Mexicaanse griep viel achteraf mee

Metroreizigers in Mexico-Stad met mondkapjes om zichzelf te beschermen. beeld Wikipedia

„Het publiek denkt dat het allemaal wel meevalt. Maar ons onderzoek laat zien dat de Mexicaanse griep echt gevaarlijker is dan een wintergriep.” De berichtgeving over de Mexicaanse griep in het eerste halfjaar van 2009 is ernstig.

Achteraf gezien kende zowel 2009 als 2010 ondanks de aanwezigheid van het Mexicaansegriepvirus juist een zeer mild griepseizoen met het laagste aantal griepdoden in jaren. Een overzicht van het verloop.

Mexicaanse griep is een zogenoemde influenza A-griep. Symptomen daarvan zijn snel oplopende koorts boven de 38°, hoesten, keelpijn en/of pijn op de borst. Al heel wat keren gedurende de twintigste eeuw zorgden varianten van influenza A voor een pandemie. Zo overleden in de nasleep van de Eerste Wereldoorlog miljoenen mensen door de Spaanse griep.

In 1957 greep de Aziatische griep om zich heen, in 1968 de Hongkonggriep. Beide pandemieën zorgden naar schatting voor een miljoen slachtoffers. In een normaal griepseizoen overlijden wereldwijd 250.000 tot 500.000 mensen aan de gevolgen van griep.

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie was de Mexicaanse griep tussen 11 juni 2009 en augustus 2020 officieel een pandemie. De griep ontstaat in april 2009 in Mexico en lijkt daar vrij ernstig. In Nederland overlijden uiteindelijk 63 personen aan de gevolgen van deze griep. Het gaat daarbij vrijwel uitsluitend om personen die vanwege andere aandoeningen al extra kwetsbaar zijn.

De Nederlandse pers volgt de ziekte op de voet. Vooral in de beginfase is de berichtgeving „zeer intensief en verontrustend”, zoals te lezen is in een onderzoeksrapport van de Nederlandse Nieuwsmonitor uit 2011. De teneur van het nieuws is dat de Mexicaanse griep zich zou kunnen ontwikkelen tot een gevaarlijke epidemie met veel (dodelijke) slachtoffers, ook in Nederland. De media volgen daarbij overigens wetenschappelijke experts en woordvoerders van WHO en RIVM, maar besteden weinig aandacht aan uitspraken die het gevaar nuanceren. Het publiek blijft daarentegen over het algemeen redelijk nuchter onder de stroom van berichten.

Pandemie

Wat niet meehelpt is dat de WHO in mei 2009 de definitie van het begrip ”pandemie” aanpast. Niet langer is daarbij de ernst van de epidemie een criterium, het gaat alleen nog om de internationale verspreiding van een virus. Dat wordt door de media echter vrijwel niet belicht.

Dat er sprake is van een pandemie wordt door de WHO al een maand later gesteld. Het leidt tot een wereldwijde run op beschikbare vaccins. Vijf van de vijftien leden van de noodcommissie van de WHO die de definitie aanpaste, blijken achteraf sterke banden te hebben met de farmaceutische industrie. Dat is niet fraai én in strijd met de eigen regels van de WHO. De WHO wordt ervoor veroordeeld in de Raad van Europa, maar de aangepaste definitie blijft.

De Nederlandse overheid neemt de griep hoog op. In augustus start een landelijke voorlichtingscampagne, ”Grip op griep”. De dingen die daarin genoemd worden klinken bekend: goed handen wassen, papieren zakdoekjes gebruiken, contact met besmette personen vermijden.

Een van de eerste acties van de Mexicaanse overheid is het uitdelen van mondkapjes. In Nederland krijgt dat geen navolging; in de media worden vooral de nadelen ervan benoemd: oncomfortabel, duur en ze bieden nog steeds slechts gedeeltelijke bescherming.

Vaccinatie

De Nederlandse overheid zet vanaf het eerste nieuws over het nieuwe virus ook in op een ander middel, vaccinatie. Ab Klink, minister van Volksgezondheid, koopt maar liefst 34 miljoen vaccins in, twee vaccins voor iedere Nederlander. Kosten: 340 miljoen euro.

Al in juli is duidelijk dat de ziekteverschijnselen bij verder gezonde personen mild zijn en een vaccin overbodig. Het vaccin wordt in het najaar alleen nog beschikbaar gesteld voor kwetsbare groepen. Uiteindelijk worden 20 miljoen vaccins weggegooid.

Los van de verspilling –die vooral achteraf makkelijk te becommentariëren is– is er de vraag naar de gepastheid van de maatregel. Ds. A. Schreuder, toentertijd predikant van de gereformeerde gemeente te Rijssen, nu van Beekbergen, wordt er door het Reformatorisch Dagblad over bevraagd bij de start van de griepprikactie. Hij vindt dat we niet negatief moeten doen over de ontwikkelingen in de medische wetenschap: „Door die ontwikkelingen kunnen gelukkig veel ziekten worden behandeld en dat is een geweldige zegen.

Maar een van de gevolgen ervan is het gevoel dat het leven maakbaar is. We hebben een beeld van hoe ons leven moet verlopen. Daar moet alles in passen en elk risico dat het anders loopt, willen we vermijden.”

Daarnaast plaatst hij kanttekeningen bij de noodzakelijkheid van het middel, de bijwerkingen en de paniekerige berichtgeving van media en wetenschap. Allemaal terecht, zo blijkt achteraf.

Scholen

Viroloog Ab Oosterhuis was een van de belangrijkste voorstanders van het prikken én verdedigde dit veelvuldig in de media. Nog in 2018 pleit hij voor griepprik voor alle docenten om zo het ziekteverzuim sterk terug te dringen. Scholen zijn immers ideale besmettingshaarden.

Oosterhuis ziet daarbij gemakshalve over het hoofd dat het griepvaccin maar matig werkt. Het RIVM becijferde dat in elf opeenvolgende jaren de entstof gemiddeld slechts bij 29 procent van de gevaccineerden bescherming bood. Bovendien bleek het vaccin niet onschuldig.

Al in oktober 2009, aan het begin van de vaccinatierondes, bericht het Reformatorisch Dagblad over bijwerkingen. Stichting Stralingsarm Nederland probeert via de rechter documenten op tafel te krijgen hierover.

Uit Zweeds onderzoek blijkt dat verschillende gevaccineerde kinderen last hebben van narcolepsie, slaapziekte. Het ministerie van Volksgezondheid wijst aansprakelijkheid af, maar reserveert in 2018 wel 5 miljoen op haar begroting voor schikkingen met een handvol kinderen die hierdoor getroffen zijn.

Corona

De Mexicaanse griep viel uiteindelijk heel erg mee. Of we over tien jaar over corona hetzelfde kunnen concluderen, weten we nog niet. Tot dusver blijven Nederlandse burgers, evenals toen, vrij nuchter. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de reacties van inwoners van Loon op Zand, waar de tweede Nederlandse coronapatiënt woonachtig is. Zij vinden de mediastorm in hun woonplaats ingrijpender dan de coronabesmetting.

Hygiëne, goede maatregelen en gezond verstand blijven belangrijk, zoals ook bij een gewone griepepidemie. En daarnaast vooral het besef dat onze gezondheid niet maakbaar is, maar afhankelijk van de grote Medicijnmeester.

Dit is het slotdeel van een drieluik over pandemieën in het verleden.