Burgemeester Pieter Verhoeve zoekt kloostermomenten en meer beweging

Het Gesprek
Pieter Verhoeve, burgemeester van Gouda. beeld RD, Anton Dommerholt
8

Ruim een halfjaar is hij burgemeester van Gouda, na eerder de ambtsketen van Oudewater te hebben gedragen. Burgemeester Pieter Verhoeve (38) kreeg maar weinig kans om veel stroopwafels te eten tijdens een door hem bedachte kennismakingstoer. Corona gooide roet in het eten.

Meerdere malen leunt hij achterover en davert een lachsalvo. De kersverse burgemeester van Gouda is enthousiast, humorvol, strooit graag met anekdotes en heeft als historicus een goed gevoel voor tradities. Die combineert hij wel graag met vernieuwingen. Zo stond hij als voorzitter van de Koninklijke Bond van Oranjeverenigingen met enkele anderen aan de wieg van Woningsdag. Wat een uit nood geboren flauwe woordgrap leek, groeide uit tot een begrip. „Met de koning hoop ik dat het de laatste keer was dat Koningsdag onder dergelijke omstandigheden gevierd moest worden, maar ik verwacht dat er onderdelen van het digitale concept overblijven. En het klokkenluiden. Prachtig. Een element van hoop, troost en verbinding.”

Aan de wand van de moderne werkkamer hangt een welkomstbordje van het comité Gouda 750. De voorbereidingen voor de herdenking zijn al in volle gang, ook al duurt het nog tot 2022 voordat het zover is. Vanaf de zevende verdieping van het Huis van de Stad, in 2012 opgetrokken naast het station, heeft hij een prachtig uitzicht. Stralend middelpunt is de Sint-Jan, beroemd vanwege zijn gebrandschilderde glazen.

Wat opvalt zijn de diverse kerktorens. „Er zijn in Gouda meer dan zestig geloofsgemeenschappen. Ik hoop ze de komende jaren zo veel mogelijk te bezoeken, naast de vele andere plekken waar de gemeenschap te vinden is. Een burgemeester is van niemand, voor iedereen.”

De eerste burger is trots op de internationale allure van de 73.000 inwoners tellende stad, bekend van stroopwafels, kaas en kaarsen. Oudewater, waar hij nog tot en met augustus woont, was prachtig maar het grotere Gouda trekt de gedreven en ambitieuze voormalige advocaat nog meer. „De dalen zijn hier dieper en de toppen hoger.”

Hij heeft iets met de midden in de polder gesitueerde oer-Hollandse stad. „In mijn studietijd reed ik hier op m’n brommertje rond en tot voor kort gaf ik gastlessen aan Driestar educatief.” Zijn echtgenote Marja ziet er volgens hem eveneens naar uit om te verhuizen. „Een deel van haar familie komt hier vandaan. Het voelt voor haar een beetje als thuiskomen.”

Verhoeve groeide op Bleskensgraaf, midden in de Alblasserwaard. „In een warm gezin, met zeven zussen en een broer. De jongste zus gaat na de zomer naar de pabo in Gouda.” De omgang met de dames was een goede leerschool, want zelf is hij inmiddels vader van vijf dochters. De jongste is net een halfjaar.

Belangstelling voor de politiek is hem met de paplepel ingegoten. „Vader is een echte ondernemer en politiek geëngageerd. Hij zat jarenlang in de gemeenteraad, is nu voorzitter van de plaatselijke SGP-afdeling en luistert nog steeds met grote belangstelling naar Kamerdebatten.”

De vonk sloeg al op jonge leeftijd over, want als 15-jarige jongen sprak Verhoeve in bij de raad toen er gevraagd werd om bouwstenen aan te dragen voor de profielschets van een nieuwe burgemeester. Hij vroeg aandacht voor jongeren en richtte later een jongerenafdeling van de SGP in zijn woonplaats op. „Het was voor mij een jongensdroom om de politiek in te gaan. Inmiddels ervaar ik het als een roeping om de publieke zaak te dienen.”

