Bramenblad als alternatieve pleister

beeld Sannah de Zwart
9

Bermen, slootwallen en groenstroken staan vol vertrouwde planten met vergeten eigenschappen. Wie stelpt er nog een bloedend wondje met een bramenblad? Of zet er bij beginnende keelpijn thee van salie?

De weken waarin we zo veel mogelijk thuis moesten blijven en geacht werden ons zo min mogelijk te verplaatsen vielen samen met een zonovergoten voorjaar. Menigeen zal daardoor vaker dan anders een ommetje in de buurt hebben gemaakt en de bermen en de slootwallen hebben zien opbloeien. En zich er mogelijk over hebben verwonderd hoe snel dat gaat.

Als je langzamer leeft, heb je meer tijd om op de details te letten. Maar hoe al die plantjes heten? Of ze giftig zijn of dat je ze gerust kunt eten? En wat je er eventueel mee zou kunnen doen? De kans is groot dat de parate kennis van een gemiddelde Nederlander op dat vlak al snel is uitgeput. Misschien weet je duizendblad nog wel bij de naam te noemen. Maar dat je er het bloeden van een wondje mee kunt stelpen: geen idee.

Rozenbottelthee

Veel mensen zijn niet meer vertrouwd met de wilde kruiden om hen heen, beaamt Marjolein Holtkamp (1971). Ze spant zich ervoor in om die kennis weer enigszins voor het voetlicht te halen. Ze schreef er een toegankelijk boek over, dat na twee drukken is uitverkocht (”Kruidentocht. Op zoek naar wilde kruiden”, 2017). Ze bedacht een spel met als doel om kinderen spelenderwijs meer kennis over de natuur in hun eigen omgeving op te laten doen (Natuur-memo-kwartetspel, uitg. Luitingh-Sijthoff). En ze gaat met groepen basisschoolleerlingen op pad om ze naar plantjes, struiken en bomen te leren kijken. En eraan te voelen en te ruiken.

Holtkamp is vormgeefster van beroep. Toen ze een aantal jaren geleden vastliep, ging ze op zoek naar meer balans. „Ik leefde veel te gehaast. Ik raasde maar door, met oogkleppen op. De knop moest om.” Zo kwam ze in aanraking met de helende werking van kruiden. „In die tijd dronk ik liters rozenbottelthee. Vanwege de vitamine C.” Vervolgens volgde ze een opleiding kruidengeneeskunde; er ging een wereld voor haar open.

Goudsbloem

Hoe meer je van een plantje weet, hoe meer waardering je ervoor krijgt, is Holtkamps ervaring. Neem bijvoorbeeld de goudsbloem. „Die kende ik uit de tuin van mijn ouders. Ik vond het vroeger een spuuglelijke plant, als ik het zo mag zeggen. Maar toen ik erachter kwam wat je er allemaal mee kunt, ging ik er heel anders naar kijken.”

De lintblaadjes van de goudsbloem worden wel gebruikt als kleurstof voor cosmetica, voedsel en textiel. Ze zijn eetbaar, dus je kunt ze ook door cakebeslag roeren of er een cupcake mee versieren. Of er thee mee zetten. Maar de goudsbloem staat vooral bekend als een probaat middel bij huidproblemen. „Denk maar aan calendulazalf. Die wordt gemaakt van goudsbloemen. De Latijnse naam van deze plant is namelijk calendula officinalis”, legt Holtkamp uit. Al in de twaalfde eeuw werd de goudsbloem gebruikt bij de behandeling van brandwonden. „Als aan de naam van een plant officinalis is toegevoegd wil dat zeggen dat apothekers in de middeleeuwen deze stof in hun werkplaats, hun officina, op voorraad moesten hebben.”

beeld Geertje Bikker-Otten

Sinds ze dat allemaal weet, laat ze als er in haar stadstuintje een goudsbloem opkomt het plantje gewoon staan. Dat kan namelijk zomaar gebeuren. „De zaadjes worden gemakkelijk door een dier of door de wind meegenomen, dus je kunt ze overal tegenkomen.” Nog afgezien van de nuttige kanten: het is een vrolijk plantje dat vroeg en lang bloeit en gul bloemen geeft. „Wat is lelijk? vraag ik me inmiddels af”, zegt Holtkamp. „Het is maar net hoe je ernaar kijkt.”

Vanwege de vele toepassingen staan salie, paardenbloem, lavendel, berk en madeliefje hoog boven aan haar lijstje met favoriete planten. De paardenbloem noemt ze een „superkruid.” Alle onderdelen van deze plant zijn wel ergens goed voor. Het blad kun je eten als groente (molsla). Van de wortel kun je een soort koffie maken. Het witte sap in de steel kan worden gebruikt voor het maken van rubber. En de bloemen hebben een diuretische werking: je gaat er enorm van plassen.

beeld RD

Weerstand

Als het over de geneeskrachtige werking van kruiden gaat, kiest Holtkamp haar woorden zorgvuldig. „Dat komt nogal precies. Je mag niet zomaar zeggen dat bijvoorbeeld de rode zonnehoed, echinacea, goed is tegen verkoudheid of dat het verkoudheid voorkomt. Ik kies daarom vaak voor een veilige omschrijving. Bijvoorbeeld dat een bepaald kruid zou kunnen helpen bij een bepaalde kwaal. Of dat het een gunstig effect heeft op de weerstand.”

