Warme chemospoeling helpt bij eierstokkanker

Gynaecoloog-oncoloog Adriaan Logmans (tweede van links) en oncologisch chirurg Olivier van Kerschaver (uiterst rechts met slangen in zijn hand) uit het AZ Sint-Lucas in Gent, bezig met een hipec-procedure bij een vrouw met eierstokkanker, uitgezaaid in de buikholte. beeld Philip Vanoutrive
2

Nederlandse ziekenhuizen introduceren binnenkort een behandeling voor eierstokkanker die de kans op overleven met 10 procent verbetert. Dat is spectaculair, zegt de Nederlandse gynaecoloog-oncoloog Adriaan Logmans, die deze zogeheten hipec-procedure samen met oncologisch chirurg Olivier van Kerschaver al negen jaar uitvoert in Gent.

Elk jaar krijgen zo’n 1350 vrouwen in Nederland eierstokkanker. De meesten zijn zestig, zeventig jaar oud, maar artsen zien ook vrouwen van veertig in hun spreekkamer. Omdat driekwart van de patiënten bij de diagnose al uitzaaiingen heeft –klachten openbaren zich pas laat– is de levensverwachting laag. Van de totale patiëntengroep is 50 procent na twee jaar overleden.

Toen uit een groot Nederlands onderzoek, vorig jaar, dan ook bleek dat een behandeling met een chemospoeling in de buik –oftewel hipec– de overlevingskans bij vrouwen met uitgezaaide eierstokkanker met 10 procent verhoogt, waren artsen overal ter wereld enthousiast. Opmerkelijk is dat in sommige landen deze procedure bij eierstokkanker al standaard wordt uitgevoerd bij patiënten, zoals in België, Frankrijk en deels in de VS. In andere landen, waaronder Nederland en Engeland, niet. Hoe zit dat?

„België durft meer”, zegt Logmans, die samen met zijn collega Olivier van Kerschaver de afgelopen jaren ruim tachtig vrouwen op deze manier behandelde in het AZ Sint-Lucas in Gent. Van Kerschaver beaamt dit: „We doen in België snel mee met nieuwe ontwikkelingen.” En wie nu denkt dat het cowboys zijn net over de grens, er worden in dit land niet vaker medische fouten gemaakt dan in Nederland, zegt althans Logmans. Hij heeft er een mogelijke verklaring voor: België kent meer dan Nederland een cultuur van naming-and-shaming. Wie een misstap zet, staat al snel met naam en toenaam in de krant.

Hoe dan ook: Nederlandse medici en hun Britse collega’s zijn gemiddeld wat voorzichtiger bij het introduceren van nieuwe behandelingen. Eerst moeten die bewezen succesvol zijn door middel van een goed wetenschappelijk onderzoek met patiënten. Dat bewijs werd dus in juni 2017 gepresenteerd voor de chemospoeling bij vrouwen met eierstokkanker. De behandeling heet formeel hypertherme intraperitoneale chemotherapie, ofwel: hipec.

Onder leiding van het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis in Amsterdam onderzochten vijf ziekenhuizen het effect van deze procedure. Aan de studie, die tussen 2007 en 2016 werd uitgevoerd, deden 245 vrouwen mee. De helft werd behandeld met de chemospoeling en de andere helft niet. Conclusie: bij de eerste groep was de levensverwachting op lange termijn 10 procent hoger dan bij de andere groep.

Het resultaat bevestigt wat Logmans en Van Kerschaver al verwachtten op basis van hun ervaringen met 82 patiënten. Logmans, die behalve in België werkzaam is in de ziekenhuizen van Goes en Vlissingen, noemt de hipec-procedure dan ook een doorbraak. „Het is jaren geleden dat we zo’n grote winst hebben kunnen realiseren met een behandeling voor eierstokkanker. Wat wij de afgelopen negen jaar aan resultaat met hipec hebben behaald, is het maximale wat we voor patiënten hebben kunnen doen. En het aantal complicaties dat is opgetreden, want die komen helaas voor, was acceptabel.”

Kijkoperatie

De huidige behandeling van eierstokkanker begint met een kijkoperatie: de arts bepaalt op die manier het stadium waarin de ziekte zich bevindt. „Is behandeling mogelijk, dan volgt vaak eerst chemotherapie en daarna een operatie waarbij de resterende tumoren worden verwijderd”, legt Logmans uit. „Internationaal dus al in meerdere ziekenhuizen, maar ook in het Sint-Lucas in Gent gaan we tijdens die operatie dan nog verder, mits de ziekte niet is verspreid buiten de buik. We doen dan direct de hipec-behandeling.”

