centrum Groningse Taal & Cultuur. „Wel moet je aansluiten bij de actualiteit. Zo worden er de laatste tijd Groningse aardbevingsliedjes geschreven.”

In de Friese gemeenten Oost- en West-Stellingwerf is een kring van zeer enthousiaste dialectliefhebbers actief. Het eerste gedicht in het Stellingwerfs werd al gepubliceerd in de negentiende eeuw, maar een doorslaand succes werd het eerste boek in het Stellingwerfs, in 1970. „Met ”De Olde Pook” begon de victorie”, stelde Bloemhoff, onder andere auteur van het ”Stellingwarfs woordeboek”.

Twitterdei

Verreweg de meeste taalbevorderende activiteiten worden echter ontplooid in Fryslân. „Nodig politici uit naar Friesland”, adviseerde Mirjam Vellinga van onderwijscommissie Afûk.

Het begint al vroeg. Alle Friese ouders ontvangen bij geboorteaangifte een ”Taalkado” met allerlei (Fries)talige aardigheidjes. Friese peuters kennen Tomke, een boek- en filmfiguurtje dat overal opduikt. Peuterspeelzalen zijn deels Friestalig. Voor oudere kinderen is er het tijdschrift Heit & Mem.

Op basisscholen is Fries een verplicht vak. Jongeren komen in aanraking met allerlei Friestalige media, en mede dankzij het programma ”Praat mar Frysk” wordt het Fries tamelijk veel gebruikt op sociale media. De Friese ”Twitterdei” groeide uit tot een socialemediadag voor alle kleine Europese talen.

Maar daar houdt het in Friesland nog niet mee op. Er worden tal van ludieke acties bedacht. Een traditionele Baskische dichtwedstrijd wordt naar Friesland gehaald. Friestalige dichters beginnen opeens op een willekeurige openbare plek een gedicht voor te dragen. Een heel dorp krijgt een Friese liefdesbrief in de brievenbus.

„Ik ken genoeg mensen die zelf Friestalig zijn maar hun kinderen geen Fries leren. Dan word ik zo boos”, zei Lutz Jacobi, die in 2013 bij de inhuldiging van koning Willem-Alexander de enige was, ook van de Friese Kamerleden, die de belofte in het Fries aflegde. „Als je niet trots bent op je dialect raak je het kwijt.”

Reis

Pierre Bakkes, voormalig streektaalfunctionaris van het Limburgs, zei ooit: „Wat zou ik graag een reis kunnen maken in een land boordevol dialecten. Van het zuidelijkste puntje van ons taalgebied reizen naar het noordelijkste puntje, iedereen onderweg in mijn eigen taal aanspreken, begrepen worden, en van iedereen antwoord krijgen in telkens weer een ander dialect.”

Streektalen, dialecten en Bijbelvertalingen

Nederland kun je opdelen in drie taalgebieden. In Friesland –en vroeger ook in Holland, Zeeland en Groningen– het Fries. In het oosten –Achterhoek tot Groningen, en tot ver in Duitsland– Nedersaksisch. En in het zuiden Frankisch, dat doorloopt in Vlaanderen en zelfs een hoekje Frankrijk, rond Duinkerken, waar het echter door druk van de Franse overheid vrijwel verdwenen is.

Het Fries heeft een volledige Europese erkenning als minderheidstaal en is de tweede officiële taal van Nederland. Er bestaan twee complete Friese Bijbelvertalingen. Een mindere mate van erkenning kregen het Nedersaksisch en het Limburgs. Het Zeeuws kwam helaas niet door de keuring.

Naast en binnen deze streektalen bestaan er talloze dialecten, waarvan enkele beschikken over een volledige Bijbelvertaling: Gronings, Twents en Stellingwerfs. In een aantal dialecten bestaan Bijbelgedeelten: Drents, Achterhoeks, Urkers, Bunschotens, Zeeuws en Limburgs.