Bij ongehoorzaam kind helpt compliment het best

Eigenwijzer
beeld Anjo Mutsaars Anjo Mutsaars

Wij hebben drie kinderen in de leeftijden 6, 9 en 11 jaar. De laatste tijd luisteren ze erg slecht en houden ze zich niet aan de regels. Als ik hun iets vraag, moet ik het heel vaak zeggen voordat ze luisteren. Het lijkt ook wel of ze elkaar hierin nadoen. Wat kan ik hieraan doen, zodat ook de sfeer in huis weer gezellig wordt?

Deze situatie zullen veel ouders herkennen. Als ouders willen dat kinderen naar hen luisteren en de regels naleven, is het belangrijk om allereerst na te gaan welke regels er in het gezin zijn en of deze regels duidelijk zijn. Als kinderen weten wat er van hen wordt verwacht, is het gemakkelijker om aan deze verwachtingen te voldoen.

Opvoeders denken vaak dat kinderen wel weten wat de ouders willen en wat niet, maar in de praktijk blijkt dat niet altijd zo te zijn. Er is namelijk een verschil tussen regels en grenzen. Regels zijn gedragsvoorschriften die vrijwel altijd gelden, maar de grens tot waar een kind kan gaan, wisselt.

Als ouders moe zijn of druk bezig, kunnen ze minder geduld hebben dan als ze uitgerust zijn en voldoende tijd hebben. De grens is dan eerder bereikt, waardoor een ouder de ene dag meer accepteert dan de andere dag. Daarnaast gelden er buitenshuis weer andere regels dan binnenshuis.

Voor kinderen kan deze situatie verwarrend zijn. Daarom is het goed om te benoemen waarom iets wel of niet mag. Als ouders hun regels duidelijk uitleggen, snappen kinderen deze richtlijnen beter en zullen ze zich er ook eerder aan houden. Ouders dienen ook te benoemen welk gedrag ze wel goed vinden. Op deze manier leert een kind niet alleen wat niet mag, maar ook wat dan wel de bedoeling is. „Je mag geen snoepje meer, want we gaan zo eten en dan heb je minder trek. Vanavond bij het koffiedrinken mag je weer een snoepje.”

Oneens met regels

Ouders kunnen er moeite mee hebben om hun kinderen regels bij te brengen, omdat ze merken dat kinderen het lang niet altijd met die regels eens zijn. Om aardig te worden gevonden of de sfeer in huis te redden, kunnen ouders dan toegeven. Kinderen hebben echter juist behoefte aan ouders die hun voorhouden wat gewenst en wat niet gewenst is. Het is dan ook belangrijk om te blijven vasthouden aan de regels. ”Nee is nee en ja is ja”, is niet altijd gemakkelijk, maar wel zo duidelijk voor een kind.

Samen regels maken

Regels en grenzen zijn goed voor kinderen zelf, maar ook voor ouders en voor de omgeving. Jonge kinderen zien nog niet alle gevaren in huis of op straat. Ouders beschermen hun kind door regels aan te leren. Daarnaast is het goed dat kinderen leren omgaan met teleurstellingen en dat ze al jong leren weleens dingen te moeten doen die ze niet zo leuk vinden, zoals spullen opruimen of tafeldekken.

Ook in hun verdere leven krijgen kinderen te maken met ge- en verboden. Het is goed om hen vanaf jonge leeftijd eraan te laten wennen dat niet alles mag en dat ze rekening moeten houden met anderen. Door de regels weten kinderen waar ze aan toe zijn en wat hun ouders van hen verwachten.

Opvoeders voorkomen veel discussie door regels en vaste gewoonten. Regels zoals ”elke dag eten we om 6 uur” en ”zelf je jas en tas opruimen als je uit school komt” zorgen voor duidelijkheid in het gezin. Ook geven ze kinderen een veilig gevoel.

Wanneer kinderen van deze regels afwijken, kunnen ouders hen daaraan herinneren. Als kinderen wat ouder worden –denk aan kinderen vanaf groep 3/4– kunnen de ouders ook eens met hen om de tafel gaan om samen regels voor het gezin te maken. Wanneer ze ook afspreken dat ze elkaar hierop ook mogen aanspreken, wordt het een soort spel.

