Recept: nieuw Hollands koekje, dankzij Máxima

Alfajores, Argentijnse koekjes. beeld RD
5

Ze zijn lekker! Ik heb het over de koekjes van koningin Máxima waar iedereen het sinds haar verjaardag over heeft. Ze deelde heel genereus haar moeders recept voor alfajores, de Argentijnse koekjes waar ze zelf mee opgroeide.

Net als zo’n beetje heel Nederland had ik er nog nooit van gehoord (of in elk geval was de naam niet blijven hangen). Maar nu ging ik –en vast velen met mij– zomaar de keuken in om deze lekkernij te bakken. En hoewel dit recept van Máxima makkelijk online te vinden is, vind ik dat het ook een plek op papier verdient. Want die lekker zoete, met karamelpasta gevulde alfajores kunnen zomaar een blijvertje worden in Nederland.

In het vrij zachte, lichtgekleurde koekje gaan als smaakmakers vanille en citroen, en die proef je allebei goed terug. Door het gebruik van maizena heeft het een droog-zanderige beet, maar niet té droog, als je ze tenminste niet te lang bakt. De vulling van dulce de leche (karamelpasta van melk) geeft smeuïgheid. En dan is er nog de geraspte kokos, die het koekje zijn finishing touch geeft. Veel smaken bij elkaar dus –op het eerste gezicht haast té veel– maar ze gaan prima samen.

Ik vind de alfajores verslavend en ben juist daarom blij dat ik maar een halve hoeveelheid van het royale recept maakte: alsnog goed voor bijna twintig koekjes. Voor ons ruim voldoende. Maar bij Máxima thuis mag je natuurlijk méér dan één koekje bij de koffie.

Alfajores (Argentijnse koekjes)

Ingrediënten (voor zeker 35 koekjes): 300 g maizena, 200 g bloem, 200 g roomboter (op kamertemperatuur), 150 g suiker, 1 tl baking soda (natriumbicarbonaat), 2 afgestreken tl bakpoeder, merg uit een klein vanillestokje of een snufje vanillepoeder, geraspte schil van 1 citroen, 4 eidooiers, 1 theelepel cognac, voor de vulling: dulce de leche, geraspte kokos.

Bereiding (recept van koningin Máxima)

Meng alle droge ingrediënten met de zachte boter in een kom. Voeg de eidooiers en de cognac toe en kneed met de hand tot een stevig deeg. Vorm een bal en leg die ongeveer een uur te rusten. Soms lijkt het alsof het deeg niet aan elkaar wil plakken, voeg dan 2 lepels citroensap toe.

Verwarm de oven voor op 160 graden. Rol het deeg uit tot een lap van 5 tot 7 mm dik en steek rondjes deeg uit (met een glas) van ongeveer 4 cm diameter. Leg ze op een met bakpapier beklede bakplaat op zo’n 2 cm afstand van elkaar.

Bak de koekjes 10 tot 12 minuten op 160 graden. De koekjes moeten een klein beetje verkleuren, niet te veel, anders worden ze te droog en breken ze.

Als de koekjes klaar zijn, uit de oven halen en laten afkoelen. Plak steeds twee koekjes met een laag dulce de leche op elkaar. Spreid de dulce de leche goed uit tot aan de rand. Die randen rol je vervolgens door de geraspte kokos.

De alfajores de dulce de leche zijn klaar: genieten maar!

Tip: Dulce de leche is makkelijk te maken van een blikje gezoete gecondenseerde melk. Vul een ruime pan met water, leg het blikje erin (gesloten; etiket mag erop blijven) en zorg dat het onder water staat. Breng aan de kook en laat het drie uur (!) op laag vuur zachtjes koken. Let op dat het blikje onder water blijft, anders kan het barsten. Laat iets afkoelen in de pan voor je het opent. Klaar!