„Vrijheid van onderwijs blijft ook in toekomst bestaan”

Vrijheid van onderwijs
Van der Zande. beeld CU
5

De vrijheid van onderwijs blijft in de toekomst bestaan. Tenminste, als het aan de voorzitters van de drie christelijke politieke jongerenorganisaties ligt. Én aan de voorzitter van de D66-jongeren.

„Rol overheid in onderwijs niet vergroten”

Naam: Ard Warnink

Leeftijd: 24 jaar

Politieke jongerenorganisatie: CDJA (1800 leden)

„Het is hard nodig om de vrijheid van onderwijs te verdedigen. Zeker nu sommige partijen zich tegen het bijzonder onderwijs uitspreken. Iedereen voedt zijn kinderen op zijn eigen manier op. Waarom zou de overheid volledig moeten bepalen hoe de schoolloopbaan verloopt? Dit is immers een belangrijk deel van de opvoeding? Het bewaren van de vrije keuze in de opvoeding en dus ook in het onderwijs is voor ons een groot goed. De vrijheid van onderwijs is er wat ons betreft voor iedereen, of je je kind nu naar een christelijke school stuurt of naar een vrije school. Voor mij persoonlijk is de vrijheid van onderwijs belangrijk omdat de rol van de overheid niet te groot mag zijn in het onderwijs.”

„We moeten het huidige bestel koesteren”

Naam: Willem Pos

Leeftijd: 22 jaar

Politieke jongerenorganisatie: SGP-jongeren (7300 leden)

„De vrijheid van onderwijs moeten we absoluut blijven verdedigen. De overheid hoort niet voor te schrijven waar en hoe iemand onderwijs krijgt, als de kwaliteit maar goed is. In ons stelsel, waarbij al het onderwijs gelijk behandeld wordt, geeft de overheid ouders een keuze. Juist daar begint onderwijs: bij ouders, die kunnen kiezen wat voor grondslag het onderwijs heeft. Bij de samenleving, waarin de scholen horen te gedijen. Niet in de eerste plaats bij de overheid, want die moet slechts faciliteren (in staat stellen) en controleren (of de kwaliteit goed is). Er is een flinke politieke strijd gevoerd om ervoor te zorgen dat al het onderwijs gelijk behandeld wordt. Het stelsel dat we nu hebben moeten we koesteren, en een herdenking is daarom zeker op haar plaats.”

„Bijzondere scholen zijn de beste”

Naam: Jarin van der Zande

Leeftijd: 24

Politieke jongerenorganisatie: PerspectieF, ChristenUniejongeren (1500 leden)

„We kennen in Nederland een goed onderwijssysteem waarin iedereen vrij is om de school te kiezen die past bij zijn of haar visie op pedagogiek en religie. Het is een uniek stelsel, dat ook in historisch opzicht erg bijzonder is. Na honderd jaar kunnen we zeggen dat we door deze wet kwalitatief goed en divers onderwijs in Nederland hebben gekregen, en dat is zeker het herdenken waard.

Het is absoluut nodig om onderwijsvrijheid in de vorm die we nu kennen, te verdedigen. De vrijheid van onderwijs kennen we niet alleen in ons land, ze staat ook vermeld in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en wordt breed gedragen. Toch lijkt de aanval op de onderwijsvrijheid vanuit verschillende politieke partijen in ons land aan kracht toe te nemen. De vrijheid van de ouders staat de ontwikkeling van het kind in de weg, stellen voornamelijk de liberale partijen. Al jaren gaan er meer kinderen naar bijzonder onderwijs dan naar openbaar onderwijs. De kwalitatief beste scholen in ons land zijn bijzondere en identiteitsgebonden scholen.”

„Kwaliteit van onderwijs moet vooropstaan”

Naam: Wouter van Erkel

Leeftijd: 24

Politieke jongerenorganisatie: Jonge Democraten (6000 leden)

„Honderd jaar geleden hadden veel kinderen een achterstand als het gaat om goed onderwijs. Door het financieel gelijkstellen van openbaar en bijzonder onderwijs hebben kinderen wél toegang tot goed onderwijs. Dat is een feestje waard! De verscheidenheid in ons onderwijs moet geen doel op zich worden. De kwaliteit van het onderwijs moet altijd vooropstaan! Een hetze tegen ons huidige onderwijsstel is daarom onverstandig. Ik ben niet tegen het bijzonder onderwijs. Ik heb goede herinneringen aan de Bijbellessen die ik als tiener kreeg. Het belangrijkste is dat goed onderwijs voor iedereen toegankelijk blijft. Dat er in de toekomst een keuzevrijheid blijft bestaan voor ouders en leerlingen. We moeten voorkomen dat er kinderen in dezelfde situatie terechtkomen als honderd jaar geleden.”