Het Henschotermeer blijft trekken, ook als het wat kost

Uit-in-NL 2019
beeld RD, Anton Dommerholt
6

Een stevige bries doet het water van het Henschotermeer in Woudenberg rimpelen. De stranden liggen er strak bij. Alles wacht op bezoekers. Ze zullen straks weer toestromen, ondanks het feit dat de toegang niet meer gratis is.

Beheerder Wolbertie Ruiter wijst vanuit het raam van zijn kantoortje naar tientallen schoolkinderen die langslopen, op weg naar het meer. „Die zitten op een van de vele campings hier in de buurt op schoolkamp.” Even later is een deel van het strand gevuld met een grote groep leerlingen. „Ga bij je begeleider staan, dan kunnen we ons verspreiden. Als je de toeter hoort, begint de zeskamp”, galmt het uit een megafoon over de vlakte. De leerkrachten hebben het er maar druk mee.

En zo komt het dat wandelaars op deze mooie dag overal groepjes kinderen tegenkomen. Op strand Vis proberen ze elkaar af te troeven met een balspel, op strand Paard moeten ze zo snel mogelijk een sprintje trekken in het mulle zand.

Sommige kinderen kunnen de aantrekkingskracht van het water niet weerstaan. Of dat ook onderdeel is van de zeskamp, wordt niet duidelijk. Plezier hebben ze in ieder geval genoeg, in het heldere water.

Een stuk verderop trekt een eenzame zwemmer een spoor door datzelfde water. Hij gaat onder een van de twee bruggen door die het eiland in het midden van het meer met het vasteland verbinden. De groene bomen die wuiven in de wind, de witte stranden eromheen, de blauwe lucht met wolkenpartijen: het lijkt wel een plaatje uit een folder van een tropisch vakantieoord.

Kwelwater

Niet vreemd dus dat het Henschotermeer al jaren populair is onder jongeren, gezinnen en ouderen. Een zwemplas, midden in het bos, omringd door natuur en gevuld met helder water. Dat laatste komt volgens beheerder Ruiter door een natuurlijk kwel, die het water doet opwellen uit de bodem. „Blauwalg kennen we hier bijvoorbeeld niet. Zelfs vorig jaar zomer niet, toen het bijzonder warm was en je bijna nergens meer kon zwemmen.”

De troef van het Hens, zoals de plas in de volksmond heet, was echter de gratis toegang. Inderdaad: wás. Het gratis tijdperk is namelijk voorbij. Toen dat nieuws bekend werd, halverwege 2018, kwam zelfs de landelijke pers langs. Verontwaardiging alom: hoe konden ze dát toch doen? Het Hens was altijd gratis en moest gratis blijven. Zelfs de politiek bemoeide zich ermee.

Waarom dan toch? Ruiter glimlacht als iemand die het al vaak heeft moeten uitleggen. „Het is heel simpel. Tot 2018 was Recreatieschap Utrechtse Heuvelrug, Vallei- en Kromme Rijngebied (UHVK) de exploitant. Dit is een overheidsinstantie, maar er moest elk jaar 150.000 euro bij om te kunnen blijven draaien. Dat wilde de overheid niet meer. Dus werd een nieuwe geldschieter gezocht en gevonden. Sinds juni 2018 is familie Van de Lagemaat uit Woudenberg de exploitant.”

Aftikken

Mooi natuurlijk dat er een nieuwe geldschieter is gevonden. Maar die doet dat niet zomaar en wil geld verdienen aan de recreatieplas in plaats van er 150.000 euro per jaar in hoeven stoppen. Dus moeten bezoekers vanaf dit seizoen zo’n 3 euro per persoon per keer aftikken om toegang te krijgen.

Ja, het zal wennen zijn, beaamt Ruiter. Hij verwacht dat het aantal bezoekers ook wel iets zal teruglopen de eerste jaren. „Toch ben ik ervan overtuigd dat het Henschotermeer als magneet sterk genoeg is om mensen te blijven trekken. En is het ook niet logisch om geld te vragen? Voor een dagje zwembad betalen mensen zonder problemen 5 euro per persoon. Dat vindt iedereen gewoon.”

