Een rondje eiland op het droge

beeld RD
7

Je zou er zo aan voorbijrijden. Met de auto, op weg naar Urk. Maar dan mis je toch wat. Schokland is niet voor niets sinds 1995 werelderfgoed. De geschiedenis komt hier tot leven als je het museum bezoekt en het voormalige eiland rondfietst. Uiteraard doe je onderweg even een ‘Schokkerdans’.

Wat doet die houten boot daar bij de ingang van het museum? Wie de tentoonstelling bekijkt, ontdekt dat al snel. Een schilderij van de kerk laat zien dat dit gebied niet altijd polder was. Het toont de hoge golven die tegen de houten zeewering rondom de kerk slaan, en een bootje met vier mannen erin, wachtend op het moment om aan te kunnen leggen.

De gevonden resten van scheepswrakken die tijdens de drooglegging van de polder zijn gevonden, vormen maar een klein deel van alle bodemschatten die iets vertellen over de opmerkelijke geschiedenis van dit stukje Nederland, dat veel verschillende soorten bewoners heeft gekend.

Overstromingen

Duidelijk is al snel dat het water een grote rol in de levens van de bewoners speelde. Eeuwenlang teisterden overstromingen de kustgebieden rond de Zuiderzee, waarbij veel mensen verdronken. In 1918, honderd jaar geleden, nam het parlement een plan aan om de zee te temmen. Dit Zuiderzeeproject voorzag in de aanleg van de Afsluitdijk tussen Noord-Holland en Friesland en een gedeeltelijke inpoldering van de Zuiderzee. De Noordoostpolder maakte er deel van uit.

In het museum hangen foto’s van de mannen die tijdens de Tweede Wereldoorlog hielpen met de ontginning van de Noordoostpolder. Ze meldden zich massaal aan toen bekend werd dat polderarbeiders niet in de Duitse oorlogsindustrie hoefden te werken. Het werk viel de meesten zwaar. Negen uur per dag spitten op een uitgestrekte kale vlakte. Op de foto’s speur ik tevergeefs naar mijn opa, die me ooit vertelde dat hij tijdens de laatste oorlogsjaren wekelijks op de fiets (zonder banden) vanuit Waddinxveen naar de Noordoostpolder reed.

Fietstocht

In het museum krijg je een beeld van hoe het toen was. Maar het aardige is dat het ook mogelijk is om het huidige Schokland aan den lijve te ondervinden. Op de fiets. Elf kilometer lang is de rondtocht. Het is bijna windstil en het zonnetje komt net door. Dat moet te doen zijn.

De blauwe fietsen die bij het museum te huur zijn (7,50 euro per fiets), rijden prima. Er bleef er na ons vertrek nog maar één over, dus wie een rondje eiland wil doen, kan beter even reserveren, een eigen fiets meenemen of wandelschoenen aantrekken.

Op de route die we meekrijgen, is pas goed te zien dat we op een voormalig eiland fietsen. Het pad volgt precies de vroegere kustlijn: een iets hoger gelegen ovaal, met de kerk van Ens op de zuidelijkste punt en de het misthoornhuisje bij de haven van Emmeloord op de meest noordelijke. Het museum blijkt ergens in het midden van de twee uithoeken te liggen.

We fietsen naar het noorden. Als je de grote weg oversteekt en het fietspad neemt, kan het bijna niet misgaan. Soms bestaat het pad uit asfalt, soms is het een schelpenpaadje. Af en toe is het nodig om achter elkaar te gaan rijden om tegenliggers te laten passeren.

Schokkerdans

Het blijft een beetje raar om een route door de polder te rijden terwijl je weet dat dit ooit een eiland was. Je zoekt tijdens het fietsen naar een kustlijn die er niet is. Wél kom je soms onverwacht de geschiedenis tegen. Dat gebeurt als we bijna op het puntje zijn: daar is een houten paalwering nagebouwd, met daaroverheen een smalle, lange loopplank.

Dit pad liep ooit langs de oostkust van Schokland en diende als verbindingsweg tussen de verschillende terpdorpen, want het drassige eiland zelf was nauwelijks begaanbaar. Als eilandbewoners elkaar op de loopplank tegenkwamen, pakte de een de ander stevig bij het middel vast en draaide om de ander heen. Zo ging ieder, met of zonder groet, zijns weegs. De beweging om elkaar te kunnen passeren, werd later de Schokkerdans genoemd.

Terpdorp

Op het noordelijkste puntje lag het terpdorp Emmeloord. Het huidige Emmeloord is naar dit vroegere dorp genoemd. In 1839 werd bij het oude Emmeloord een grote haven aangelegd met een ligplaats voor circa 300 schepen. Blijkbaar waren er destijds voldoende mensen die vertrouwen hadden in de toekomst van Schokland en zijn bevolking. In 1834 was op de Middelbuurt, het gebied waar het museum staat, het houten kerkje ook al vervangen door een splinternieuw stenen gebouw.

De nieuwe haven was niet alleen bedoeld voor Schokker vissers, maar voor iedereen die er gebruik van wilde maken. En dat waren er veel, want er was op de Zuiderzee, zo ongeveer 150 jaar geleden, sprake van druk scheepvaartverkeer.

Vuurtoren

Van de oude haven is intussen weinig meer over. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het hout gebruikt om er noodbruggen van te bouwen. In de jaren 80 van de vorige eeuw is een reconstructie van de oude haven gemaakt. Ook werd de oude vuurtoren weer in ere hersteld. Leuk om te bezoeken zijn het misthoornhuisje en de lichtwachterswoning.

Wie meer wil weten over de verschillende soorten stenen die bij opgravingen zijn gevonden, kan even verderop een bezoek brengen aan de gesteentetuin en het daarin gelegen bezoekerscentrum van Het Flevo-landschap.

Wij rijden voorbij het Schokkerbos naar het zuiden van het eiland. Van de middeleeuwse kerk van Ens blijken alleen nog enkele resten te bestaan. Dus fietsen we weer terug naar het museum, waar we even een kijkje nemen in de vernieuwde Enserkerk, die na de drooglegging een periode in gebruik is geweest als paardenstal. Sinds het museum geopend is, worden er in de kerk regelmatig exposities georganiseerd en concerten gegeven. Een goede reden om nog eens terug te komen.

Werelderfgoed Schokland

Schokland staat symbool voor het leven van Nederlanders met en de strijd tegen het water. Dat was volgens de Unesco een van de redenen om Schokland in 1995 als eerste Nederlandse monument op de Werelderfgoedlijst te plaatsen.

Ondanks de eeuwenlange dreiging van overstromingen en de armoede in de tijd dat Schokland nog een eiland was, leefden er mensen: jagers, boeren, eilanders en polderbewoners. In de bodem zijn aardewerk en gereedschap, maar ook complete graven, resten van huizen, terpen, kerken en dijksystemen gevonden. In Museum Schokland komt de geschiedenis van het voormalige eiland tot leven.