Race om eerste coronavaccin: succes en tegenslag

Medisch
Een Britse onderzoeker bekijkt een vaccin tegen het coronavirus, dat oraal kan worden ingenomen. beeld AFP, Ben Stansall

Een goedwerkend coronavaccin: dat is de heilige graal voor veel wetenschappers. Wereldwijd zijn er 113 vaccins in de maak, waarvan er nu 11 op mensen worden getest. Enkele koplopers eruitgelicht.

Eerst een tegenvaller: een vaccin ontwikkeld door een onderzoeksgroep van de gerenommeerde universiteit van Oxford. Het klonk zo veelbelovend: zes resusaapjes hadden een proef met het vaccin glansrijk doorstaan. „Ik denk dat dit vaccin een extreem hoge kans heeft om te werken”, zei hoogleraar vaccinologie Sarah Gilbert eind vorige maand. De onderzoekers verwachtten in september een vaccin op de markt te kunnen brengen. Dat zou dan het eerste zijn.

Toen vorige week de technische details van de studie naar buiten kwamen, bleken de resultaten vies tegen te vallen. De gevaccineerde apen hadden evenveel virus in hun neus als niet-ingeënte dieren. Dat is precies wat een vaccin zou moeten voorkomen. Wel deed het vaccin iets goeds: de ingeënte apen kregen geen longontsteking en hadden minder virussen in hun onderste luchtwegen.

Intussen gaat het onderzoek naar dit middel bij mensen gewoon door. Ook heeft de Britse overheid aangegeven de productie van 30 miljoen vaccins op zich te willen nemen. In India is een grote farmaceut het middel zelfs al aan het maken.

Uitsteeksels

Drie andere vaccins lijken meer kans van slagen te hebben: Ad5-nCoV van een onderzoeksinstituut in Peking, mRNA-1273 van het Amerikaanse biotechbedrijf Moderna Therapeutics en BNT162 van de Duitse farmaceuten BioNTech en Pfizer. Deze vaccins kwamen goed door de dierproeven heen en worden nu op mensen getest. Alle drie de vaccins berusten op hetzelfde principe: ze bevatten genetische instructies voor de uitsteeksels –de spikes– van het coronavirus. Als het vaccin in het lichaam wordt ingespoten, instrueert het cellen om kopieën van de spike-eiwitten te maken. Immuuncellen leren zo de uitsteeksels beter te herkennen en kunnen bij een virusinfectie –hopelijk– snel in actie komen.

Bij het Chinese vaccin is de eerste klinische studie achter de rug. Daarbij kregen 108 gezonde vrijwilligers een lage, gemiddelde of hoge dosis toegediend. Twee weken later lieten alle deelnemers een zekere mate van een immuunrespons tegen het virus zien. Na 28 dagen had bijna iedereen antilichamen in het bloed die binden aan het coronavirus.

Inmiddels zijn de Chinese wetenschappers een vervolgonderzoek bij 500 deelnemers gestart. Hierin wordt onder meer gekeken naar de bijwerkingen van het vaccin tot zes maanden na toediening.

Ook het Amerikaanse vaccin mRNA-1273 lijkt effectief. Proefpersonen die het vaccin kregen, maakten volgens de producent minstens zoveel antistoffen tegen het virus aan als mensen die daadwerkelijk het virus hebben opgelopen.

Het Duitse project –met de pretentieuze naam ”Lightspeed”– loopt nu bij 200 gezonde proefpersonen. Hierbij wordt onder meer onderzocht welke van vier varianten het beste werkt.

Ontwikkeling vaccin roept ethische vragen op

De ontwikkeling van een vaccin, die door de meeste wetenschappers en politici wordt toegejuicht, plaatst voor allerlei ethische vragen. Zo maakt de NPV zich zorgen over bepaalde vaccins waarbij gebruik wordt gemaakt van cellen uit geaborteerde foetussen (zie pagina 22). In deze cellijnen worden zogenaamde dragervirussen vermenigvuldigd die genetisch materiaal van het coronavirus bevatten.

Om mensen die tegen abortus zijn niet voor extra dilemma’s te plaatsen, pleit de NPV voor het ontwikkelen van prolife-vaccins die niet berusten op deze foetale cellijnen.

prik-vaccin-inenting-injectie-anp„Cellen voor vaccin niet meer belast door abortus”

De reformatorische ethicus prof. Henk Jochemsen merkte in een eerder interview met het RD op dat de cellijnen die vaccinproducenten gebruiken over het algemeen zo ver afstaan van het oorspronkelijke geaborteerde weefsel dat ze ethisch niet meer belast zijn door de abortus.