Aftakelend koraal in Indonesië

Dode stukjes koraal op het strand is een gebruikelijk verschijnsel nabij koraalriffen, zoals hier op Lembongan. beeld Kees van Reenen
4

Nusa Lembongan, een Indonesisch eilandje voor de kust van het grotere Bali. In de met mangrovebos begroeide baai start een motorboot en zet koers naar zee. Op weg naar de laatste onbeschadigde stukjes koraalrif rond het eiland.

Langs de noordpunt van Lembongan nadert de boot het grotere Nusa (Indonesisch voor eiland) Penida. Daar worden de snorkelbenodigdheden –niet erg geschikt voor snordragende mannen– omgebonden en opent zich een wondere wereld.

De door de branding uitgeholde rotskust loopt onder water geleidelijk af en is begroeid met tientallen verschillende koralen in allerlei vormen en kleuren; sommige een paar vierkante decimeter groot, andere kolonies meters. Het water is tamelijk helder; er is zeker een meter of vijf zicht.

Verstild als in een aquarium zwemmen schitterend gekleurde tropische vissen in de paar meter water tussen bodem en oppervlak. Eerst lijken ze te vluchten, dan komen ze nieuwsgierig dichterbij: geel-zwarte, zwart-witte, lichtblauwe. Opeens een school kleine visjes rondom.

Saai

Een paar meter verder wordt het echter saai. Het koraal is grauw en visjes zijn er bijna niet. Gezonde koralen zijn zelfs op deze plek kennelijk schaars.

De tweede duiklocatie ligt voor de kust van Lembongan. Het koraal ligt hier nog geen 2 meter onder de oppervlakte en is nog kleuren- en vormenrijker, en hetzelfde geldt voor de vissen. Een beestje van een decimeter in wonderschone pasteltinten waagt zich vlak bij de snorkelaar, maar blijft op veilige afstand als die zijn hand uitsteekt.

Waar het koraal hoger groeit, schieten visjes in zo ontstane schuilplekken. Twee vissen hebben ergens onenigheid over en stoten een paar keer flink met de neuzen tegen elkaar, waarna ze weer huns weegs gaan.

Saaie stukken

Ook hier zijn saaie stukken; flinke oppervlakten koraal zijn bleek, dood. „Dat komt doordat het nu het hete seizoen is”, legt gids Good uit. Dat is dus ieder jaar het geval, maar als het zeewater wereldwijd opwarmt zal het grotere vormen aannemen. Nu is het inderdaad warm: 35 graden boven en 28 graden in het water.

Terug op het eiland vertelt Goods neef Made, die voor hetzelfde duikbedrijf werkt, dat de kwaliteit en de omvang van het koraal hier hard afnemen. „Toen ik achttien jaar geleden begon was het overal zo mooi als de plekjes die je nu gezien hebt. Toen kwamen hier ook nog zeeschildpadden eieren leggen; nu worden ze afgeschrikt door de toeristen.”

Made wijt de achteruitgang aan de benzine en uitlaatgassen van de steeds grotere aantallen motorboten. Made vervolgt: „Bovendien worden er steeds meer pontons aangelegd langs de kust van Penida. Het ergst zijn de zeebodemwandeltochten vanaf betonnen platforms midden in het koraal.”

Rustig

Het ten oosten van Bali gelegen eiland Lombok heeft voor de zuidwestelijke landtong een reeks prachtige eilandjes liggen, omringd door koraalrif. Het is er rustig. Niet alleen roemt de reisgids de ongereptheid van het nog nauwelijks door toeristen ontdekte gebied, ook als gevolg van een zware aardbeving afgelopen zomer zijn er bijna geen toeristen.

Chauffeur Yonk gaat mee op ontdekkingstocht. De jonge bootsman start de motor en zet koers naar Gili (Indonesisch voor eilandje) Nanggu en het onbewoonde eilandje Kedis. Daar zien we voor het eerst meeuwen in dit deel van Indonesië; volgens toerorganisator Abel zijn ze schuw door bejaging. Inderdaad maken ze dat ze wegkomen. Gevolg is dat de koralen de belangrijke voedingsstoffen uit zeevogelmest mislopen.

Flesje brood

Op Nanggu binden bootsman, chauffeur en journalist snorkeluitrusting aan, en gewapend met een flesje brood gaat het naar de visjes die al liggen te wachten op hun ontbijt. Als je in het flesje knijpt spuit het inmiddels zeewaterrijke brood door een gaatje in de dop naar buiten, waar een zwerm van de schitterendst gekleurde visjes er korte metten mee maakt.

Op de bodem groeien koralen in alle vormen en kleuren met hier en daar zeeanemonen waar oranje-witte anemoonvisjes in schuilen. Dichter bij het strand liggen zwarte zeekomkommers en grote roodbruine en zelfs blauwe zeesterren rustig in het warme water.

Toch zijn er te midden van het koraal ook kale rotsblokken en op het strand liggen hele brokstukken dood koraal. „Door de aardbeving,” vertelt Yonk. Nóg een bedreiging van de kostbare koraalriffen.

Verboden

Eind vorig jaar sloot Thailand een aantal stranden voor toeristen, om de natuur de kans te geven zich te herstellen. Op sommige plaatsen was 80 procent van het koraalrif vernield. Voornaamste oorzaken: golfslag van boten, afval en zonnebrandcrèmes. Vooral de uv-filters oxybenzon en octinoxaat blijken dodelijk voor koraallarven, en mogelijk ook voor vissen en zee-egels. Daarom stelden Palau, Hawaï en Bonaire een verbod in op smeersels met deze stoffen.