Je moet sowieso altijd voorzichtig zijn bij het gebruik van kruiden, is het devies van Holtkamp. Als voorbeeld noemt ze rozemarijn. „Dat is een verwarmend kruid. Als je er thee van drinkt, stimuleert dat de bloedsomloop. Dat is op zich een positief effect, maar je moet er ook mee oppassen. Gebruik sowieso nooit te lang eenzelfde geneeskrachtig kruid of kruidenthee achter elkaar. Afwisseling is belangrijk. Ook wanneer een thee gaat tegenstaan is het beter om ermee te stoppen en iets anders te kiezen.”

beeld RD

Als Holtkamp zelf kruidenthee maakt, varieert ze regelmatig met verschillende kruiden. „Wanneer ik verkouden ben, zet ik bijvoorbeeld afwisselend thee van gedroogde tijm, verse salie en vlierbloesem. Die hebben allemaal een gunstig effect op de luchtwegen.” Steevast gaat er ook wat honing in zo’n glas kruidenthee. En niet alleen omdat het lekker is. „Honing heeft een antibacteriële werking.”

Ook in de keuken kunnen kruiden strategisch worden ingezet. Bijvoorbeeld bij vage buikklachten: misselijkheid of kramp. „Een buurvrouw vroeg me daarvoor pas advies. Ik zei dat ze iets zou kunnen koken met gember, venkel of tijm. Tijm is goed voor de spijsvertering. Gember gaat misselijkheid tegen. En venkel heeft een kalmerend effect op de maag.”

beeld RD

Schaarste

Zelf in het wild kruiden plukken doet Holtkamp niet of nauwelijks. Niet zozeer omdat ze bang is dat er een hond of een ander dier een plasje over heeft gedaan. „Een docent van me zei weleens: Mensen maken zich daar ongerust over, maar de uitlaatgassen die erop zitten zijn schadelijker.”

Het is eerder de schaarste die haar weerhoudt. „We wonen in zo’n dichtbevolkt land. Er zou weinig van de natuur over blijven als iedereen armenvol kruiden ging plukken. Officieel is het trouwens ook verboden. Als je er met een emmertje op uitgaat om bramen te plukken kun je daar een boete voor krijgen.” Als ze kruiden plukt, heeft dat vooral een educatief doel. „Bijvoorbeeld als ik met een groep kinderen op pad ga en ze iets wil laten ruiken of voelen.”

Het is ook enorm veel werk: planten oogsten, drogen of verwerken. Neem alleen al het plukken. „Voor een potje jam heb je bijvoorbeeld wel 400 tot 500 paardenbloemen nodig. Dat gaat mij te ver. Idem als je zelf brandnetel zou willen drogen om er thee van te maken. Dan heb je een flinke hoop nodig. Ik begin daar niet aan. Zo nu en dan wat verse brandnetel door de soep, daar laat ik het bij.”

beeld RD

Wat ze weleens zelf oogst: een paar handen berkenblad. „Als je die in wat zonnebloemolie laat trekken, krijg je berkenolie. Vanouds is dat een middel dat gebruikt wordt bij een schilferige huid, bijvoorbeeld door eczeem. Als je naar de dokter gaat, geeft hij je daarvoor een hormoonzalf. Als alternatief lijkt me berkenolie dan de moeite waard om te proberen.”

Zelf plukken is ook niet noodzakelijk: veel gedroogde kruiden en extracten zijn in de natuurwinkel verkrijgbaar. „Ik heb altijd van alles op voorraad. Bijvoorbeeld gedroogde kruiden om thee van te zetten, diverse kruidentincturen en verschillende soorten zalf. En lavendelolie. Dat is de enige etherische olie die je rechtstreeks op de huid kunt gebruiken. Het is echt een fantastisch middel tegen zonnebrand en bij insectenbeten.”

Tips voor wilde kruiden

Hoe weet je of je met fluitenkruid (eetbaar) of toch met zijn giftige neefje dolle kervel van doen hebt? Een ouderwetse flora kan daarover uitsluitsel geven. Met behulp van zo’n naslagwerk kun je op basis van kenmerken als kleur, formaat, bloemetjes, blaadjes en de steel bepalen wat de juiste naam van een plant is. Online zoeken kan ook, bijvoorbeeld op de website floravannederland.nl.

Wie thee wil zetten van verse kruiden als munt of salie kan het water na het aan de kook brengen het beste even laten afkoelen. Anders verbrandt het blad en wordt het zwart. Wat ook kan: het blad even laten wellen in een bodempje lauw water en er daarna gekookt water bij gieten.