Deelname aan het Nederlandse onderzoek moet voor de patiënten enorm spannend zijn geweest, denkt Logmans. „Want bleek tijdens de operatie dat hipec in principe mogelijk was, dan werd geloot of de bewuste patiënt ervoor in aanmerking kwam. Op die manier heeft men goed kunnen vergelijken wat het resultaat was van de behandeling. De helft van de patiënten bij wie de ziekte niet tot buiten de buik verspreid was kreeg wel een buikspoeling, de andere helft niet. Dus kreeg je de behandeling niet, dan weet je nu dat je levenskansen minder zijn dan van degene bij wie wel de chemospoeling werd toegepast. Het lijkt me heel moeilijk. Maar door deze aanpak is dit een enorm sterk onderzoek. Het is nu echt bewezen dat de behandeling een positief effect heeft.”

Temeer omdat de toenemende levensverwachting niet inzakt na de eerste twee jaar. „Vaak zie je bij nieuwe kankermedicatie vooral in het begin een gunstig effect, waarna er een echte terugslag volgt”, legt Logmans uit. „Bij de hipec-procedure gaat de daling veel geleidelijker.”

Intensief

De behandeling is intensief, vertelt chirurg Van Kerschaver. „De operatie en buikspoeling samen nemen tussen de zes en de tien uur in beslag. Na het verwijderen van de tumordelen maken we een soort badkuip van de buik, waarin via slangen 6 liter verwarmd vocht wordt rondgepompt. Dat vocht bevat het chemomiddel. Door de warmte van zo’n 42 graden Celsius dringt het dieper door in het lichaam. En doordat de chemo bijna alleen in de buik komt –en niet zoals normaal gesproken via een infuus door het hele lichaam verspreid wordt– kunnen we een hogere dosis geven.” Het vocht moet negentig minuten lang continu in de buik worden rondgepompt, aldus Van Kerschaver.

In België wordt de behandeling vergoed door de zorgverzekeraars. In Nederland nog niet. Het wachten is op de officiële publicatie van de onderzoeksresultaten in een wetenschappelijk tijdschrift, legt Logmans uit. Hij verwacht dat daarna de ingreep snel beschikbaar is in Nederland én vergoed wordt.

Kosten

De afgelopen jaren hebben hij en zijn collega Van Kerschaver al verschillende patiënten uit Nederland behandeld met de hipec-procedure. Zij betaalden die dan zelf. De kosten zijn niet hoog, vergeleken met die van andere oncologische behandelingen. Een operatie en opname kosten 8000 euro, hipec zo’n 4000 euro extra. „Voor Zuidwest-Nederland zal het Erasmus MC in Rotterdam de plek worden waar vrouwen deze behandeling kunnen krijgen”, zegt Logmans. „Maar er zal altijd een stroom patiënten vanuit Zeeland en West-Brabant naar het Sint-Lucas komen, zoals nu ook al het geval is.”

Hipec wordt overigens al langer toegepast bij dikkedarmkanker, maagkanker, asbestkanker en appendixtumoren. „De werking daarvan is al eerder bewezen”, zegt Van Kerschaver. „Alles wat in de buik is uitgezaaid en niet naar de rest van het lichaam, kan op deze manier behandeld worden.”

Hij hoopt dat Nederlandse zorgverzekeraars hipec snel zullen vergoeden, zodat de behandeling breed beschikbaar komt. „Het is goed om voorzichtig te zijn, maar soms kan het op veilig spelen vertragend werken.” Juist voor patiënten met een zeer levensbedreigende ziekte als eierstokkanker is dat moeilijk te verteren, denkt hij. Bovendien: „Van sommige behandelingen weet je inmiddels dat ze goed zijn. Hipec is zo’n behandeling.”

Helioskliniek in Hüls biedt aanvullende therapie

tekst Wim van Hengel beeld RD

Net als in België wordt ook in Duitsland de hipec-behandeling bij vrouwen met uitgezaaide eierstokkanker al jaren toegepast. Bijvoorbeeld in de Helioskliniek in Krefeld, ten oosten van Venlo. In het nabijgelegen Hüls kunnen patiënten in een andere Helioskliniek bovendien aanvullende therapie krijgen met onder meer vitamines, kruiden, enzymen en ontspanningsoefeningen.

Nederlandse kankerpatiënten gaan doorgaans naar Duitsland omdat ze zich in hun eigen land in bepaalde gevallen slechts beperkt of helemaal niet kunnen laten behandelen, weet Sabine Helmer, internist-oncoloog in de Helioskliniek in Hüls. De hipec-behandeling voor vrouwen met uitgezaaide eierstokkanker is daar al jaren een voorbeeld van.

Het geldt voor meer behandelingen. Helmer kent de verhalen van Nederlandse kankerpatiënten die zich bij haar melden voor een gesprek. „Soms hebben ze wel een behandelaanbod gekregen, maar alleen in het kader van een studie. Ze kunnen in dat geval niet zelf een therapie kiezen. Het lot bepaalt wat voor behandeling ze krijgen. Een andere reden kan zijn dat ze te horen hebben gekregen dat er geen behandelmogelijkheden meer voor hen zijn. Soms ook krijgen patiënten het gevoel dat ze niet als mens worden gezien, maar meer als een ziektegeval.”