Na zijn universitaire studies politieke geschiedenis en rechtsgeleerdheid ging hij als docent en vervolgens ook als advocaat aan de slag. In Dordrecht was Verhoeve (burger)raadslid voor de CU/SGP en voorzitter van een adviescommissie.

Niet alleen uw ouders stempelden u, u noemt nog regelmatig uw opa’s. Wie was Pieter Verhoeve, naar wie u bent vernoemd, voor u?

„Net als mijn vader een politiek betrokken mens. Een harde werker en een trouw folderaar voor de partij, die indertijd in Rotterdam zestien kiesverenigingen had. Hij was conciërge aan de Guido de Brès. Oma verrichtte er schoonmaakwerk en mijn vader werd aan het stofzuigen gezet. Daaraan heb ik een speciaal gevoel overgehouden voor conciërges, bodes en boa’s. Deze mensen staan volop in de wind en bepalen dagelijks een groot deel van de kwaliteit van de dienstverlening van organisaties.

Ik beschouw me als een zoon van de Mammoetwet, de wet die leerlingen meer kansen moest bieden. Opa was conciërge; mijn vader deed mts en mijn moeder huishoudschool. Mijn neef Pieter en ik waren van de eerste generatie die na de middelbare school aan de universiteit studeerde.”

En grootvader Muilwijk?

„Die heeft me meer spiritueel beïnvloed. Hij was stoffeerder, maar werd later predikant in de Oud Gereformeerde Gemeenten. Helaas is hij al relatief jong overleden, op 56-jarige leeftijd. Opa was singulier begaafd en kon mensen moeiteloos gedurende twee uur boeien. Hij was liefdevol, bewogen en heel ernstig. Ik had een warme band met hem. Op zondag had ik m’n vaste plekje in de kerk in Dordrecht. Je hebt benenbrekende genade nodig, zei hij wel. Die uitdrukking gebruik ik nog regelmatig in contacten met collega’s. Ook als burgemeester kun je dat niet missen. Levend van de liefde van Christus.”

Gouda trok, maar mist u Oudewater?

„Op de ochtend na de voordracht bracht ik de kinderen naar school en deed ik boodschappen. In de supermarkt ontmoette ik een oudere man. Wat jammer dat je weggaat, zei hij met tranen in zijn ogen. Zoiets raakt je. Je neemt afscheid van mensen met wie je hoogte- en dieptepunten hebt beleefd.”

Nog geen twee jaar geleden was u een tijdje uit de running. Wat gebeurde er?

„Het was vlak na de vakantie dat ik me fysiek niet goed voelde, heel stil werd en mezelf een beetje kwijtraakte. Ik kon slecht slapen. Later hoorde ik dat dergelijke klachten vaker pieken na een vakantieperiode, waarin je enigszins tot rust komt. Het was achteraf gezien de combinatie van hard werken, een druk ambt en een jong gezin. Ik ben er zes weken uit geweest.”

Wat was de les?

„Dat ik te weinig oog had voor wat ik omschrijf als kloostermomenten in je agenda. Daarnaast bewoog ik te weinig. Zo heb ik me gemeld bij het veteranenelftal van Oudewater. Dat is door corona gestopt, maar ik speel nu vaak een potje met onze dochters in de tuin. Sport is nodig als je dagen hebt dat je van ’s ochtends negen tot ’s avonds negen op je stoel zit. Wat meer bezinnende momenten heb ik in de auto of in mijn studeerkamer. Er zijn fantastische podcasts van bijvoorbeeld ds. IJsselstein of de Bijbelpodcast van de EO, Eerst Dit. Verder luister ik onder meer naar muziek van Bach en naar psalmen. Goede muziek brengt orde in de ziel, zou Plato zeggen.”

beeld RD, Anton Dommerholt

In Gouda kon u direct aan de bak. Hoe blikt u terug op het eerste halfjaar?

