Moeder en de hond

Column Wim van Egdom
beeld iStock

Het was een wereld die mij grotendeels onbekend was. Maar inmiddels heb ik wat vaker rondgelopen in diverse zorginstellingen. Als bezoeker. En natuurlijk loop je daar dan heel anders dan wanneer je een patiënt bent. Toch was ik regelmatig aangedaan. Steeds viel me op hoeveel liefde het verzorgend personeel heeft voor de patiënten. Altijd een opbeurend woord of gebaar. Even de dekens rechttrekken, het kussen opschudden en bij het wassen proberen een gesprek gaande te houden om de patiënt duidelijk te maken dat hij of zij niet tot last is. Wat zullen die verpleegsters moe zijn, vanavond, denk ik iedere keer als ik het zie. En waarom betalen we als maatschappij dit soort zorgverleners toch niet beter. Want voor het geld hoef je geen verpleegkundige te worden. Misschien is dat trouwens wel de reden waarom ze zo hartelijk en goed zijn. Ze doen het namelijk niet voor het geld, maar omdat ze het willen.

Er viel me nog iets op. De geweldige faciliteiten die we in ons land ter beschikking hebben als er zorg nodig is. Het ziekenhuis en het verzorgingshuis waar ik de afgelopen weken kwam, deden me soms denken aan een hotel. Nee, natuurlijk is het geen hotel, zeker niet voor patiënten. Het is vreselijk om pijn te hebben, ziek en afhankelijk te zijn, maar de ruime eenpersoonskamers met badkamer verbaasden me bij ieder bezoek weer.

Verleden week kwam er een rapport uit waarin de noodklok geluid wordt over de ouderenzorg. De zorg moet echt soberder, zeker met de vergrijzingsgolf voor de deur. Iemand van bijna 90 jaar, dankbaar voor de goede zorg, vertelde me dat er ook best wat room van de koffie kan zonder dat die koffie ondrinkbaar wordt. Het huidige niveau van verzorging is niet te handhaven als er zo veel hulpbehoevende ouderen per jaar bijkomen.

Een schrijfster, die nogal eens in het buitenland komt, zei onlangs dat mensen in traditionele culturen met verbazing kijken naar hoe in ons land met ouderen wordt omgaan. „De hond ligt bij jullie op de bank, maar moeder moet de deur uit naar een verzorgingshuis.”

Ik geef toe: die kwam flink binnen bij me, ook al heb ik geen hond. Wel vraag ik me af of ouderen in alle gevallen blij worden van het inwonen bij hun kinderen. Ook hoogbejaarden hebben soms behoefte aan wat afstand en privacy.

Laten we het er maar op houden dat de hond in de toekomst vaker alleen op de bank zal liggen omdat z’n baas of bazin mantelzorg moet verlenen aan vader of moeder in het verzorgingshuis.

En daar is helemaal niks mis mee.