Buurvrouw meldt vermoeden kindermishandeling altijd

Eigenwijzer
beeld Anjo Mutsaars

Vraag: Ik heb een sterk vermoeden dat er bij een gezin in mijn omgeving sprake is van kindermishandeling. Ik vond het lastig wat ik hiermee moest doen, maar heb dit toch gemeld bij de school. Kunt u eens een artikel aan dit thema wijden?

Kindermishandeling is een ernstig onderwerp. Een vermoeden hiervan moet altijd serieus worden genomen. Het is dan ook heel goed dat deze ‘buurvrouw’ haar vermoedens vertrouwelijk meldde aan een personeelslid van de betrokken school.

Iedere volwassene die signalen opvangt van kindermishandeling moet zijn verantwoordelijkheid nemen. Dan is het belangrijk om te weten welke stappen hierin mogelijk zijn en waar hij terechtkan.

Het is goed eerst te schetsen wat er onder kindermishandeling wordt verstaan en vervolgens te kijken wat iemand met vermoedens van kindermishandeling kan doen.

De overheid geeft in de Jeugdwet de volgende omschrijving van kindermishandeling: „Elke vorm van voor een minderjarige bedreigende of gewelddadige interactie van fysieke, psychische of seksuele aard, die de ouders of andere personen ten opzichte van wie de minderjarige in een relatie van afhankelijkheid of van onvrijheid staat, actief of passief opdringen, waardoor ernstige schade wordt berokkend of dreigt te worden berokkend aan de minderjarige in de vorm van fysiek of psychisch letsel.”

Niet altijd met opzet

Kindermishandeling in huiselijke kring door de ouders of verzorgers van het kind wordt ook ”huiselijk geweld” genoemd. Ook andere volwassenen die met kinderen te maken hebben, bijvoorbeeld door hun beroep, kunnen zich daaraan schuldig maken. Onder kindermishandeling valt ook het getuige zijn van huiselijk geweld.

Mishandeling gebeurt niet altijd met opzet. Soms groeit ouders de zorg voor hun kind boven het hoofd door hun eigen problemen, of ze weten niet wat hun kind nodig heeft. Hierdoor loopt hun gedrag uit de hand.

Onderzoekers van de Universiteit Leiden en TNO schatten dat in Nederland er jaarlijks bijna 119.000 kinderen worden mishandeld.

Verschillende vormen

Er zijn verschillende vormen van kindermishandeling. Lichamelijk geweld is bijvoorbeeld het slaan, bijten, schoppen, krabben of knijpen van het kind, het laten vallen of het toebrengen van brandwonden. Ook het schudden van een baby, het shakenbabysyndroom, valt hieronder.

Als een volwassene een kind regelmatig uitscheldt, vijandig of afwijzend tegen het kind doet of het expres bang maakt, heet dat „emotionele of geestelijke mishandeling.”

Een kind wordt lichamelijk verwaarloosd als het niet de verzorging krijgt die het nodig heeft. Daarnaast is er emotionele of geestelijke verwaarlozing: een kind krijgt voortdurend te weinig positieve aandacht; zijn behoefte aan liefde, geborgenheid en warmte wordt genegeerd. Ook als een kind getuige is van geweld tussen zijn ouders of verzorgers, valt dit onder emotionele verwaarlozing.

Een andere vorm van kindermishandeling is seksueel misbruik, zoals wanneer een volwassene seksuele aanrakingen aan een kind opdringt.

Een bijzondere vorm van kindermishandeling is het syndroom van Münchhausen-by-proxy. Ouders of verzorgers doen alsof het kind ziek, gewond of beperkt is. Zij verzinnen of overdrijven ziekteverschijnselen of bepaald gedrag.

Bepaalde symptomen komen alleen voor als de pleger van dit syndroom aanwezig is. Dit maakt onderzoek naar wat het kind zou hebben moeilijk. Een kind dat niet ziek is, wordt op deze manier ziek gemaakt en krijgt daarvoor soms ook medische behandelingen, met alle gevolgen van dien.

Signalen

Verschillende soorten signalen kunnen duiden op kindermishandeling. Hoe meer signalen een kind geeft, des te groter is de kans dat er sprake is van mishandeling.

Lichamelijke kenmerken zijn bijvoorbeeld blauwe plekken, brandwonden, het dragen van vieze kleren, te koud of te warm gekleed zijn, vaak ziek zijn en achterlopen in de ontwikkeling. In het gedrag van het kind kunnen er ook aanwijzingen zijn, zoals lusteloosheid, in zichzelf gekeerd of juist heel druk gedrag vertonen, weinig interesse in spel hebben, agressief zijn, schrikken van aanrakingen en weinig zelfvertrouwen hebben.

Een plotselinge gedragsverandering en wantrouwend gedrag tegenover andere kinderen zijn eveneens tekenen, net als angstig en waakzaam gedrag tegenover de ouders of andere volwassenen.

Bij ouders die zich schuldig maken aan mishandeling zijn andere signalen op te merken. Zo kunnen zij zich regelmatig negatief over hun kind uitlaten, tegen hem schreeuwen, regelmatig afspraken afzeggen en het kind thuis houden.

Algemene aanwijzingen bij een gezin zijn een combinatie van verschillende omstandigheden, zoals vaak verhuizen, slechte hygiëne, financiële en relatieproblemen.

