Benauwd door corona? Coronacheck-app alarmeert ziekenhuis

Medisch
Longarts dr. Paul Bresser, een van de initiatiefnemers van de coronacheck-app: „De coronacrisis zal de zorg blijvend veranderen.” beeld audiovisuele zaken OLVG, Manja Herrebrugh

Een medisch team dat mensen met coronaverschijnselen in de gaten houdt en indien nodig op afstand inspringt: dat is het principe achter de OLVG-coronacheck-app. Vijf weken na de lancering zijn er al zo’n 110.000 deelnemers. „Mensen ervaren de app als heel persoonlijk.”

Het idee om de app in te zetten voor corona ontstond vijf weken geleden, vertelt dr. Paul Bresser, longarts bij het Amsterdamse OLVG-stadsziekenhuis. Hij ziet dan, aan het begin van de corona-uitbraak in Nederland, het doemscenario voor zich van een geweldige patiëntenstroom die de spoedeisende hulp (SEH) en de huisartsenpraktijk zou gaan overspoelen. Hoe kun je die stroom zo reguleren dat niet iedereen met milde, griepachtige klachten de huisarts belt of naar de SEH komt, vraagt Bresser zich af.

De longarts komt in contact met healthtechbedrijf Luscii, dat ervaring heeft met het ontwikkelen van thuismeet-apps voor onder meer COPD, hartfalen en hoge bloeddruk. Een app maken voor Covid-19 is dan ook een peulenschilletje voor Luscii. „De bouwdoos hadden ze al. Die moest alleen worden geïntegreerd met de symptomen van Covid-19. En die zijn eigenlijk vrij eenvoudig: koorts, hoesten en kortademigheid”, zegt Bresser. „Benauwdheid en hoesten kun je een score geven, temperatuur kun je meten. Bij keelpijn en verkoudheid is de keuze ja of nee.”

De bedoeling is dat de gebruiker dagelijks zijn gezondheid bijhoudt. Komen de te meten parameters boven een bepaalde waarde uit –iemand heeft ten minste 38 graden koorts en moet hoesten en/of is kortademig–, dan popt er een rode bol op bij het regiecentrum.

Het app-project is binnen no-time uitgerold over Nederland. Waar de app aanvankelijk alleen was bedoeld voor de inwoners van regio Groot-Amsterdam, hebben zich inmiddels twaalf ziekenhuizen in het land erbij aangesloten. Samen bestrijken die zo’n 7 miljoen mensen. Elk partnerziekenhuis heeft een medisch team samengesteld, bestaande uit arts-assistenten, studenten en ervaren supervisors.

Een van de teamleden neemt binnen 24 uur na een melding telefonisch contact op met de desbetreffende persoon. Als eerste verifieert hij of het ziektebeeld inderdaad wijst op Covid-19. Bresser: „Klopt het verhaal met de informatie in de app? Hoe ziek is iemand? Is hij slechts een beetje kortademig als hij de trap oploopt, of zozeer dat hij het bed niet uit kan komen?” In het laatste geval wordt zo iemand direct doorverwezen. In Amsterdam is daar een speciale triagetent bij de spoedeisende hulp voor, het UMC in Utrecht werkt met huisartsenposten. Is hij of zij te ziek om daar zelfstandig te komen, dan kan het medisch team een ambulance inschakelen.

Doorverwijzen hoeft gelukkig niet vaak, zegt de longarts. Van de circa 50.000 deelnemers in Amsterdam waren er tot nu toe circa 3000 met corona-achtige klachten; slechts 60 tot 70 moesten naar de triagetent komen.

Mensen ervaren de app en de begeleiding volgens Bresser als „heel prettig en persoonlijk.” „De allergrootste winst zit ’m erin dat we de angst van mensen met klachten wegnemen. Ze weten dat we hen in de gaten houden en direct ingrijpen als dat nodig is.”

Privacy

Daarnaast slaat de app waardvolle informatie van gebruikers op, die later goed van pas kan komen voor wetenschappelijk onderzoek. Inmiddels telt de app zo’n 110.000 deelnemers, van wie er 90.000 actief zijn. „Een schat aan informatie. Zo zijn er veel mensen die hoesten en een beetje koorts hadden. Die gegevens zitten nu in het systeem. Later zouden we kunnen uitzoeken hoeveel van die mensen echt corona hebben gehad. Bijvoorbeeld door bij 500 gebruikers de antistoffen in hun bloed te onderzoeken.”

Hoe zit het met de privacy van gebruikers? „Die is gewaarborgd. De app is volledig AVG-proof.” In tegenstelling tot de omstreden coronatracker-app zit er volgens Bresser in deze app geen locatietracker in die bijhoudt waar iemand zich bevindt.

Bresser verwacht dat de coronacrisis de zorg blijvend zal veranderen. Niet alleen door de inzet van apps, maar ook van bijvoorbeeld videoconsulten. „De zorg zal veel meer worden ondersteund door computers. Logistiek betekent dit een enorme winst.”

„Huisarts kent patiënt beter dan coronacallcenter”

Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) heeft „punten van aandacht” bij de coronacheck-app. Dr. Freke Zuure, NHG-programmamanager e-health: „Bij de beoordeling van nieuwe klachten is het belangrijk de context en andere gezondheidsinformatie van de patiënt te betrekken. Deze zijn vooral bekend bij de eigen huisarts en niet bij het coronacallcenter. Ook is er bezorgdheid dat patiënten door de app buiten beeld van de huisarts blijven.”

Zuure vindt het opmerkelijk dat de app vanuit het ziekenhuis is gelanceerd om de huisarts te ontlasten, terwijl die er nauwelijks bij is betrokken. „De huisarts is doorgaans het eerste aanspreekpunt voor patiënten, laagdrempelig bereikbaar en goed op de hoogte van de patiënt en diens context.” Liever ziet ze een functionaliteit zoals de OLVG-app in samenwerking met de eerste lijn. „Dus monitoring door de huisarts, ondersteund door goede en veilige technologie.”

Een ander aandachtspunt van de NHG is de noodzaak om instrumenten zoals de OLVG-app van wetenschappelijke betrouwbaarheid te voorzien.

Het NHG biedt zelf ook informatie over Covid-19 op de site thuisarts.nl. Met een korte vragentest kan iemand inschatten wanneer het tijd wordt om naar de huisarts te gaan. „Deze website is voor ons hét middel om het publiek te informeren.”

De OLVG-app is niet bedoeld om mensen op te sporen die met het virus zijn besmet en maakt daarom geen deel uit van de zeven apps waar het kabinet deze week uit gaat kiezen.