„Het was intensief. Eerst had ik te maken met Gouda bij Kaarslicht, de oudste lichtjesavond van Nederland, in december, terwijl op dat moment net onze jongste was geboren. Mijn vrouw kwam die dagen voor het eerst uit het kraambed. Op 18 december stonden er 200 tractoren van protesterende boeren op de Markt. De kennismakingsronde, via een stroopwafeltoer, waarvoor zich 110 verenigingen, instellingen en bedrijven hadden aangemeld, werd in maart afgebroken door de komst van het coronavirus. Als publieke sector leveren we echt een marathonprestatie. Het normale werk ging door, goeddeels vanuit huis, en daarnaast was en is er een noodtoestand. Net hebben we de zevende versie van de noodverordening ontvangen en zijn we midden in een interpretatiediscussie beland.”

Wat betekent dat voor u?

„Dat ik in diverse gevallen niet kan uitleggen waarom iets gaat zoals het gaat. Ik snap dat we brandhaarden van het virus willen voorkomen, maar word ook geconfronteerd met schrijnende situaties omdat de regelzucht doorslaat. Mensen in verpleeghuizen hebben huisarrest en mogen niet aangeraakt worden. Als ik een honderdjarige bezoek moet dat nog steeds achter plexiglas. Hoe humaan is dat? Er was hier onlangs de begrafenis van een tweejarig jongetje. De rouwdienst van Jona werd op YouTube inmiddels ruim 70.000 keer bekeken. In het kerkgebouw van de gereformeerde gemeente met 1100 zitplaatsen mochten 30 mensen plaatsnemen. Een erehaag bij een begrafenisstoet is formeel beperkt tot maximaal honderd mensen, terwijl de bouwmarkt verderop uitpuilt. Ik heb erover gebeld, tot aan de Covid-directeur van het ministerie. Wie heeft dit bedacht? Er is inmiddels een zekere willekeur ontstaan. In de Sint-Jan –de langste kerk van Nederland– zitten op zondag dertig bezoekers. Doordeweeks is het een museum en dan mogen er maximaal 313 in. Door middel van protocollen, stickers en looproutes denken we het virus volledig te kunnen beheersen. De bureaucratie schiet vervolgens hier en daar door, tot aan protocolfetisjisme toe. De letter doodt.”

Als burgemeester hebt u toch invloed via de veiligheidsregio?

„Dat is beperkt. We hebben te maken met noodwetgeving, waarbij een democratische toets ontbreekt. Het is bovendien sterk top-down georganiseerd. Ik snap dat we het over een naar en zeer besmettelijk virus hebben, maar de juiste balans is lang niet altijd aanwezig.”

beeld RD, Anton Dommerholt

Om de 1,5 meter onder de aandacht te brengen, schakelde u rapper Ali B. in. Waarom?

„Dat was een spontane actie. We raakten aan de praat en bleken even oud te zijn. We kregen een klik en we hebben in een minuut een filmpje opgenomen en dat getwitterd. Hij heeft Marokkaanse wortels. In Gouda heeft bijna 10 procent van de bevolking dat. Hij bereikt veel mensen. Die opname was op een moment dat de ic’s uitpuilden, dus het was heel goed om dat op die wijze onder de aandacht te brengen. Of nu 1,5 meter afstand de beste oplossing is? Velen vrezen voor een tweede golf. De eerste lockdown was nodig, maar niet altijd even intelligent. We hebben de natuur immers niet aan een touwtje.”

Een sprake Gods, zouden sommigen zeggen. Wat vindt u?

„God spreekt volgens mij altijd. In voor- en tegenspoed. We leven in de genade van het nu. Wie ben ik om als nietig mens de huidige wereldgebeurtenissen met grootse woorden te duiden? Niet zelden heb ik meegemaakt dat christenen spraken over laaghangende oordelen met daarbij een veroordeling van de zonden van anderen. Ieder mens loopt aan tegen zijn eigen tekort, ongeacht corona. Sinds Pasen is in Jezus alles voldaan. Ik verlang naar een nieuwe wereld. In de tussentijd wil ik vooral dankbaar zijn, zolang zon en maan schijnen. En me inzetten voor de schepping. Wat kindersponsororganisatie Compassion haar deelnemers tijdens reizen leert: laat de plekken waar je komt mooier achter dan toen je kwam.”

