Alsof Else Berg en Mommie Schwarz nooit hebben bestaan

”Stilleven met theeservies en fruit”, 1921, door Else Berg. beeld Joods Historisch Museum, Amsterdam
2

Twee van de meer dan 100.000 Joodse Nederlanders die nooit terugkeren van deportatie zijn Mommie Schwarz en Else Berg. Dit echtpaar, gevestigde namen in de kunstwereld, verdwijnt nagenoeg geruisloos en spoorloos. Vlak voor de winter van 1942 invalt, worden Mommie (Samuel) en Else in Amsterdam opgepakt. Een niet-Joods familielid kan nog afscheid van hen nemen in de Hollandse Schouwburg. Via Kamp Westerbork worden beide kunstenaars op 16 november 1942 gedeporteerd naar Auschwitz. Daar worden ze drie dagen later –direct na hun aankomst– vermoord.

Een vriendin verbreekt de zegels van hun woningen en weet wat schilderijen en persoonlijke zaken mee te nemen. Daarna worden al hun bezittingen ”gepulst” (in beslag genomen en weggehaald). Slechts een klein deel van hun werk overleeft. Kort na hun gedwongen vertrek wordt het huis betrokken door nieuwe bewoners. Alsof Mommie en Else nooit hebben bestaan.

Het waren twee talentvolle schilders, die zich aangetrokken voelden tot de verschillende nationale en internationale avant-gardistische kunststromingen van de 20e eeuw. Uiteindelijk belandden ze, hoewel ze beiden een heel verschillende ontwikkeling doormaakten, in de kringen van de Bergense School. Tijdgenoten die hen inspireerden waren onder anderen Leo Gestel, Jan Sluijters en Charley Toorop.

Else Berg (1877-1942), geboren in het voormalig Duitse Opper-Silezië, is als schilder altijd succesvol geweest. Voor Samuel Leser (Mommie) Schwarz (1876-1942) uit Zutphen kwam de echte waardering als kunstschilder pas aan het einde van de jaren 20, toen hij de vijftig gepasseerd was. Na zijn dood raakte hij min of meer in de vergetelheid, maar inmiddels neemt de interesse voor zijn werk toe.

Vanaf 1909 gingen Berg en Schwarz intensief met elkaar om. Samen (maar ook wel alleen) trokken zij veel naar het buitenland. Tijdens deze reizen produceerden ze talloze schilderijen en tekeningen, waarbij ze grote invloed uitoefenden op elkaar. De overeenkomsten in hun werk zijn soms zo sterk, dat een onderscheid niet of nauwelijks te maken valt.

Vanaf 1914 verbleven ze vaak in de omgeving van Bergen. Daar gingen ze deel uitmaken van de Bergense School, een expressionistische stroming in de Nederlandse schilderkunst. Ook in Amsterdam waren Berg en Schwarz actief in de kunstwereld.

Na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werd het voor hen al gauw onmogelijk om te exposeren. Ze weigerden beiden een Jodenster te dragen en doken ook niet onder. Op 12 november 1942 zijn ze opgepakt en via Westerbork afgevoerd naar Auschwitz. Daar zijn ze direct na aankomst vermoord.

Bron: Joods Historisch Museum