Vraagtekens bij christelijke privéschool

Groot Spriel bij Putten, de geplande locatie van een particuliere school voor thuiszitters. beeld ECM
3

Het Groot Spriel College in Putten, een christelijke privéschool voor voortgezet speciaal onderwijs, gaat op 1 september 2019 van start. Vanuit de reformatorische scholen wordt de noodzaak van het initiatief betwist.

Het betreft een school voor jongeren „die in het reguliere onderwijs niet of onvoldoende tot ontplooiing komen” of zelfs niet meer naar school gaan, stelt organisatieadviesbureau ECM dialoog. Het gaat onder anderen om „de vaak niet begrepen hoogbegaafde leerlingen.”

2018-06-05-REG1-Spriel-4-FC_webPlan voor christelijke privéschool voor thuiszitters in Putten

Voor hen wordt het „ecologisch pedagogisch onderwijsconcept” ontwikkeld. „In een bosrijke omgeving kan de school rust en persoonlijke aandacht bieden”, zegt beleidsmedewerker H. Huisman. „De jongeren kunnen veel naar buiten; veel in de natuur bezig zijn.”

Volgens Huisman biedt het Groot Spriel College een aanvulling op de bestaande orthodox-christelijke scholen. „Er zijn leerlingen die thuiszitten of in een zwart gat vallen. Wij willen hen helpen.”

Op 17 en 24 november houden de plannenmakers open huis op Groot Spriel. Het 4,5 hectare grote landgoed wordt momenteel in oude staat teruggebracht.

De nieuwe school in Putten ontvangt geen overheidssubsidie. „Vanuit de private financiering, ouderbijdragen, zorggelden, donaties van bedrijven en van maatschappelijke instellingen” zegt de school een betaalbaar alternatief te kunnen bieden.

Geen aanvulling

Volgens directeur J. Flier van het Reformatorisch Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs (RefSVO) –waarin het regulier en speciaal onderwijs samenwerken– vormt het initiatief vooralsnog geen aanvulling op het onderwijsaanbod. „Volgens ons zijn er geen leerlingen of thuiszitters die hierbij gebaat zijn. De bestaande scholen hebben de opdracht alle reformatorische jongeren een passende onderwijsplek, inclusief de nodige ondersteuning, te bieden. Al onze scholen kunnen in een kleine setting, met veel individuele begeleiding, in een prikkelarme omgeving jongeren lesgeven. Als samenwerkingsverband zijn we voortdurend op zoek naar oplossingen voor jongeren. We merken dat daarbij steeds meer maatwerk nodig is: onderwijs in combinatie met jeugdzorg of met een stageplaats.”

Op de 22.500 leerlingen in het reformatorisch voortgezet onderwijs zijn er zo’n 60 thuiszitters. Het overgrote deel van hen blijft niet thuis omdat er geen onderwijs beschikbaar is, maar vanwege complexe psychische problematiek, zegt Flier. Het RefSVO doet volgens hem al het mogelijke om deze leerlingen weer naar school te krijgen, voltijds of minstens in deeltijd.

Versnippering

„We zeggen niets over de kwaliteit van de nieuwe school, maar volgens ons gaat die niet iets bieden wat er nog niet is”, stelt Flier. „Het is ook jammer dat er versnippering ontstaat. Daarom zijn de bestaande reformatorische scholen niet ingegaan op een uitnodiging van het Groot Spriel College voor overleg.

Het voorrecht van een eigen, identiteitsgebonden samenwerkingsverband vraagt dat we zorgvuldig omgaan met de wettelijke mogelijkheden. Als RefSVO hebben we de opdracht een dekkend netwerk te realiseren. Het opzetten van een privéschool suggereert dat er particuliere initiatieven nodig zijn om dit doel te bereiken. Met dit onterechte signaal zijn we niet gelukkig.”

Verschil

De school is een initiatief van de Barneveldse ondernemer P. Kooyman. Inmiddels is hij niet meer bij het project betrokken. „Door verschil van inzicht”, verklaart Kooyman. „Van mijn oorspronkelijke concept is vrijwel niets overeind gebleven. Ik wilde in nauwe samenwerking met de bestaande scholen proberen iets te betekenen voor jongeren die helemaal vastgelopen zijn. Zestig procent onderwijs –volgens de overheidsnorm–, veertig procent persoonlijke ontwikkeling, dat is het programma dat ik voor ogen had. De leerstof zou per kind worden afgestemd. Vanaf het begin heb ik ervoor gestreden dat de school niet alleen toegankelijk is voor ouders met een dikke portemonnee. Ik ben echter bang dat het toch een eliteschool wordt.”

Van de onderwijsmensen die Kooyman inschakelde, is de helft niet meer bij het project betrokken. „Ik heb er zelf gedurende anderhalf jaar een groot deel van mijn tijd ingestoken. Het heeft me ook veel geld gekost, maar dat is het risico. Als je er samen niet meer uitkomt, kun je beter afscheid nemen. Tot mijn grote verdriet, dat wel. Maar ik hoop dat de school succes heeft.”