Kinderen houden zich eerder aan regels als ze werden betrokken bij het opstellen ervan. Ze voelen zich er dan verantwoordelijk voor om zich eraan te houden. In het begin is dat laatste vaak nog even wennen, maar leren gaat met vallen en opstaan.

Belonen

Behalve duidelijkheid en het maken van afspraken is het belonen van het gewenste gedrag enorm belangrijk. Geef een kind aandacht als het zich wél aan een regel houdt of zomaar als het iets doet waar je blij mee bent. Met aandacht en complimenten voor gewenst gedrag bereik je veel meer dan met het straffen van het ongewenste gedrag. Het is ook goed om concreet te benoemen waar je dan zo blij mee bent. „Wat fijn dat je je bord hebt leeggegeten” of: „Ik ben heel blij dat je uit jezelf je kamer hebt opgeruimd. Nu ziet het er weer netjes uit.”

De meeste kinderen laten op een dag meer gewenst dan ongewenst gedrag zien, maar helaas vallen de ongewenste dingen ons vaker op en besteden we daar meer aandacht aan. Ouders zullen merken dat de sfeer in huis verandert als ze proberen meer te letten op de dingen die goed gaan. Daarnaast zijn positieve aandacht en complimenten onmisbaar voor het zelfbeeld en het zelfvertrouwen van een kind.

Kinderen leren veel door te kijken naar anderen, met name naar hun ouders. Het is belangrijk dat opvoeders zelf het goede voorbeeld geven. Mag een kind niet snoepen voor het eten, dan is het niet handig om dit als ouder wel te doen.

Straffen

Als alle beschreven manieren om kinderen regels bij te brengen onvoldoende helpen, kan het nodig zijn om te straffen. Meestal is een waarschuwing al genoeg. Als een kind na herhaaldelijk verbieden toch doorgaat met zijn gedrag, moet er een passende consequentie volgen. Hierbij kan worden gedacht aan het afnemen van iets leuks. Is een kind te laat thuis voor het eten, dan mag het ’s avonds niet meer buiten spelen.

Een kind iets laten doen wat het vervelend vindt, kan ook een passende straf zijn. Een extra klusje in huis of de schade zelf laten herstellen als het kind iets heeft kapotgemaakt. Het werkt meestal ook goed om een kind de gevolgen van zijn gedrag te laten ervaren. Als een kind steeds zijn gymkleding in de tas laat zitten, heeft het de week erop geen schone gymkleding.

Als een ouder echter de gymspullen zelf uit de tas haalt en toch wast, leert een kind dat papa of mama er wel voor zorgt dat het goed komt. Ook denkt het niet aan de regel dat gebruikte gymkleding in de wasmand hoort.

Als een ouder straft, doet hij er goed aan uit te leggen waarom hij dat doet. Doe dit ook meteen nadat het kind iets fouts doet. ’s Avonds terugkomen op gedrag van die ochtend werkt niet zo goed. Een kind is het dan vaak weer vergeten. Het is goed om niet te vaak straf te geven, anders worden kinderen er ongevoelig voor. Complimenten bij goed gedrag hebben meer effect.

Tips

  • Ga na welke regels belangrijk zijn en of ze duidelijk zijn.
  • Vertel waarom iets wel of niet mag.
  • Geef een alternatief.
  • Maak samen afspraken.
  • Beloon gewenst gedrag zo veel mogelijk.
  • Straf voortgaand ongewenst gedrag.
  • Geef zelf het goede voorbeeld.

Wilt u reageren of hebt u vragen over opvoeding? Leg ze (anoniem) voor aan de pedagogen Mirjam Blom en Anja Helmink. Dat kan door de situatie en de (gezins)omstandigheden, liefst uitvoerig, te mailen naar: wijs@refdag.nl of te sturen naar: RD, t.a.v. redactie Wijs, Postbus 670, 7300 AR Apeldoorn.