Niet automatisch

Bovenstaande voorbeelden van signalen kunnen wijzen op kindermishandeling, maar dat is niet automatisch zo. Ze hebben mogelijk een andere oorzaak. Soms is er aan een kind weinig te merken, terwijl er wel mishandeling plaatsheeft. Professionals en andere betrokkenen handelen daarom zorgvuldig om vast te stellen of er inderdaad sprake is van mishandeling.

Iemand die kindermishandeling vermoedt, kan altijd iets doen. De ‘buurvrouw’ heeft alert gereageerd door de schooldirecteur in vertrouwen te nemen en haar vermoedens te bespreken. Samen kijken zij verder welke hulp er gewenst is voor dit gezin.

Op sites van de overheid (vooreenveiligthuis.nl en rijksoverheid.nl) is veel informatie te vinden over hoe te handelen. Er staan tips en adviezen op, net als telefoonnummers van hulpverleners en verwijzingen naar de Raad voor de Kinderbescherming en Bureau Jeugdzorg.

Niet-pluisgevoel

Deze ‘buurvrouw’ had een sterk vermoeden van kindermishandeling. De overheid adviseert open te staan voor signalen en deze serieus te nemen, omdat een niet-pluisgevoel vaak blijkt te kloppen. Waarschijnlijk hebben meer mensen in de omgeving van dit gezin iets gezien wat niet in de haak is, maar hebben zij er nog niets mee gedaan.

Kindermishandeling ontstaat vaak door onmacht en opstapeling van problemen. De ‘buurvrouw’ kan met de ouders in gesprek gaan. Kan zij ergens mee helpen of ondersteuning bieden? Ze zou misschien al kunnen helpen door te luisteren naar de moeder of vader en er voor het gezin te zijn met praktische hulp, zoals een uurtje op de kinderen letten of helpen in het huishouden.

De ‘buurvrouw’ probeert aan de betrokkenen haar zorgen kenbaar te maken: „Ik merk dat...” of „ik zie dat...” Daarbij is het belangrijk dat zij hen niet beschuldigt, maar probeert met hen in gesprek te komen en daarbij haar steun aanbiedt.

Het is heel begrijpelijk dat de ‘buurvrouw’ opziet tegen dit gesprek en het misschien niet aandurft. Zij kan van tevoren een medewerker van Veilig Thuis bellen (0800-2000) om de situatie voor te leggen en te bespreken welke stappen zij kan zetten. Veilig Thuis is het advies- en meldpunt voor iedereen die direct of indirect te maken heeft met huiselijk geweld en kindermishandeling.

Hulpverleners gaan met de beller in gesprek en luisteren naar zijn verhaal. Zij zetten alles op een rij, geven advies en beantwoorden vragen. Samen met bijvoorbeeld deze ‘buurvrouw’ kijken zij welke professionele hulp nodig is. Een beller kan anoniem blijven als hij dat wenst. De lijn is gratis en 24 uur per dag open.

De ‘buurvrouw’ kan er zijn voor het kind door naar hem te luisteren en te vragen of ze iets voor hem kan doen. Ze kan hem misschien uitnodigen om eens te komen spelen. Ze stelt geen vragen aan het kind over haar vermoedens. Omdat een kind loyaal is aan zijn ouders zal hij niet snel iets negatiefs over hen vertellen. Het spreken met kinderen over een vermoeden van mishandeling kan beter aan professionals worden overgelaten. Ook hiervoor kan de ‘buurvrouw’ Veilig Thuis om advies vragen.

Direct gevaar

Als er direct gevaar dreigt voor een kind, moet degene die dit signaleert meteen contact opnemen met de politie en naar het alarmnummer 1-1-2 bellen. Ook dat kan anoniem.

Kinderen kunnen gratis de kindertelefoon (0800-0432) bellen om te praten over problemen die ze thuis hebben. Chatten kan ook via de website kindertelefoon.nl. Stichting Chris is een christelijke organisatie die kinderen kunnen raadplegen via de website kinderen.chris.nl. Bij seksueel misbruik is er de Hulplijn Seksueel Misbruik die volwassenen en kinderen kunnen bellen: 0900-9999001.

Mensen die werken met kinderen, zoals leerkrachten, hulpverleners en huisartsen, zijn bij signalen van geweld verplicht om te handelen volgens de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Op iedere werkvloer waar met kinderen wordt gewerkt, is een protocol voor kindermishandeling aanwezig. Professionals kunnen een stappenplan volgen om hulp in gang te zetten.

Wilt u reageren of hebt u vragen over opvoeding? Leg ze (anoniem) voor aan de pedagogen Mirjam Blom en Anja Helmink. Dat kan door de situatie en de (gezins)omstandigheden, liefst uitvoerig, te mailen naar: wijs@rd.nl of te sturen naar: RD, t.a.v. redactie Wijs, Postbus 670, 7300 AR Apeldoorn.

Tips

- Neem een niet-pluisgevoel altijd serieus en kom in actie.

- Bel Veilig Thuis voor advies, hulp en het melden van vermoedens van geweld: 0800-2000.

- Bied het desbetreffende gezin praktische steun aan.

- Bel bij direct gevaar voor het kind 1-1-2 en vraag naar de politie.

Bronnen en meer informatie

rijksoverheid.nl/onderwerpen/kindermishandeling/wat-kindermishandeling-is
vooreenveiligthuis.nl
kindertelefoon.nl, de Kindertelefoon 0800-0432.
kinderen.chris.nl, woensdagavond tussen 19.00 en 22.00 uur: 078-6312300.
verbreekdestilte.nl, Hulplijn Seksueel Misbruik: 0900-9999001.
eleos.nl
nji.nl/kindermishandeling-probleemschets-definitie