In nationaal park van Portugal wordt geleefd volgens eeuwenoud patroon

Vakantie 2018
Dreigende lucht tijdens een tocht door nationaal park Peneda-Gerês. beeld RD
4

Ongerept. Dat woord schiet je als eerste te binnen bij een bezoek aan Nationaal Park Peneda-Gerês. Granieten bergformaties, dichte eikenbossen, groene weides, meren, koeien, wolven en wilde paarden. De kans dat je een andere wandelaar tegenkomt is klein.

Het gebied, voluit Parque Nacional da Peneda-Gerês, is het enige nationale park van Portugal. Ons Nationale Park De Hoge Veluwe past er zo’n dertien keer in. Het ligt in het uiterste noordwesten van het land, tegen de grens met Spanje.

Op deze voorjaarsdag ziet de lucht er dreigend uit. Gids Hugo Marques drukt ons op het hart om op alles voorbereid te zijn. Een trui, regenjas, stevige wandelschoenen, minimaal een liter drinkwater en bescherming tegen de zon zijn noodzakelijk.

Het eerste deel van de wandeling is redelijk vlak. De route is goed aangegeven en ook informatieborden over flora en fauna ontbreken niet. Bij de spaarzame huizen groeien druiven, waar witte wijn van wordt gemaakt.

Marques legt uit dat het park niet alleen bijzonder is om het natuurschoon. „Hier wordt ook nog geleefd volgens een eeuwenoud patroon.” Zo trekken boeren met hun vee in de zomer de groene bergen in om voedsel te vinden. De boeren overnachten daar in eenvoudige hutjes van leisteen. In het najaar gaan ze terug naar hun boerderijtje in het dal. Met bergtoppen van rond de 1500 meter is het dan echt te koud om in de bergen te blijven.

Huis op pootjes

Boeren slaan de oogst op in opvallende, granieten huisjes die op pootjes staan. Dit moet beschermen tegen vocht, maar ook tegen knaagdieren. Aan een toegangsweg van het park, bij het dorp Soajo, staan maar liefst 24 van deze ”espigueiros” bij elkaar.

De lucht klaart op, de temperatuur stijgt. Rotspieken steken mooi af tegen de blauwe lucht. Een waterval stort zich tientallen meters naar beneden. Marques wijst ons op een arend. We wanen ons in de Rocky Mountains.

Nadat op handen en voeten een top is bedwongen, krijgen we zicht op het volgende dal. Een kabbelend beekje mondt uit in een meer. Dit nodigt uit tot een frisse duik. We drogen op tussen de bloemen in een groene wei. Als er dan ook nog een koe –met bel– om de hoek komt kijken, is de vergelijking met de Alpen snel gemaakt. „Hier krijg je drie landschappen in één dag”, lacht Hugo.

De gids leidt toeristen rond door heel het land, maar komt hier het liefst. De buitensporter houdt van wandelen en de natuur. En van de stilte en ongereptheid van Peneda-Gerês. „In deze overweldigende natuur voel ik me klein.” Toeristen zie je nauwelijks in „de tuin van Portugal.” Vooral de Portugezen zelf komen hier graag.

Haarspeldbochten

Na een uur of drie komen we bij het eindpunt van de 10 kilometer lange tocht. Marques prijst ons om die snelheid. Het vele klimmen zorgt ervoor dat de vermoeidheid snel toeslaat. Zonder gids of gps-systeem aan een tocht beginnen, is niet aan te raden. De bewegwijzering is niet altijd even goed. Soms heeft een bosbrand markeringen verwoest.

Wie naar het gebied gaat, moet ook rekening houden met de slechte toegangswegen. Maar smalle weggetjes en veel haarspeldbochten zijn een garantie voor een enerverende rit, met schitterende uitzichten.

Verscholen heiligdom

Midden in het nationale park ligt Santuário de Nossa Senhora da Peneda. Dit heiligdom uit de 19e eeuw is volgens de overlevering gebouwd na een Mariaverschijning. Het enorme complex ligt erg verscholen, al zijn er smalle wegen aangelegd om de plaats te bereiken. Achter het bedevaartsoord torent een rots 300 meter de lucht in.

De hooggelegen kerk, te bereiken via een lange trap met aan weerszijden kapelletjes, is een van de publiekstrekkers van het park. In elke kapel is iets uit de kruisweg van Jezus afgebeeld. Opvallend is dat op deze voorjaarsmiddag de mis door tientallen Portugezen wordt bezocht. Oog voor de toeristenwinkeltjes hebben de misgangers niet. De verkopers van aardewerk schalen en Mariabeeldjes blijven hopen op een bus vol toeristen.

Praktisch

Op visitportugal.com staat Nederlandstalige informatie over Portugal.

Meer informatie over Noord-Portugal is te vinden op visitportoandnorth.travel.

TAP Portugal vliegt dagelijks van Amsterdam naar Porto in ongeveer tweeënhalf uur. Vanaf de luchthaven is het nog ruim een uur rijden naar Peneda-Gerês.

Voor wie in het nationale park wil overnachten, biedt het stadje Gerês voldoende mogelijkheden.

Maart, april en mei zijn geschikte maanden voor een bezoek aan de regio. Eind mei is er in de natuur al veel uitgebloeid.