Refokoepels schieten plan Slob voor extra bevoegdheid mr af

beeld ANP, Lex van Lieshout
3

Medezeggenschapsraden in het basis- en voortgezet onderwijs krijgen instemmingsrecht op de hoofdlijnen van de begroting. Dat voorstel doet minister Slob voor Basis- en Voortgezet Onderwijs aan de Tweede Kamer. De koepels in het reformatorisch onderwijs maken korte metten met dit voornemen.

De Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) lobbyt al jaren voor uitbreiding van het instemmingsrecht voor medezeggenschapsraden (mr’s). Op dit moment hebben mr’s adviesrecht over de hoofdlijnen van de begroting. Instemmingsrecht gaat een stapje verder. Dan moet de raad de plannen van de schoolleiding goedkeuren. Die kan een advies naast zich neerleggen, maar als de raad niet instemt, moet er een nieuw plan komen.

De VOO gaat uit van het principe dat degenen die zeggenschap over het beleid hebben, ook zeggenschap over de financiën moeten hebben. „De VOO vindt het dan ook logisch en gewenst dat er voor de begroting eveneens een instemmingsbevoegdheid geldt. Op deze wijze wordt een onverklaarbare onevenwichtigheid in de bevoegdhedenverdeling opgeheven”, zo stellen de openbare scholen op hun site.

Met verve

De lobby van de VOO bleef niet zonder resultaat. In het regeerakkoord dat VVD, CDA, D66 en ChristenUnie in oktober 2017 met elkaar sloten, kwamen de partijen overeen dat medezeggenschapsraden uitbreiding van hun bevoegdheid krijgen en voortaan moeten instemmen met de hoofdlijnen van de schoolbegroting.

Begin deze maand stuurde minister Slob voor Basis- en Voortgezet Onderwijs een uitgebreide brief aan de Tweede Kamer waarin hij uit de doeken doet hoe hij de uitbreiding praktisch voor zich ziet.

Slob verdedigt de uitbreiding met verve. Medezeggenschap is volgens hem een belangrijk onderdeel van goed bestuur: „Ook in het onderwijs is medezeggenschap nodig om de kwaliteit, toegankelijkheid en doelmatigheid te waarborgen. Met de mr als kritische partner kan de bestuurder of schoolleider zijn visie scherpen, de koers bepalen of bijstellen en dilemma’s delen.”

Proef

Volgens bewindsman past de uitbreiding van de bevoegdheid van de raden goed in de huidige tijd, waarin meer verantwoording wordt gevraagd. De bewindsman signaleert „de maatschappelijke en politieke vraag om stevigere verantwoording.”

In het achterliggende jaar vond een proef plaats met het instemmingsrecht op hoofdlijnen door enkele medezeggenschapsraden, zo bericht Slob aan de Kamer. De resultaten daarvan zijn positief: „Uit de veldconsultatie blijkt dat de invoering van instemmingsrecht op hoofdlijnen van de begroting een waardevolle stimulans kan zijn om het goede gesprek tussen het bestuur en de mr over het financieel beleid te voeren.”

Samenspel

De minister kondigt in zijn brief aan dat hij de Wet medezeggenschap op scholen (WMS) met ingang van 1 januari 2021 wil aanpassen. Om de mr’s voor te bereiden op de taakuitbreiding gaat hij de kennis en vaardigheden van medezeggenschapsraadleden versterken. Het samenspel tussen het bevoegd gezag en de medezeggenschapsraad moet zo constructief mogelijk verlopen. Op dat punt is er nog werk aan de winkel. De bewindsman: „De veldconsultatie maakt goed zichtbaar dat het cruciaal is dat de mr voldoende financieel deskundig is. De constatering is dat dit extra scholing en ondersteuning vergt.”

Slob gaat nog bestuderen wat de schoolleiding precies op tafel moet leggen als het gaat om de hoofdlijnen van de begroting. Daarover heeft hij nog geen vastomlijnde ideeën.

Vetorecht

Wat gebeurt er als de raad niet instemt met de hoofdlijnen van de begroting? Het instemmingsrecht is feitelijk een vetorecht. Als een mr niet instemt met een voorstel van het bestuur, moet het bestuur gaan onderhandelen met de raad totdat er wel overeenstemming is. Als dat niet lukt, kan het bestuur naar een geschillencommissie stappen. Die hoort beide partijen en doet dan een bindende uitspraak.

