Zeven vragen over de klimaattop in Katowice

De Poolse minister Michal Kurtyka van milieu zit de 24e VN-klimaatconferentie in het Poolse Katowice voor. Naast hem de baas van het VN-klimaatbureau UNFCCC Patricia Espinosa. beeld AFP, Janek Skarzynski

Gesprekken tussen onderhandelaars voor het nieuwe klimaatakkoord liepen de afgelopen tijd muurvast. Daarom begon de VN-klimaattop een dag eerder: op zondag. In het Poolse Katowice worden de toezeggingen van ‘Parijs’ omgezet in harde afspraken.

Het komt de komende twee weken in Katowice allemaal aan op de concrete uitvoering van het klimaatakkoord van Parijs in 2015. Ook zullen de landen officieel vaststellen waar ze nu staan bij het terugdringen van de CO2-uitstoot.

Waarover ging de klimaattop in Parijs ook al weer?

In Parijs spraken bijna 200 landen af dat de opwarming van de aarde onder 2 graden Celsius moet blijven ten opzichte van ijkjaar 1990, liefst niet meer dan 1,5 graden. De uitstoot van broeikasgassen moet daarom in 2050 met 80 tot 95 procent zijn verlaagd. De landen gaven in Parijs handen en voeten aan de afspraak op de klimaattop in Cancun (2010) om het CO2-gehalte in de atmosfeer niet boven 450 deeltjes per miljoen (ppm) uit te laten komen, om de temperatuursstijging te beperken tot minder dan 2 graden.

Zijn die doelen nog haalbaar?

De opwarming van de aarde beperken tot 1,5 graden is wel haalbaar, maar alleen tegen gigantische kosten, rapporteerde het VN-klimaatpanel IPCC onlangs. Maar die 1,5 graden opwarming is al genoeg om kleine eilandstaatjes kopje onder te laten gaan. Onder de 2 graden opwarming blijven is wellicht zelfs al een onmogelijke missie.

Wat kan de Poolse top nog toevoegen aan Parijs?

Op de top in Parijs hebben alle deelnemende landen een zogeheten ”intended nationally determined contribution” (INDC) moeten inleveren – een vrijwillige toezegging om de CO2-uitstoot met een bepaald percentage terug te dringen voor de periode na 2020. Een INDC is gebaseerd op de draagkracht van het land. Zo wil de EU in 2030 40 procent minder CO2 uitstoten. Nu moeten de landen hun beloften van toen omzetten in bindende afspraken.

Weinig spannend dus?

Dat valt nog te bezien. De rijke landen zijn het niet eens met de lijst met arme landen die is vastgesteld op de klimaattop in Rio de Janeiro (1992). Daarop staat onder meer economische grootmacht China. De VS en de EU willen dat op zijn minst China van die lijst wordt geschrapt. Daarnaast moet er een VN-orgaan komen dat de CO2-uitstootreductie per land gaat meten. Maar sommige landen –waaronder China– houden niet zo van pottenkijkers.

Als die afspraken er komen, gaat Katowice dan de wereld redden?

Volgens klimaatdeskundigen niet. Het Internationaal Energie Agentschap (IEA), het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het VN-klimaatbureau berekenden in 2015 dat de INDC-toezeggingen zullen leiden tot een temperatuursstijging van 2,7 graden Celsius in 2100.

Zijn alle inspanningen dan voor niets?

Dat is te kort door de bocht. Wel is zeker dat de landen de mouwen moeten opstropen om de beoogde CO2-reducties te halen. Volgens het recente Emissions Gap Report moeten de landen meer dan drie keer zoveel doen dan ze nu doen om het 2-gradendoel te halen.

Wat gaan wij ervan merken?

Het kabinet-Rutte zet in op een verhoging van de Europese INDC van 40 naar 55 procent. De CO2-uitstoot moet dan nog sneller omlaag. De regering heeft al besloten de aanschaf van een elektrische auto van 2021 tot 2025 met 6000 euro te subsidiëren, en CO2-belasting en rekeningrijden in te voeren. Benzine en diesel worden extra belast, evenals vervuilende auto’s. Bovendien moeten alle woningen voor 2030 van het aardgas af zijn. Katowice kan hooguit het gevolg hebben dat het kabinet er nog een schepje bovenop doet. Reken maar op verplichte investeringen en duurdere kilometers.