Meningen over mindfulness lopen uiteen

Foto Fotolia

Ook in de geneeskunde rukt mindfulness op. De aan het boeddhisme ontleende therapie lijkt effectief bij depressiviteit en is dat mogelijk ook bij pijnklachten. Wat moet een christen ermee? Anesthesioloog Paul Lieverse: „De termen worden aangepast aan de westerse mens, maar de inhoud blijft voluit boeddhistisch.”

Dat mindfullnes effectief is, staat voor dr. Hans Meissner als een paal boven water. Niet alleen bij patiënten die lijden aan depressiviteit, maar ook bij mensen met verslavingen en persoonlijkheidsstoornissen ziet hij positieve resultaten.

Bij Dimence, de ggz-organisatie in Kampen waar hij werkzaam is, heeft de therapie inmiddels een vaste plaats verworven. De reformatorische psychiater heeft de indruk dat dit de situatie is bij alle grote instellingen voor geestelijke gezondheidszorg. Illustratief is het Momentonderzoek vanuit het Nijmeegse UMC St Radboud naar het effect van op mindfulness gebaseerde cognitieve therapie bij depressiviteit, vergeleken met het resultaat van antidepressiva of een combinatie van beide. „Instellingen uit het hele land doen eraan mee.”

Ook Meissner heeft er geen moeite mee om mindfulness aan te bevelen. „Vooral patiënten die in de problemen raken door overmatige concentratie op hun verleden of hun toekomst zijn erbij gebaat. Het geeft een vermindering van stress als ze hun aandacht leren richten op het hier en nu. We weten dat stress een belangrijke oorzaak is van uitputting, depressiviteit, angst en verslaving. Mindfulness kan de negatieve spiraal doorbreken.”

De boeddhistische oorsprong is voor de christenpsychiater geen bezwaar. „Het boeddhisme presenteert zichzelf niet als godsdienst, maar als levenskunst. Je zou bijna zeggen: de houding van Prediker zonder de laatste verzen. Het leven is lijden en het boeddhisme biedt instrumenten om daarmee om te gaan.” Essentieel is voor Meissner dat vermeende gezondheidsbevorderende aspecten van een bepaalde spiritualiteit wetenschappelijk worden getoetst. „Bij mindfulness is dat absoluut het geval. Het is overigens geen compleet nieuwe therapie, maar een optelsom van elementen uit al lang bestaande therapieën.”

Kritiekloos

Drs. Paul Lieverse, verbonden aan het oncologisch centrum Daniël den Hoed in Rotterdam, staat kritischer tegenover mindfulness. Voordat hij christen werd, hield de evangelische anesthesioloog en pijnspecialist zich bezig met transcendente meditatie en andere meditatietechnieken uit de oosterse wereld. De modekreet ”Be mindful” herinnert hem aan zijn goeroe van destijds: de man die transcendente meditatie in het Westen bekend maakte. „Zijn lijfspreuk was: ”Be happy”. Enerzijds moest je diepere lagen van je bewustzijn aanboren, anderzijds ongevoelig raken voor het lijden in je of om je heen. In de periode waarin ik de Bijbel ging lezen, pleegde een vriend van me zelfmoord. Toen ik daarvan op de hoogte werd gesteld, klonk in mijn hoofd het stemmetje: ”Be happy”. Dat vond ik een vreemde reactie.”

Voor Lieverse is mindfulness niet los te maken van de boeddhistische oorsprong. „Dat zeg ik ook op grond van wat ik lees in artikelen en boeken van bekende pleitbezorgers. De termen worden aangepast aan de westerse mens, maar de inhoud van mindfulness blijft voluit boeddhistisch. Dat geven deze mensen zelf ook aan. Het verbaast mij dat een toenemend aantal christentherapeuten mindfulness zo kritiekloos accepteert.”

Actief strijden

De Rotterdamse anesthesioloog, voorzitter van de Christian Medical Fellowship, acht het wel mogelijk dat bepaalde onderdelen uit oosterse denk- en geneeswijzen toepasbaar zijn. Ook binnen zijn eigen specialisme: het bestrijden van chronische pijn. „Het is te kort door de bocht om alles wat in oosterse landen aan therapieën is ontstaan, af te wijzen.”

Eenstemmigheid bestaat er in ieder geval over de opvatting dat chronische pijn kan verergeren door verkeerde gedachten. „Bijvoorbeeld de gedachte dat je met pijn niet kunt leven of nooit gelukkig kunt zijn. Die denkwijze leidt tot een soort passiviteit, met lichamelijke gevolgen die de pijn doen toenemen. Er zijn effectieve therapieën ontwikkeld om deze vicieuze cirkel te doorbreken.”

Voor Lieverse wordt een grens gepasseerd met meditatietechnieken die zijn gericht op acceptatie van pijn, zonder er iets van te vinden. „Als christen moet ik juist wel iets vinden van pijn, moeite en onrecht. We zijn niet geroepen de hemel op aarde te realiseren, maar mogen wel actief strijden tegen de gevolgen van de zonde. Mindfulness is onlosmakelijk verbonden aan de boeddhistische overtuiging dat we onszelf door meditatie onaantastbaar kunnen maken voor het lijden.”

Vlees

Meissner kan zich meer vinden in het standpunt van Augustinus, dat het goede uit andere religieuze tradities ook door christenen mag worden toegepast. „De Israëlieten gebruikten het goud van de Egyptenaren voor de bouw van de tabernakel. Paulus had er geen moeite mee om aan de afgoden geofferd vlees te eten. Goud blijft goud en vlees blijft vlees. Het gaat pas mis als je de offerdíénst aanvaardt, maar dat kan op elk terrein. Hoeveel mensen zijn er niet die hun verstand tot hun god maken?”

