Poolse militairen in 1944 onterechte zondebok

75 jaar vrijheid
Koning Willem-Alexander in 2014 bij het Pools Monument in Driel. Rechts enkele Poolse veteranen die bij de herdenking aanwezig konden zijn. beeld ANP, Remko de Waal
7

Poolse militairen krijgen na de Tweede Wereldoorlog de schuld voor het mislukken van operatie Market Garden. Onterecht.

„De Nederlandse vrijheid is mede gebaseerd op Poolse heldhaftigheid. Dat vergeten wij in Nederland nooit.” Woorden van koning Willem-Alexander tijdens een staatsbezoek aan Polen in juni 2014. Drie maanden later is de koning op het Polenplein in Driel bij de zeventigste herdenking van de Slag om Arnhem. Er wordt enthousiast gezwaaid met Nederlandse en Poolse vlaggen.

De waardering voor de Poolse bijdrage aan de bevrijding van Nederland in de Tweede Wereldoorlog is iets van de laatste jaren. Zeker in de jaren net na de oorlog werd de rol van de Polen onderschat.

Rijn

Het is donderdag 21 september 1944 rond 17.15 uur als de 1e Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade landt bij Driel, ten zuidwesten van Arnhem. De brigade staat onder bevel van generaal-majoor Stanislaw Sosabowski en is in het Verenigd Koninkrijk opgericht om gebruikt te worden bij de bevrijding van Polen. Intensief trainen de militairen in de Schotse Hooglanden, met maar één doel voor ogen: Warschau heroveren op de Duitsers. Desondanks worden duizend Poolse parachutisten –na zware Britse druk– in Nederland ingezet tijdens operatie Market Garden.

Nadat het dorp Driel is bevrijd, krijgen de Polen de opdracht om met het Drielse Veer de Nederrijn over te steken en de door Duitsers omsingelde Britse luchtlandingstroepen aan de overkant van de rivier, bij Oosterbeek, te versterken. Tot schrik van de Poolse militairen is de veerpont verdwenen. Veerbaas Peter Hensen heeft de kabels gekapt om te voorkomen dat de pont in Duitse handen valt.

De opeenvolgende nachten proberen steeds 250 Poolse soldaten met kleine bootjes de rivier over te steken. Een riskante operatie: het gebeurt in het donker op een sterk stromende rivier en onder zwaar vijandelijk vuur. Ook het dorp Driel ontkomt niet aan de Duitse artillerie. Veel inwoners vluchten weg, de Betuwe in.

Generaal Sosabowski: „Mijn leven was moeilijk.” beeld TekstPast

Mislukt

De Poolse soldaten die de overkant halen, kunnen samen met de Britten het tij niet keren. De Rijnbrug bij Arnhem is voor de geallieerden een brug te ver. Naar later blijkt stelt generaal Sosabowski voor dit karwei alsnog te klaren en zijn brigade boven op de brug te laten landen. Het Britse opperbevel weigert dat.

In de nacht van 25 op 26 september worden de geallieerde troepen naar de zuidelijke oever bij Driel geëvacueerd. Operatie Market Garden is mislukt.

Na de verloren Slag om Arnhem zoeken de Britse generaals een zondebok. Volgens geschiedschrijvers om „hun eigen fouten toe te dekken.” Ze vinden de schuldige in de niet altijd even diplomatieke Sosabowski en zijn parachutistenbrigade. De Polen hadden „niet willen vechten.” Bovendien was Sosabowski kritisch over Market Garden. De Britse bevelhebbers onderschatten in zijn ogen de Duitse weerstand en namen onverantwoorde risico’s.

In december 1944 wordt de generaal ontheven van zijn bevel. Op 27 december 1944 neemt een diep teleurgestelde Sosabowksi afscheid van zijn jongens. Hij besluit met de woorden: „Ik was niet alleen jullie commandant, maar ook –en ik hoop dat te blijven– degene die jullie ziel leidt. Als God het toestaat dat al deze angsten en droefheid zullen eindigen, dat jullie hart en gezicht weer glimlachen, als onze sterke benen weer in ons eigen huis zullen staan, dan zal ik met jullie glimlachen – omdat ik altijd gelukkig was in de tijden dat het goed ging met jullie.”

