Column Mariska: Nederlandertje raden

beeld iStock

Dát is er een. Zoon weet het zeker. We liggen aan een meer, ergens in Italië, en hebben een nieuwe sport ontdekt. Nederlandertje raden. Soms is dat makkelijk. Dan draagt een lange, blonde vader een bigshopper van de HEMA of de Action met zich mee. Andere keren is het lastiger.

Meestal klopt de eerste indruk. Dan ontdek je dat ‘de Nederlander’ op het strand een boek van Vonne van der Meer uit zijn of haar tas pakt. Of hoor je mensen iets schreeuwen wat je goed verstaat – maar dat je beter niet hardop kunt vertalen.

Hoe het komt dat je vaak goed raadt? Het is een gevoel, zeggen mensen in mijn Facebooktijdlijn. Maar wel een gevoel dat gebaseerd is op concrete punten.

Wat kleding betreft staan de afritsbroek, de Teva-sandalen, het heuptasje en de jas van Human Nature bovenaan. In mediterrane landen valt de korte broek voor dames op leeftijd op, een kledingstuk dat lokale oudere vrouwen nooit dragen.

Is er een christelijk vakantiepark in de buurt, dan herken je Nederlanders juist aan hun keurig gestreken blouse of rok: kledingstukken die andere vakantiegangers niet snel in de koffer stoppen.

Sta je voor een tankstation met goedkope benzine, dan is de kans groot dat je daar Nederlanders spot. Dat gebeurt ook snel op een plek net buiten een grote stad waar het parkeren gratis is. Zo rond het begin van de siësta ontdek je in zuidelijke vakantielanden geheid Nederlanders voor de deur van de supermarkt. Steunend, omdat ze weer vergeten zijn dat de winkels op het heetst van de dag een paar uur sluiten. Of je ziet hen op een bankje voor een restaurant. Daar drinken ze hun zelf meegebrachte koffie op of verorberen hun gesmeerd brood.

Op het Italiaanse strand gluren wij ondertussen nog even door. Ergens komt een grote fles zonnebrandcrème van het Kruidvat uit een tas. Yes! Weer één goed.

In de rij voor het ijs staat een man. Hij hoort ons praten. „Ha”, zegt hij. „Ik had gelijk!”

We kijken vragend. „Ja”, gaat hij verder. „Mijn vrouw dacht van niet, maar ik wist het zeker. Dat jullie ook Nederlanders zijn, bedoel ik.”

We moeten lachen. Blijkbaar zijn we ook allemaal hetzelfde.