Column: Nieuwe dingen

beeld iStock

Opeens komen we erachter. We zijn wat vergeten in de opvoeding. Ik ontdekte het na een berichtje van de gymdocent van de basisschool. Wat blijkt: de meester moest de veters van mijn jongste zoon strikken. Want dat kon hij zelf nog niet.

Oeps. Plaatsvervangende schaamte. Ik had laatst inderdaad –zonder erbij na te denken– schoenen met veters in z’n tas gedaan. Die kwamen uit de kast met schoenen die eerst door zijn oudere broers zijn gedragen. Zij konden het op die leeftijd blijkbaar al wel, veters strikken.

Werk aan de winkel!

Vroeger leerde je zoiets toch op de kleuterschool, dacht ik nog, toen ik het een andere ouder opbiechtte. Die wist te vertellen dat ”vroeger” in dit geval heel ver in het verleden lag. Sinds de intrede van de klittenbandgymschoen besteden nog maar weinig scholen aandacht aan deze vaardigheid. Dus werd studeren voor het veterstrikdiploma afgeschaft.

Het actieplan achterstallig opvoedingsonderhoud gaat in werking. Bij het naar-bed-gaanritueel wordt voortaan een onderdeel ”strikken” toegevoegd. We zullen die meester over een week eens even wat laten zien.

Ik strik tien keer voor en verwacht dat het daarna wel zal lukken. Maar zo simpel blijkt dat niet te werken. Onderlangs, bovendoor; alles wordt door elkaar gehaald. En soms is er iets van een strik, maar is de knoop vergeten. Dus doen we het nog een keer.

„Het lukt nooit”, hoor ik ergens tijdens een diepe zucht. Maar we zetten door. Zoals dat hoort bij nieuwe dingen leren. En na een dag of vier gaat het opeens beter. Oké, de knoop zit nog niet echt strak. Maar het lijkt op een eindresultaat waar we de meester mee kunnen overrompelen. En na een paar dagen is het zover. Gym. Mét veterschoenen. En zonder tussenkomst van de meester. En wat is-ie trots!

Nieuwe dingen leren werkt als een antidepressivum, lees ik later in een psychologieblad. Neurowetenschapper Kelly Lambert deed hier onderzoek naar. Iets onder de knie krijgen waarvan je denkt dat je het nooit zult leren, doet iets met je brein, waardoor je alles positiever inziet.

Met de korter wordende dagen kan ik wel wat blije input gebruiken. Dus hard op zoek naar een uitdaging. Strikken kan ik al. Maar schrijven voor zo’n splinternieuw RDMagazine, dat heb ik nog niet eerder gedaan.

Dat wordt vast een heel mooie winter.