Helmer, die als internist-oncoloog ook opleidingen volgde in natuurgeneeskunde, psycho-oncologie, palliatieve zorg en mind-body-therapie, noemt het belangrijk dat ook de spirituele kanten van ziekte en gezondheid aandacht krijgen. „Patiënten zijn geen apparaten, ze hebben een ziel. Daarom bieden we hun ook mogelijkheden voor ontspanningsoefeningen, yoga en meditatie. Christelijke patiënten vullen dat laatste doorgaans in met Bijbellezen en gebed. Mensen zijn daar uiteraard vrij in.”

De reguliere behandeling van kanker staat bij ons voorop, benadrukt Helmer. „Daarnaast kunnen we ook complementaire therapieën aanbieden. De reguliere behandeling hangt af van het type kanker, de aanvullende therapie verschilt per patiënt. Bij de behandeling gaan we uit van de gegevens uit het medisch dossier van de patiënt op basis van de in Nederland uitgevoerde onderzoeken.”

Intakegesprek

Ook bij Nederlandse vrouwen met eierstokkanker die is uitgezaaid in de buikholte vindt het intakegesprek plaats in de Helioskliniek in Hüls. „Dat is belangrijk om een goed beeld te krijgen. Daarom zie ik zelf altijd als eerste de patiënt.”

Vervolgens vindt er teamoverleg plaats met gynaecoloog-oncoloog prof. dr. Michael Friedrich en chirurg dr. Christoph Wullstein en andere medisch specialisten in de Helioskliniek in Krefeld. Dit grote ziekenhuis ligt op een kleine 10 kilometer afstand van Hüls. Om te bepalen of een vrouw in aanmerking komt voor de hipec-behandeling is vooraf een kijkoperatie nodig om het ziektestadium te bepalen. Dat gebeurt in Krefeld. Als de vrouw in aanmerking komt voor de hipec-behandeling worden in hetzelfde ziekenhuis de tumor en de uitzaaiingen operatief verwijderd, gevolgd door de buikspoeling met kankerceldodende middelen.

De Helioskliniek in Krefeld behoort in Duitsland tot de toonaangevende ziekenhuizen die hipec-behandelingen uitvoeren en heeft daar inmiddels veel ervaring mee opgedaan.

Aanvullende therapie

Na de ingreep kunnen patiënten voor de verdere en ook de aanvullende behandeling terug naar Hüls. Helmer: „Als integraal kankercentrum hebben we hier onze eigen cultuur. We zien de patiënten iedere dag op de afdeling, in de kantine. Het is een soort familie. Ik zie patiënten hier breien, haken en spelletjes doen.”

Ze leeft graag mee hen mee. „Je kunt van patiënten leren, bijvoorbeeld hoe ze met hun ziekte omgaan. Wat me opvalt is dat Nederlandse patiënten als een soort familie intensief met elkaar meeleven.”

Tot dusver hebben slechts enkele vrouwen met uitgezaaide eierstokkanker in Hüls/Krefeld een hipec-behandeling gekregen. „De meeste hipec-patiënten die hier kwamen, hadden uitgezaaide maagkanker, sommige ook darmkanker.”

Helmer wijst er daarnaast op dat er in de Helioskliniek in Hüls allerlei soorten kanker worden behandeld. „Ook met nieuwe behandelmethoden zoals bijvoorbeeld immunotherapie bij melanoompatiënten. Acute leukemie en lymfomen vallen buiten ons holistische behandelprogramma.”

Vitamines

In het kader van de aanvullende therapie krijgen patiënten onder meer vitamine D, selenium en bepaalde enzymen, al naargelang dat past bij hun individuele situatie en ziekte. „Enzymen kunnen het immuunsysteem ondersteunen, zodat het afweersysteem tumorcellen beter herkent en kan uitschakelen. Maar niet alle patiënten verdragen enzymen goed, dus daar moet je rekening mee houden. Sommigen krijgen er diarree van.”

Ondersteuning met kruiden kan belangrijk zijn, zegt Helmer. „Bijvoorbeeld de mariadistel. Wij schrijven dat kruidenextract voor om de lever te stimuleren en te ontgiften bij chemotherapie. Goede voeding en beweging, als dat mogelijk is, zijn eveneens belangrijk. Daarin ondersteunen we patiënten door middel van fysiotherapie, en met voedingsadviezen. Ook stimuleren we patiënten om actief te zijn en positief te denken.”

Zo’n 80 procent van de patiënten op de afdeling waar Helmer werkt, komt uit Nederland. Ze voert zo’n drie tot vier poliklinische gesprekken per week. Bij zo’n vijftig tot honderd patiënten per jaar resulteert dit in een opname. Bij anderen blijft het bij een advies in het kader van een second opinion.

Patiënten die opteren voor een hipec- en aanvullende behandeling in Hüls/Krefeld kunnen zich wenden tot zorgloketduitsland.nl of helios-klinieken.nl.

Een andere route voor patiënten die een hipec-behandeling krijgen in België of Duitsland (of in Nederland zodra deze beschikbaar is) en die kiezen voor een aanvullende therapie, is het raadplegen van een Moermanarts in Nederland.