Van oude dingen en de mensen die voorbijgaan

beeld Sarah van der Maas
4

Ook ik was er bijna voorbijgelopen. Het was maar een smal winkeltje, met twee openslaande koetsdeuren, een bescheiden uithangbordje met ANTIEK erop en aan de straat een stel paraplubakken vol oude katrollen die in de grauwigheid stonden te vermiezeren. LEEGVERKOOP, schemerde het achter de ramen.

Binnen was het droog en donker. Van de muren staarden hologige heiligen in vergeelde lijsten neer op de kalende vloer. Uitgespreid op schragentafels lagen de laatste loodjes: massieve strijkijzers, muffe landschapjes, schroefbouten en siernagels in roestig zwart. Tussen de halflege kratten scharrelde een ietwat hardhorende baas als een kat in een steeds meer van hem vervreemdend pakhuis. Het was een winkel in de rui; ik kon de sleetsheid voelen.

Meer uit meeleven dan moed op slagen wandelde mijn blik langs de achterblijfsels. Het heeft iets sips, zo’n verzameling weesantiek; decennialang de tand des tijds weerstaan om ten slotte door de willekeur te worden afgeschreven. Maar me ontfermen over een nestje Friese staartklokken puur uit mededogen – dat gaat zelfs mijn barmhartigheid te boven.

Toen zag ik ’m staan.

Op de toonbank, zo pontificaal dat je er als vanzelf omheen kijkt, zwak glimmend in het halfduister en met het stof der jaren uit het mechaniek dwarrelend: een titanische typemachine.

Vijfentwintig kilo staal en inktresten, op ingenieuze wijze in elkaar gebogen en gelast tot een min of meer draagbare wereld vol stilstand en beweging, geratel en gerinkel, een universum dat zichzelf op papier tot leven kan wekken – schepper en schepping ineen. Toch: het tegenovergestelde van mysterie. Met de juiste invalshoek kun je er dwars doorheen zien; geraamte, binnenwerk, veertjes, schroefjes, armpjes. Zo’n machine die zich laat begrijpen als je maar lang genoeg kijkt.

Dralend om de toonbank probeerde ik de hebberigheid uit mijn ogen te knipperen. Gepaste bewondering voor een fraai schrijfapparaat in een museumvitrine of een hippe lunchroom is niet hetzelfde als een bezittersblik op de buit in je eigen vensterbank werpen. En wat niet te koop of onbetaalbaar is, kun je maar beter niet in je hart sluiten.

Ervaring leert namelijk dat prijs en waarde in de vintagebranche lang niet altijd met elkaar overeenstemmen. Waar de oudijzerboer voor een dergelijke mastodont nauwelijks 15 euro zou neertellen, durft hij die munt wil slaan uit de retrorage of kunst-en-kitsch-kuren er gerust het driedubbele voor te vragen.

In tijden waarin stukgesjouwde leren koffers tot bijzettafel en vanouds gevreesde blinde aardrijkskundekaarten tot muurdecoratie worden verheven, is dat overigens wél het geluk van anderszins tot vergetelheid gedoemde gebruiksvoorwerpen. „De dingen hebben jou nodig om gezien te worden”, schreef dichter K. Schippers. Zo gloort er hoop voor koperen bedknoppen en gebarsten blokschaven. Negen voorbijgangers en één stilstaander zijn alles wat er nodig is. Iemand die omkijkt, dat is erbarmen. Of, als u een realist bent: handel.

De baas was naast me komen staan. „Mooie machine”, merkte ik op, afgunst en bewondering knokkend in mijn stem. „Een ouwetje hè?”

„Oh, zeker”, knikte de baas, even arge- als meedogenloos. „Jaren twintig, vermoed ik. Kijk.”

Hij boog zich over het apparaat heen en porde met een moeizame vinger in de stoffige ingewanden van de papierhouder. „Draadje los. Hij draait niet meer door, zie je wel?” Tak tak tak, deed zijn andere hand op de toetsen. Driftig tikten de typearmpjes tegen de beïnkte rol. De wagen gaf geen sjoege.

„Jammer”, zei ik.

„Ja”, zei de baas, terwijl hij de Continental een goedmoedig klopje gaf. „Dat is waarom-ie maar een tientje kost.”

Een uur en twee lamme armen verder stond de machine op mijn bureau te triomferen. Mijn vingers maakten een rondedansje over de toetsen. Zoals-ie thuis tikt, tikt-ie nergens.

Over de auteur

Sarah van der Maas (24) heeft algemene en sociale geschiedenis gestudeerd in Leiden en Groningen. Verhalen vertellen is haar passie: of die zich nu afspelen in een ver en vreemd verleden of gewoon om de hoek van de straat. Na de zomer verschijnt haar eerste historische roman.