Scan helpt bij achterhalen doodsoorzaak

Het pand van het Nederlands Forensisch Instituut in Den Haag. Scans kunnen op een niet-invasieve manier helpen om de doodsoorzaak van iemand te achterhalen. beeld ANP, Robin Utrecht

Lijkschouwing door middel van een CT- en MRI-scan in combinatie met het nemen van weefselmonsters is even effectief als de gebruikelijke inwendige en uitwendige lijkschouwing (autopsie of obductie) bij het opsporen van de doodsoorzaak.

Deze zogeheten minimaal invasieve autopsie (MIA) levert meer diagnoses op en is voor de nabestaanden minder belastend, zo blijkt uit onderzoek van het Erasmus MC. Nabestaanden met een niet-westerse achtergrond die geen gewone obductie willen toestaan, geven vaak wél toestemming voor MIA.

Bij een belangrijk deel van de overledenen worden bij autopsie andere of aanvullende afwijkingen gevonden die tijdens hun leven niet bekend waren. Daarom is beter inzicht in de doodsoorzaak belangrijk voor de kwaliteit van de gezondheidszorg. Bij nabestaanden vormen twijfels over de doodsoorzaak meestal een belangrijke reden om in te stemmen met een autopsie.

Het aantal obducties is de laatste jaren echter sterk afgenomen. Mensen denken vaak dat autopsie niets zal aantonen wat al niet bekend was. Ook schrikken ze ervoor terug vanwege het ingrijpende karakter van de procedure. Met MIA is dat veel minder het geval.