Deze procedure geldt overigens voor alle gevallen als bestuur en medezeggenschapsraad het niet eens worden. En dus niet alleen als er geen overeenstemming zou komen over de hoofdlijnen van de begroting. De medezeggenschapsraad heeft nu reeds instemmingsrecht bij een aantal andere belangrijke beleidsstukken van de onderwijsinstelling, zoals het formatieplan en het schoolplan.

In de praktijk gebeurt het overigens niet vaak dat medezeggenschapsraad en bestuur tegenover elkaar blijven staan zodat de hulp van een geschillencommissie nodig is.

Schreuders. beeld RMU

ROV

De reformatorische oudervereniging ROV staat negatief tegenover het voorstel van minister Slob om de medezeggenschapsraden instemmingsrecht voor de begroting te geven. De ROV behartigt de belangen van ouders met kinderen op christelijke en reformatorische scholen en ondersteunt de oudergeledingen in de medezeggenschapsraden. Jan Schreuders, voorzitter van de ROV: „Wij zijn voorstander van goede medezeggenschap. En als wetgeving die kan verbeteren vinden wij dat prima.”

Maar dit voorstel van Slob is volgens Schreuders niet nodig: „Als nieuwe belangrijke punten deel uitmaken van een begroting, bijvoorbeeld een investering of een strategische koerswijziging, dan beschikt de mr op dit moment al over voldoende rechten om bij die onderwerpen op een verantwoorde manier inspraak te leveren. Veel van die zaken vallen immers al onder het adviesrecht of het instemmingsrecht.”

Volgens de ROV-voorzitter kan het voorstel van Slob leiden tot verwarring: „Wie gaat nu uitmaken wat er behoort tot de hoofdlijn van de begroting en wat niet? De hoofdmoot van de begroting zijn de uitgaven aan salarissen. Daarin heeft de mr al instemmingsrecht via het formatieplan.”

VGS

Ook Pieter Moens, bestuurder bij de VGS, is uitgesproken tegenstander van Slobs voorstel: „Het huidige adviesrecht bij de hoofdlijnen van de begroting is voldoende. Instemmingsrecht raakt de beleidsvormende rol van de besturen. Een bestuur doet er wél wijs aan om een mr vooraf te betrekken bij beleidsvorming. De minister moet besturen en bestuurders toerusten om het goede gesprek met de mr te voeren. De financiële verantwoording is een taak van de bestuurders.”

Moens is niet onder de indruk van Slobs argument dat scholen anno 2019 meer verantwoording moeten afleggen: „Het gaat niet alleen om verantwoording. Natuurlijk moet dat, maar mijn voorstel is om meer accent te leggen op overleg vooraf.”

Uitbreiding van het instemmingsrecht kan volgens Moens nooit de basis zijn om te komen tot een goed gesprek, zoals Slob stelt: „Als dat de basis is voor een goed gesprek, is de zaak ondeugdelijk. Dan lijkt het meer op een machtsspel. Dat moet voorkomen worden. Bestuurders moeten hun verantwoordelijkheid némen. Een mr moet zijn positie als adviesorgaan serieus nemen, maar is geen bestuurder. Houd de posities zuiver. Werk samen!”

Moens, beeld RD, Henk Visscher

Voor adviesraden verandert er niets

Ongeveer de helft van de scholen in het reformatorisch basis- en voortgezet onderwijs heeft geen medezeggenschapsraad, maar een adviesraad. Ruim tien jaar geleden hadden slechts enkele reformatorische scholen een medezeggenschapsraad. Medezeggenschap werd gezien als een inbreuk op de bevoegdheden van het wettelijk gezag.

De overheid verplichtte in 2006 alle scholen tot de instelling van een medezeggenschapsraad. Voor scholen met principiële bezwaren tegen het instemmingsrecht kwam er een uitzonderingsbepaling. Als twee derde van de ouders, van de leerkrachten en van de leerlingen bezwaar heeft tegen een mr met instemmingsrecht geeft het ministerie de school de mogelijkheid om de medezeggenschapsraad om te vormen tot een adviesraad. Over alle onderwerpen waarover de medezeggenschapsraden instemmingsrecht hebben, geven de adviesraden een advies. Voor deze scholen verandert er dus niets door het voorstel van Slob om mr’s instemmingsrecht te geven over de hoofdlijnen van de begroting. Daarover moesten deze raden al advies uitbrengen. Dat blijft dan zo.