Geheime archieven openbaar: drie kogels doodden NSB-burgemeester Oss

beeld Nationaal Archief

In Ravenstein getuigt een kogelinslag ook na 75 jaar nog van de moordaanslag op NSB’er H. Apeldoorn. Daar werd op 10 augustus 1944 de Osse burgemeester doodgeschoten. Een zeer riskante onderneming, zo blijkt wel als de verantwoordelijke verzetsgroep later openheid van zaken geeft.

De details? Die komen uit de archieven met een openbaarheidsbeperking van 75 jaar. Sinds donderdag kunnen historici, journalisten en belangstellenden zich in het jaar 1944 verdiepen. Zo ook bij het Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC). In het verslag van het gepleegde verzet in Oss in de periode 1941-1944 wordt de lezer stap voor stap meegenomen in de voorbereiding van de moordaanslag op NSB’er H. Apeldoorn.

Burgemeester De Bourbon –ook bekend als dichter en schrijver– is al ruim een jaar ondergedoken als Apeldoorn op 17 maart 1944 zijn plek in Oss inneemt. De fanatieke Apeldoorn wil het Osse overheidsapparaat zuiveren van anti-Duitse elementen. Hij legt een lijstje van tegenstanders aan.

Aanleiding voor het verzet om snel in actie te komen. Verzetsmensen van de Knokploeg Herpen komen bij elkaar om een liquidatie op „deze dreiging” voor te bereiden. Om herkenning te voorkomen, roepen ze de hulp in van verzetsmensen uit ’s-Hertogenbosch. Er wordt gewikt en gewogen. Dan doet zich vrij onverwacht de gelegenheid voor toe te slaan; de volgende dag zou Apeldoorn naar een vergadering in Ravenstein gaan. Het plan is risicovol, maar het slaagt. „A. kreeg drie treffers en was er geweest”, wordt koelbloedig geconstateerd.

Uit wraak schieten de Duitsers Jo Meulemans in de deuropening van zijn huis dood. Pastoor Van Heijst, boekhouder P. Verheggen, caféhouder J. Smits en nog een inwoner uit Haren moeten als gijzelaar mee, maar komen na enkele weken weer vrij. De betrokken verzetsmensen worden opgepakt en komen om in Kamp Vught.

„Inderdaad lijkt dit alles heel erg en dat is het ook. Men moet echter zoveel jaren later niet vergeten dat er niet dan op zeer goede gronden en nadat de noodzakelijkheid daartoe van alle kanten was bekeken en gebleken, tot een dergelijke maatregel werd overgegaan. De consequenties waren nimmer volledig te overzien, maar moesten worden aanvaard”, vinden de illegale werkers.