U zou bij uw komst naar Gouda uw nevenfuncties heroverwegen. Is dat al gebeurd?

„Ik heb vrijwel alles wat ik had gestopt. Wel ben ik voorzitter gebleven van de Bond van Oranjeverenigingen. Dat is een waardevol instituut voor verbinding tussen het hof en een grote groep vrijwilligers. Ongeveer de helft van de Oranjeverenigingen is ook betrokken bij de organisatie van de plaatselijke 4 en 5 meivieringen. Het is kostbaar dat we in onze verdeelde samenleving duizenden burgers hebben die zich op deze wijze inzetten voor hun gemeenschap. Traditie is een vorm van democratie, zegt Chesterton.”

Recent brak u in het Contact nog een lans voor meer staatkundig gereformeerde vrouwen op belangrijke posten. Waarom?

„Het gaat langzaam. Ik heb altijd al gevonden dat er te weinig SGP-vrouwen in politieke functies actief zijn. In mijn tijd was 60 procent van de SGP-jongeren vrouw. Het kan niet zo zijn dat je jong en talentvol potentieel niet benut. Wat er ook van zij, burgermeesters hebben geen partijpolitiek mandaat. Mij past grote terughoudendheid in het openbaar de lijn van bestuur en fractie te recenseren.”

De SGP bezette niet eerder een burgemeesterspost in een stad van deze omvang. Hoe bijzonder is dat?

„Voor een gemeente met meer dan 50.000 inwoners is een kabinetsbesluit nodig na de voordracht van de gemeenteraad. Ik vind het vooral opmerkelijk dat het kabinet in 2019 in drie gemeenten de voordracht van een burgemeester van SGP-huize heeft bekrachtigd: West-Betuwe, Veenendaal en Gouda. In 100 jaar partijgeschiedenis was dat nog niet eerder voorgekomen.”

Zijn nog grotere plaatsen haalbaar voor de SGP?

„Waarom niet? Het zwaartepunt bij een benoeming is verlegd naar de raad. Centraal staan de competenties en de klik die iemand heeft met de raad. De partijkleur is minder belangrijk. Het gaat om het monarchale, samenbindende en ceremoniële element in de lokale democratie.”

Zou u voor een nog grotere gemeente openstaan?

„Het mooie van het burgemeesterschap is dat je aan de lange termijn denkt en een langer mandaat krijgt dan veel politici, namelijk zes jaar tot aan de herbenoeming. Ik ben hier net en heb voorlopig genoeg te doen. Ons gezin gaat zich vestigen in Westergouwe. Alleen in deze woonwijk komen ongeveer 10.000 mensen te wonen. De toekomst is niet aan mij. Mij geleidt des Heeren hand. Met corona zie je opnieuw hoe intens kwetsbaar en afhankelijk we allemaal zijn.”

beeld RD, Anton Dommerholt

Pieter Verhoeve

Pieter Verhoeve (1981) groeit op in Bleskensgraaf. Hij volgt de pabo in Gouda (propedeuse), studeert vervolgens politieke geschiedenis en rechtsfilosofie en volgt de beroepsleiding advocatuur.

In zijn woonplaats richt hij een lokale jongerenafdeling van de SGP op. Verhoeve is jarenlang hoofdredacteur van het magazine In Contact en enige tijd vicevoorzitter van de landelijke jongerenorganisatie.

Tijdens en na zijn studie geschiedenis is Verhoeve docent aan het Wartburg College. Na zijn studie rechten wordt hij advocaat.

Hij is geruime tijd burgerraadslid voor de CU/SGP in Dordrecht. In 2012 wordt hij burgemeester in Oudewater en op 13 november 2019 beëdigd als eerste burger van Gouda. Hij is sinds 2017 voorzitter van de koninklijke Bond van Oranjeverenigingen. Verhoeve is gehuwd met Marja Meeuse. Samen hebben ze vijf dochters. Het gezin is aangesloten bij de hervormde Sint-Jansgemeente.