Lied van 
die sugtende skepsel

2

De eerste bladzijden van het boek met de titel ”Anno Domini 2019” zijn net omgeslagen. Het inleidende hoofdstuk kent veelal de paragraaf ”ontmoeting en bezinning”. Een goed en waardevol gebruik om zo het nieuwe jaar te starten.

De kerstdagen en Oud en Nieuw nopen tot existentiële bezinning. Op wat was, wat is en wat komen gaat. De Deense filosoof Søren Kierkegaard drukte het zo uit: „Het leven kan alleen achterwaarts begrepen worden, maar het moet voorwaarts worden geleefd.” Hoe mooi is het om ook komend jaar met leerlingen of studenten vanuit de existentie via de schoonheid van bezielde taal de brug te slaan naar het leven dat voorwaarts geleefd gaat worden. Ieder jaar is immers vormingsjaar.

We hebben een rijke traditie met schatten die opgetast liggen en wachten op ontsluiting voor een nieuwe generatie. Binnen en buiten ons eigen taalgebied. Baie mooie juweeltjes die gaan over de grote thema’s van tijd en eeuwigheid, vergankelijkheid en onvergankelijkheid, gebondenheid en vrijheid. Geniet aan het begin van 2019 even met mij van dit (ingekorte) Afrikaanse juweeltje van de hand van wijlen hoogleraar dr. J. D. du Toit. Ter overdenking.

1. Bo ’n strandelose en donker see

van eindelose wêreldwee

verhef die skepsel hom –

die kop hooguit, om deur die nag

te speur wanneer die gloriedag

van al Gods kinders kom.

2. Die skepping, uit die oer-ou tyd,

is slaaf van die verganklikheid,

maar nie gewillig; nee,

ter wille van die mensekind,

van eeuskuld is die band gebind,

die lydensboei gesmee.

3. Die ganse skepping het in druk

altyd weer aan die boei geruk,

sterk-smagtend na die tyd

dat hy weer los van die verderf

die vryheid met Gods kind sal erf

in onverganklikheid.

6. Ons sug, want daar ’s geen oogbewys!

Maar hoop het ons weer op laat rys

in die ontkomingstryd;

want as ons sien, hoop ons nie meer;

maar as ons hoop dan leef ons weer

en wag in lydsaamheid.

Mag 2019 jou voorspoed bring.

Gelukkige nuwe jaar!