Leider reformatorische school lastig te vinden

Kinderen op de Eben-Haëzerschool in Oostkapelle gaan weer naar school. beeld Dirk-Jan Gjeltema

Zeeuwse scholieren schoven maandag weer in de bankjes. Voor reformatorische scholen was het een toer om aan directeuren te komen. De Driestar zou een vijfde leerjaar moeten invoeren om jonge paboërs klaar te stomen voor schoolleider, klinkt het in Zeeland.

Moeizaam was de zoektocht naar directeuren van reformatorische basisscholen in Zeeland. „De situatie is zorgelijk”, zegt Poortvliet. Hij is directeur onderwijs & financiën van Colon, de vereniging reformatorisch primair onderwijs Zeeland. Daar vallen 26 reformatorische basisscholen onder.

Binnen ‘zijn’ scholen ontstonden afgelopen jaar zo’n elf vacatures voor schooldirecteur. Pakweg negen posten konden uiteindelijk worden ingevuld. Met hangen en wurgen. Komt bij: het gros van die directeursposten ging naar mensen die ook al op een andere basisschool binnen Colon de leiding hebben. Ze trekken dan dus op twee refoscholen aan de touwtjes.

Zeker jonge mensen hikken aan tegen een directeursfunctie, merkt Poortvliet, directeur van de reformatorische Comrieschool in het Zeeuwse Kruiningen. „Ik merk dat de jonge garde opziet tegen de verantwoordelijk van het schooldirecteurschap. „Ik wil niet al die sores aan mijn hoofd”, klinkt het dan. Bovendien werken binnen jonge gezinnen man en vrouw vaak beiden. Ze hechten daarnaast belang aan vrije tijd en loyaliteit aan hun gezin. Die loyaliteit waardeer ik natuurlijk.”

Leidinggeven ís ook pittig, tekent Poortvliet aan, zelf meer dan dertig jaar actief in het onderwijs. „Je bent 24 uur per dag directeur. Ook als je op je vakantie in Oostenrijk wordt gebeld. Je bent het gezicht van de school, vangt boze ouders op en moet de leiding nemen als bijvoorbeeld een kind ernstig ziek wordt.” Ook het „magere” salaris voor schooldirecteuren houdt mensen tegen, denkt hij. „Een paar honderd euro extra per maand ten opzichte van leerkrachten is te weinig.”

Pieter Moens, voorman van de Vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs (VGS), stelde onlangs in het Reformatorisch Dagblad: „Ook in onze gezindte is men steeds materialistischer. Veel geld verdienen is blijkbaar belangrijker geworden dan kinderen bij Gods Woord grootbrengen.” Poortvliet heeft moeite met die analyse. „Pas ervoor op om mensen over één kam te scheren. Ik maak veel betrokken en gemotiveerde onderwijzers mee. Die het geweldig vinden om aan het begin van de dag de kinderen Gods Woord voor te houden.”

Om meer jonge mensen te strikken voor leidinggevende jobs moet de Driestar overwegen een vijfde leerjaar te introduceren, oppert hij. In dat jaar moeten paboërs worden klaargestoomd tot directeur. „Die mensen moeten een titel krijgen. Net zoals een hts’er ing. voor zijn naam krijgt. Dat geeft extra cachet aan die functie. Het directeurschap vergt speciale vaardigheden, bijvoorbeeld op het gebied van management.”

Annelies Kraaiveld, opleidingsmanager van de pabo Driestar, zegt „open te staan voor ideeën om wat te doen aan het directeurentekort.” Nu al kunnen paboërs zich een groot deel van het vierde jaar specialiseren. Van een apart vijfde leerjaar voor schooldirecteuren ziet ze het nog niet komen. Wel worden er plannen besproken om een soort „werkplaats” voor jonge directeuren op te richten. „Dat betekent dat jonge mensen na de pabo meteen een leidinggevende functie krijgen, maar dat ze wel begeleiding blijven krijgen vanuit de Driestar. Die jonge leidinggevenden komen dan bijvoorbeeld eens per twee weken bij elkaar om hun ervaringen te bespreken.”

Voorzichtigheid is geboden bij het aanstellen van jonge mensen als directeur, waarschuwt Kraaiveld. „We moeten jonge mensen niet overvragen. Ik ken voorbeelden van twee jeugdige schooldirecteuren die vrij snel weer gestopt zijn. Als iemand meteen na de pabo bijvoorbeeld directeur bovenbouw wordt, is begeleiding door een ervaren collega van groot belang. Je leert het vak pas in de praktijk.”