Met de door studentenpastor Philip Troost ontwikkelde cursus ”Mindfulness in Christus” heeft de reformatorische psychiater weinig. „Je hoeft het goud van de Egyptenaren niet op te poetsen. Wees gewoon open over de boeddhistische oorsprong van mindfulness. Waarom zou het boeddhisme geen elementen mogen bevatten die binnen de psychiatrie zinvol zijn? Door daar gebruik van te maken, word je echt niet boeddhistisch. Opmerkzaamheid voor het heden past volgens mij beter bij een christelijke levensstijl dan het gejaag en gejakker waarin we als westerlingen zijn beland. Veel christenen zijn zelfs niet meer in staat zich te concentreren op de preek. Prima als dat door een cursus mindfullnes weer beter lukt.”


Bij vol bewustzijn

‘Uitvinder’ van mindfulness is de moleculair bioloog Jon Kabat-Zinn (1944), oud-hoogleraar aan de faculteit geneeskunde van de universiteit van Massachusetts.

Daar ontwikkelde hij ”mindfulness-based stress reduction”, gebaseerd op boeddhistische meditatietechnieken. Kern van mindfulness is gerichte concentratie op het hier en nu. Door je gedachten niet mee te laten slepen door negatieve ervaringen uit het verleden of angst voor de toekomst, voorkom je sombere gedachten. Of stress vanwege pijn. Er is verschil tussen pijn en lijden, stelt psychiater en mindfulnesstrainer David Dewulf. „Pijn is er, lijden denken we erbij.”

In de achterliggende jaren groeide mindfulness uit tot een ware hype. Door het hele land kan de basiscursus worden gevolgd. Die bestaat uit acht wekelijkse lessen van twee en een halfuur, dagelijkse meditatieoefeningen thuis en een afsluitende stiltedag. Belangrijk is volgens de pleitbezorgers van mindfulness dat ”aandachtig leven” een tweede natuur wordt. Dan komt er balans in het bestaan, stelt Ted van Rijt, directeur van het Han Fortmann Centrum voor Mindfulness.


Boeddha in westerse geneeskunde

Steeds meer ziekenhuizen en specialisten integreren mindfulness in het therapeutisch aanbod.

Een mix van cognitieve gedragstherapie en mindfulness wordt aangeboden onder de naam mindfulness-based cognitieve therapie. Die lijkt goed te werken bij ernstige vormen van depressiviteit. In Nederland doet hoogleraar psychiatrie Anne Speckens, verbonden aan het Nijmeegse UMC St Radboud, onderzoek naar de effectiviteit van deze behandeling. Ze geeft leiding aan het Radboud Universitair Centrum voor Mindfulness, een nationaal expertisecentrum waar onder meer de tweejarige postacademische opleiding tot mindfulnesstrainer kan worden gevolgd. Ook worden cursussen voor artsen aangeboden, om hun te leren omgaan met stress. Als het aan voormalig kinderchirurg René van Severijnen ligt, wordt een cursus mindfulness onderdeel van de opleiding geneeskunde.

Er klinken ook tegenstemmen. Volgens prof. Joop de Jong, hoogleraar culturele en internationale psychiatrie, laten boeddhistische opvattingen zich niet zomaar transplanteren naar de westerse geneeskunde. Bovendien ontbreekt een duidelijke definitie van mindfulness. Dat maakt onderzoek ernaar tot een hachelijke bezigheid.

Ook psycholoog Frits Winter, een toonaangevend pijnspecialist, plaatst vraagtekens bij het onderzoek naar mindfulness. „Meet je het slagen van een indoctrinatieproces, of een geloofsontwikkeling?” De opvatting dat pijn niet moet worden bestreden maar aanvaard, wijst hij af. „Strijden tegen pijn is zinvol en succesvol, mits de strijd op de goede wijze wordt gevoerd.”


Hersenverandering door meditatie

Onlangs verscheen een Nederlandse vertaling van ”Buddha’s Brain; The practical neuroscience of happines, love & wisdom”.

Het is nu in 22 talen verkrijgbaar. Hier verscheen het onder de titel ”Boeddha’s brein. Hoe mindfulness je hersens en je leven kan veranderen”. Auteurs zijn de neuropsycholoog en meditatieleraar Rick Hanson en neuroloog Richard Mendius, oprichters van het Wellspring Institute for Neuroscience and Contemplative Wisdom in de VS.

Met het spraakmakende boek proberen ze de lezer ervan te overtuigen dat boeddhistische meditatie het brein in positieve zin kan veranderen. Zelfvertrouwen, compassie en levensvreugde nemen toe, getob, boosheid en verdriet nemen af. Ze ondersteunen hun betoog met bevindingen uit het moderne hersenonderzoek. Hersenen en geest vormen een geïntegreerd systeem, houdt Hanson zijn lezers voor. „Daarom kun je je geest gebruiken om je hersenen te veranderen, en daar kan je geest –en iedereen met wie je in aanraking komt– baat bij hebben.”

De ideale levenshouding bestaat voor Hanson uit „de wens in voorspoed te leven en vrucht te dragen als één menselijk dier onder zes miljard. Om gezond en sterk te zijn en nog vele jaren te leven. Om zorgzaam, en vriendelijk te zijn. Om te ontwaken en in stralend, ruimtelijk, liefdevol bewustzijn te verblijven. Om zich beschermd en ondersteund te weten. Om gelukkig en in rust te zijn, sereen en vervuld.”