De inkomsten zijn nodig om te kunnen inversteren in het gebied, stelt Ruiter. Hij somt op wat er allemaal al gedaan is en wat er nog op de planning staat. „Het oude strandhuis is van een soort betonnen bunker veranderd in een mooi houten restaurant. Ook staan er bij de ingang wagens die als creatieve entree dienen. Het kantoor wordt ook nog vernieuwd, evenals de toiletten.”

De beheerder klopt even op het hout van de ”pipowagen” die als entree dienst doet. „Gemaakt van het hout dat we moesten kappen om hekken te kunnen plaatsen en om meer ruimte te creëren. Mooi hè, we zijn hier circulair bezig.”

Er zit nog meer in de pijplijn, aldus Ruiter. Zo moeten er op termijn een speeltuin, een klim- en klauterbos en een kinderboerderij komen. Dat is ook wel nodig, om ervoor te zorgen dat bezoekers de entreeprijs accepteren. Want inclusief een dagticket van 10 euro voor het parkeren van de auto, kunnen de kosten voor een gezin behoorlijk oplopen. Dat moet je wel wat meer te bieden hebben dan alleen zand en water.

Gezichtsherkenning

De nieuwe exploitant schuwt moderne technieken niet. Zo zijn de pipowagens voorzien van hightech apparatuur voor gezichtsherkenning. Niks ouderwetse bonnetjes of loketten: hier gaat alles volautomatisch. Hetzelfde geldt voor het parkeren: dat gaat via het herkennen van kentekenplaten. Bij de poort weet het systeem precies hoelang de auto op de parkeerplaats heeft gestaan.

„Zoals je ziet zijn we klaar voor de toekomst”, aldus beheerder de Ruiter. Hijzelf hoopt onderdeel van die toekomst te zijn. „Ik werk hier nu elf jaar met veel plezier en hoop dit nog lang te mogen doen. Als bijzonder opsporingsambtenaar ben ik verantwoordelijk voor het toezicht rondom de plas. Op een topdag lopen we hier met twintig mensen rond. Dan snap je wel dat er elk jaar geld bij moest.”

Reddingszwemmen als het misgaat hoort ook bij zijn vak. En het gaat weleens mis. In zijn tijd bij het Henschotermeer maakte Ruiter het twee keer mee dat een kind verdronk. Van 8 en van 12 jaar oud. „Vreselijk is dat. Zoiets gaat je niet in de koude kleren zitten. Tegelijk weet ik dat dit bij ons vak hoort. Zwemmen blijft een gevaarlijke vorm van recreatie.”

De schoolkinderen op het strand en in het water denken daar nu niet over na. Ze vermaken zich zorgeloos op de prachtig witte stranden of in het water. Als de toeter voor de laatste keer die dag over het terrein schalt, weten ze het: verzamelen. Het dagje Hens zit er op. Volgend jaar weer, als de portemonnee het toelaat.

Ontstaan dankzij Grebbelinie

Het Henschotermeer is een recreatieterrein van circa 70 hectare, waarvan 13 hectare water, in het Utrechtse Woudenberg. Het is gelegen op het landgoed Den Treek-Henschoten. Jaarlijks komen er zo’n 600.000 bezoekers.

Tot 1895 was dit gebied een grote zandverstuiving. Om te voorkomen dat weilanden en wegen onder het stuivende zand zouden verdwijnen, werden er bomen gepland.

In de jaren dertig was er zand nodig voor de aanleg van de rijksweg A12 en voor de Grebbelinie. Zo is het meer ontstaan, waar je eerst alleen kon pootjebaden. In 1972 is de plas uitgediept en vergroot, zodat het een toeristische trekpleister werd.

In het meer ligt een eiland, door twee voetbruggen met het strand verbonden. Om het meer heen ligt een wandelpad. Als het in de winter flink gevroren heeft, is het ook een prima plek om te schaatsen.