Ronald weet heel goed dat hij liegt

Eigenwijzer
beeld Anjo Mutsaars

Vraag: Onze Ronald van 8 jaar liegt regelmatig tegen ons. Het helpt niet als wij hem daar straf voor geven, het lijkt alleen maar erger te worden. Heeft u misschien tips voor ons?

Liegen is het met opzet vertellen van dingen die niet waar zijn, maar wel zo worden gepresenteerd. Ook kinderen liegen, sommigen zelfs zeer regelmatig.

Bij jonge kinderen wordt liegen wel ”jokken” genoemd, volgens WikiWoordenboek het „vertellen van een relatief onschuldige leugen.” Blijkbaar kan een leugen ”relatief onschuldig” zijn. Het is goed om dit eens nader te bekijken, ook omdat de Heere God de leugen haat, zo staat er in Zijn Woord.

Een kind tot 18 maanden heeft nog weinig benul van oorzaak en gevolg. Als een kind tussen de 18 en de 24 maanden dit ontdekt, vindt het dat fascinerend. Het onderzoekt wat er gebeurt als het iets niet mag, maar toch doet.

Een kind van 3 jaar kan volhouden dat het iets niet heeft gedaan, terwijl dat wel zo is. Het is soms simpelweg vergeten hoe het is gegaan en reageert vaak impulsief.

Ook is de grens tussen werkelijkheid en droomwereld op deze leeftijd nog flinterdun. Een peuter kan een geweldig fantasievol verhaal vertellen en dat voor waar presenteren. Wat het kind nog niet begrijpt, vult het aan met zijn fantasie.

Voor ouders kan dit lastig zijn. Zij kunnen het gefantaseerde interpreteren als jokken of zelfs liegen. Het kind heeft echter niet de intentie om te liegen en daarom noemen we het jokken.

Mama weg, regel weg

Jonge kinderen hebben nog geen intern geweten. Zij voelen zich niet schuldig wanneer ze iets fout doen. Peuters en ook kleuters doen soms verkeerde dingen omdat ze niet beseffen dat het verkeerd is.

Kinderen in deze leeftijdsgroep hebben nog een extern geweten. Feitelijk zijn hun ouders hun geweten. Hierdoor zien we vaak dat een peuter in het bijzijn van moeder netjes van de koekjes afblijft, maar zodra zij even wegloopt, gaat het mis: mama weg, regel weg. Het kind is dan niet stiekem, maar beseft nog niet dat de regel ook geldt als moeder weg is.

Ook volgt een klein kind nog sterk zijn eigen impulsen. Het is zich vaak nog onvoldoende bewust van zijn eigen aandeel in een gebeurtenis en heeft moeite om verbanden tussen voorvallen te leggen. Een jong kind liegt daarom meestal niet bewust, simpelweg omdat het dat nog niet kan.

Niet oefenen

Vanaf de leeftijd van 6, 7 jaar beginnen kinderen een intern geweten te ontwikkelen. Een kind van deze leeftijd kan bewust gaan liegen: om aan straf te ontkomen, om aan verwachtingen te voldoen, om eigen behoeften te vervullen, om aandacht te vragen, maar ook uit onverschilligheid of schaamte.

Soms liegt Ronald uit gemakzucht. Hij zegt maar snel dat hij geen woordjes hoeft te oefenen, dan is hij er tenminste van af. Of hij zegt iets onwaars om zijn vriendje niet te verraden. Geen zin hebben om te praten en daarom maar snel iets zeggen, komt ook vaak voor. Ronald begrijpt het verschil tussen goed en fout. Als hij niet de waarheid vertelt, is dat geen jokken meer, maar liegen. Hij wordt hier ook beter in en houdt vast aan zijn verhaal, ook na doorvragen.

Een nog ouder kind, van 8 tot 12 jaar, gaat begrijpen dat zijn gedrag voor een negatieve reactie zorgt en gaat meer strategisch liegen. Het kan liegen omdat het bang is voor straf, de ouder niet wil teleurstellen of onzeker is. Het wordt moeilijk om te zien of het kind de waarheid spreekt; het kan liegen met een strak gezicht.

Niet goed

Liegen kan zeker een probleem zijn of worden. Daarom moeten opvoeders er aandacht aan besteden. Het zou mooi zijn als zijn ouders in een sfeer van vertrouwen met Ronald kunnen praten. Zo’n sfeer ontstaat als ze begrip tonen voor Ronalds gevoelens. Hij zal deze uiten zodra hij zich veilig genoeg voelt.

Het is verder aan te bevelen dat zijn ouders Ronald vertellen dat het belangrijk is dat hij altijd de waarheid vertelt. Stel, hij liegt over waar hij is en er gebeurt iets. Dat zou zomaar tot een onveilige situatie kunnen leiden. Ouders moeten hun kind kunnen vertrouwen.

