CO2-neutraal kost Vlastuin Group hoofdbrekens

Week van de schepping
Gerrit van Vlastuin (l.) met zijn schoonzoon Niek de Kat in de bedrijfshal waar containertrailers in elkaar worden gezet. Van Vlastuin ziet een duurzame toekomst voor waterstof. „Als familie zijn we bereid om hierin te investeren.” beeld VidiPhoto
2

De eis van de overheid om in 2050 CO2-neutraal te zijn, kost directeur Gerrit van Vlastuin van metaalconcern de Vlastuin Group in Kesteren de nodige hoofdbrekens.

Hij wil graag duurzaam ondernemen en de schepping goed achterlaten. „Maar wat moeten we doen en waar moeten we voor gaan?”

Het bedrijf in Kesteren is al best goed bezig, blijkt uit de duurzaamheidsscan. Met wat extra maatregelen zou er nog een energiebesparing van zo’n 350.000 kilowattuur bereikt kunnen worden. Op een totaal aan benodigd vermogen van ruim 4 miljoen kilowattuur is dat nog geen 10 procent. Relatief weinig dus.

Bedrijfsafval wordt al volledig gescheiden, vertelt Van Vlastuin. „De restwarmte van onze lasersnijders gebruiken we in de winter om de hallen te verwarmen. We hebben gescheiden rioleringen voor afvalwater en hemelwater. Nieuwe lampen worden vervangen door LED-verlichting. Om de hallen zomers te koelen gebruiken we een koudwaterbron. Een tweede put boren mag niet van de overheid. Het plaatsen van een windmolen op het bedrijventerrein ook niet. We bouwen straks een nieuw kantoor waarbij we gebruik maken van duurzame materialen. Voordeel daarbij is dat we dan ook nog een half procent minder rente hoeven te betalen bij de bank. Buiten hebben we wadi’s aangelegd om regenwater op te vangen en er hangen nestkasten voor uilen en vleermuizen. Dat heeft onze bouwprocedures anderhalf jaar vertraagd.”

Met alle genomen maatregelen vraagt de directeur zich af wat een bedrijf als het zijne nog meer moet doen om te voldoen aan de richtlijnen van de overheid om CO2-neutraal te ondernemen. „We hebben meer vragen dan antwoorden. We zoeken geen deskundigen die belang hebben bij de verkoop van bepaalde producten, maar objectieve informatie. En dat blijkt in de praktijk vaak lastig te vinden.”

Schoonzoon Niek de Kat is werkzaam bij de firma als verkoper. Daarnaast houdt hij zich bezig met een dilemma bij de Vlastuin Group: zonnepanelen. „Op de daken van onze productiehallen is ruimte voor 8000 zonnepanelen, een totale investering van ongeveer 1,8 miljoen euro. De terugverdientijd is zo’n tien jaar, dankzij subsidie van de overheid. Maar aan het einde van de levensduur: kunnen deze panelen dan gerecycled worden? En hoe zit het met de productie? Komen er geen schadelijke stoffen vrij bij de fabricage van panelen? Glasfoliepanelen zijn voor ons geen optie. Als het hele plaatje klopt, kiezen we uiteindelijk voor glaspanelen.”

Volgens Van Vlastuin is de makkelijkste route het ‘volgen’ van de overheid en niet zelf nadenken. „Ze duwen ons in een bepaalde hoek, maar zit je dan straks zelf niet met de gevolgen? Als zonnepanelen niet hergebruikt kunnen worden leggen we ze niet op ons dak. Maar wie kan ons hierin eerlijk adviseren? Wat mij betreft is dat een mooie klus voor journalisten van het RD. We staan open voor verduurzaming, maar laten ons niet leiden door de emotie van de dag.”

Warmtepompen zijn geen optie voor de directeur. „De terugverdientijd daarvan is twintig jaar. Ik ben in de eerste plaats wel ondernemer. Zonder verdienmodel is er geen toekomst voor het bedrijf. Dat staat los van mijn intrinsieke motivatie om waar mogelijk ons rentmeesterschap in de praktijk vorm te geven. Bovendien, wat zijn de gevolgen voor de bodem als we die gaan gebruiken als warmtebuffer? Daar is nog nauwelijks studie naar gedaan.”

Een andere overweging om het plaatsen van zonnepanelen uit te stellen, is de komst van waterstof. „Daar verwacht ik veel van. Met onderzoek naar die mogelijkheden zijn we wereldwijd veel te laat begonnen. Persoonlijk denk ik dat waterstof de toekomst is. Als familie –onze kinderen zijn aandeelhouder van het bedrijf– zijn we bereid om hierin te investeren. Maar de grote vraag op dit moment is: waar moeten we voor gaan en wie heeft het totaaloverzicht, inclusief milieu-effecten?”

Vreemann. beeld RD

Energietips voor consumenten

Kies apparaten met een laag energieverbruik, te herkennen aan energielabel A+++.

Vervang ouderwetse gloeilampen voor LED-verlichting, die laatste gebruiken tot een factor 10 minder stroom.

Voorkom sluipgebruik: trek stekkers uit het stopcontact als je apparaten niet gebruikt.

Isoleer je huis. Met name vloer- en dakisolatie voorkomt een hoog gasgebruik. De energierekening daalt ook mee.

„Dakisolatie oudere panden”

De duurzaamheidsscan van Leendert Vreemann van adviesbureau DWA uit Rijssen maakt duidelijk dat de Vlastuin Group in Kesteren op het goede spoor zit. Desondanks valt er op milieutechnisch gebied nog de nodige winst te behalen. Er wordt nog veel gebruik gemaakt van conventionele technieken. Inkopen van groene stroom gebeurt nu niet. „Hier liggen dus nog kansen om het energiegebruik verder te verduurzamen. Datzelfde is ook mogelijk bij het materiaalgebruik.”

Een ander advies is dakisolatie. „Daken van de oudere panden zijn aan renovatie toe. Extra isoleren leidt tot gasbesparing en extra zomercomfort.” Een andere aanbeveling is het leggen van zonnepanelen. Van Vlastuin is daarmee bezig, maar zitten nog wel met vragen. LED-verlichting wordt al op grote schaal toegepast. Zodra lampen vervangen moeten worden, stapt het bedrijf over op LED.

Het optimaliseren van de klimaatbeheersing, de aanleg van zonnepanelen en wat administratieve maatregelen zou jaarlijks ruim 358.000 kilowattuur aan stroom kunnen besparen en daarmee de uitstoot van 200.000 kilo CO2.