De Poolse generaal-majoor Sosabowski legde in 1949 een krans bij een monument ter herdenking van Market Garden. beeld Stichting Driel-Polen

Moeilijk

Sosabowski slijt zijn verdere leven als fabrieksarbeider in Londen. Terug naar zijn vaderland, waar inmiddels communisten de baas zijn, kan hij niet. Hij verdient slechts 6 pond per week en heeft geen enkel recht op pensioen. Pas in 1966 –op 75-jarige leeftijd– stopt hij met werken. Een jaar later overlijdt Sosabowski. „Mijn leven was moeilijk. Ik heb geen spijt van wat ik heb gedaan en als mij gevraagd zou worden hetzelfde nog eens te doen, zou ik niet twijfelen dat te doen”, zei de ex-generaal volgens zijn achterkleinzoon aan het eind van zijn leven.

Koningin Wilhelmina pleit na de oorlog voor een eervolle onderscheiding voor Sosabowski, maar vindt geen gehoor. De omslag voor Sosabowski en zijn manschappen komt pas in 2004 met de documentaire ”God Bless Montgomery. De vergeten Polen in de Slag om Arnhem” van onderzoeksjournalist Geertjan Lassche, uitgezonden door de Evangelische Omroep. Sosabowski wordt in 2006 gerehabiliteerd; hij wordt postuum onderscheiden met de Bronzen Leeuw, zijn brigade ontvangt de Militaire Willemsorde.

Koning Willem-Alexander en de Poolse president Bronislaw Komorowski in 2014 bij het Pools Monument in Driel. Rechts enkele Poolse veteranen die bij de herdenking aanwezig konden zijn. beeld ANP, Remko de Waal

Aarde

In Driel dragen ze de Poolse militairen al 75 jaar lang op handen. Al in het eerste jaar na de Bevrijding verschijnt er een tijdelijk monument. In september 1961 onthult generaal Sosabowski het Polenmonument midden in het dorp. De sokkel –met daarin een urn met Poolse aarde– symboliseert het Poolse volk. Daaruit rijst een betonnen element op: Polens geestkracht en moed. In 2006 komt er een bronzen plaquette van Sosabowski bij. Uiteraard aan het Polenplein.

Iets verderop, achter in de rooms-katholieke kerk, bevindt zich het Informatiecentrum De Polen van Driel. Op panelen is er aandacht voor Sosabowski en zijn Poolse brigade en de „oneervolle behandeling” die de militairen ten deel viel. De lokale voetbalclub eert nog steeds de Poolse bevrijders; de clubkleuren zijn rood en wit, net als de kleuren van de Poolse vlag. In het logo is een parachute verwerkt.

Ook in Breda worden de Polen gewaardeerd. Maar de herinnering aan de Poolse bevrijders wordt steeds vager. Met de bouw van het Generaal Maczek Memorial met expositieruimte willen de nakomelingen van de Poolse bevrijders de herinnering in ere houden. „Het is zo belangrijk dat we de kennis over deze episode overdragen aan nieuwe generaties”, aldus de Poolse veteraan Roman Figiel (93), een van de weinige nog levende veteranen van de eerste Poolse Pantserdivisie. De militairen van die divisie trokken op 29 oktober 1944 onder leiding van de Poolse generaal Stanislaw Maczek als bevrijders Breda binnen.

Poolse bevrijders bleven na de oorlog in groten getale in Brabant, omdat ze niet welkom waren in hun communistische vaderland. Ze trouwden met Nederlandse vrouwen en kregen hier kinderen. Het gedenkteken krijgt een prominente plek op het ereveld in Breda, de grootste Poolse begraafplaats in Nederland. Het telt 160 graven, waaronder dat van generaal Maczek.

Het graf van kapelaan Misiuda in Oosterbeek. Bloemen in de Poolse kleuren: rood en wit. beeld TekstPast

Gesneuvelde Polen

Volgens gegevens van het NIOD kwamen er 630 Poolse militairen om het leven bij de bevrijding van Nederland. Van hen liggen er 79 begraven op de Airbornebegraafplaats in Oosterbeek. Twee namen.

Hubert Misiuda (1909) komt uit een gezin van dertien kinderen. Hij is kapelaan bij de Poolse Parachutistenbrigade en landt op 21 september 1944 bij Driel. De kapelaan wil helpen bij de evacuatie van gewonde Poolse militairen naar de overkant van de Rijn. Hij mag niet mee, maar gaat toch. Misiuda wordt op het water doodgeschoten. Hij is dan 35 jaar.

Czeslaw Gajewnik (1918) sneuvelt op 26-jarige leeftijd bij de evacuatie van Britse en Poolse militairen over de Rijn op 26 september 1944. Zijn lichaam verdwijnt in de rivier en wordt uiteindelijk 80 kilometer verderop, bij Tienhoven, in de Lek gevonden.