Het is belangrijk dat de ouders benoemen dat ook God wil dat mensen de waarheid vertellen. God Zelf kan niet liegen, Hij haat de leugen zelfs. Hij wil dat wij de leugen afleggen en de waarheid spreken (Efeze 4:25).

Ook mogen Ronalds ouders hem voorhouden dat als mensen hun zonden belijden, God trouw en rechtvaardig is om die zonden te vergeven (1 Johannes 1:9). Het is belangrijk samen om vergeving te vragen, alsook om bewaring voor het liegen.

Wat liegen betreft is er een grijs gebied. Zo vormen ”leugentjes om bestwil” een lastig punt waarover verschillend wordt gedacht. Zegt een kind of kleinkind bijvoorbeeld eerlijk tegen oma dat het haar nieuwe schilderij verschrikkelijk vindt? Zoiets is een leugentje „om de ander te sparen.” Ouders kunnen ook uitleggen dat een afspraak niet nakomen soms overmacht is en niet meteen liegen.

Aan de bel trekken

Het kan voorkomen dat een kind –ondanks alle aandacht en gesprekken– doorgaat met liegen. Zeker als het geen enkel schuldgevoel lijkt te hebben, is het goed om aan de bel te trekken, bijvoorbeeld bij het Centrum voor Jeugd en Gezin. Het is beter om een probleem tijdig aan te pakken dan het te laten voortsudderen, waarbij er later meer aan de hand blijkt te zijn.

Sommige mensen hebben een onbedwingbare drang tot liegen. Zij worden pathologische leugenaars genoemd. Hun liegen leidt tot problemen in hun omgeving. Immers, partners, ouders of vrienden weten niet meer wanneer iets waarheid of leugen is.

Pathologisch liegen kan voortkomen uit een psychische aandoening, zoals een gedrags- of persoonlijkheidsstoornis. Mensen met een antisociale persoonlijkheidsstoornis kunnen heel innemend en charmant overkomen, maar zij liegen vaak en zijn niet bang. Daardoor zien zij de consequenties van hun leugens niet in. Ook hebben zij zelden een schuldgevoel. Om dit te onderkennen, is vroegtijdig ingrijpen bij een vermoeden van pathologisch liegen zinvol.

>>rd.nl/eigenwijzer

----

Tips voor stimuleren eerlijkheid bij jong kind

lZorg ervoor dat het kind zich veilig genoeg voelt om de waarheid te durven vertellen. Laat het kind in zijn waarde en heb het lief.

lStimuleer een positief zelfbeeld; geef veel positieve feedback.

lLeg de nadruk op wat wél mag. Het kind weet zo vanzelf ook wat niet mag.

lOnderzoek of straf helpt of juist aanmoedigt tot meer liegen.

lPrijs het kind als het eerlijk vertelt wat het fout heeft gedaan.

lGeef niet te veel regels in één keer, maar herhaal ze steeds, zodat het intern geweten zich kan ontwikkelen.

Wilt u reageren of hebt u vragen over opvoeding? Leg ze (anoniem) voor aan de pedagogen Mirjam Blom en Anja Helmink. Dat kan door de situatie en de (gezins)omstandigheden, liefst uitvoerig, te mailen naar: wijs@rd.nl of te sturen naar: RD, t.a.v. redactie Wijs, Postbus 670, 7300 AR Apeldoorn.

----

Tips hoe te reageren na liegen

lBlijf rustig en word niet meteen boos.

lVraag bij een jong kind niet of het dat heeft gedaan, maar benoem wat je ziet. Zo voorkom je dat het kind gaat liegen.

lKijk samen met het kind wat er feitelijk is gebeurd. Het kind leert zo oorzaak en gevolg met elkaar in verband te brengen. Ook leert het zijn of haar eigen aandeel in het voorval te zien. Besteed vooral aandacht aan het achterliggende gedrag.

lBenoem en accepteer de gevoelens van het kind: „Dus je was bang dat je straf zou krijgen? Dat begrijp ik.”

lLeg duidelijk en vastberaden uit dat de waarheid vertellen belangrijk is, ook voor de veiligheid van het kind. Als het vaak liegt, weten mensen op een gegeven moment niet meer of ze het kunnen geloven.

lVraag het kind hoe het incident van de leugen kan worden opgelost.

lGeef complimenten voor het vinden van een oplossing.

lVoer de oplossing uit en maak duidelijke afspraken.

lLeg aan kinderen die daar aan toe zijn uit dat liegen zonde is.

lVraag samen om vergeving over het liegen.

lVraag hulp bij bijvoorbeeld het Centrum voor Jeugd en Gezin als het kind regelmatig zonder enig schuldgevoel blijft liegen.