Werken aan een veilige kerk voor homo’s

Dr. W. Dekker was vrijdag een van de sprekers op de studiedag ”Homoseksualiteit en de kerk” in Nijkerk.  beeld RD, Anton Dommerholt

Kan een kerk die geen ruimte ziet voor homoseksuele relaties een veilige plek zijn voor homo’s en lesbiennes? Ja, betoogt dr. J. Hoek. „Helderheid en openheid zijn te allen tijde beter dan dubbelzinnigheid en mistigheid.”

Dr. Hoek was vrijdag een van de sprekers op de studiedag ”Homoseksualiteit en de kerk. Verschillende visies, één geloof”. De bijeenkomst in Nijkerk, georganiseerd door onder meer het platform AKZ+, werd door ruim 500 mensen bezocht.

Dr. Hoek, emeritus hoogleraar gereformeerde spiritualiteit en hoogleraar systematische theologie aan de Evangelische Theologische Faculteit in Leuven, sprak over ”Samen christen zijn in één gemeente”, naar aanleiding van Romeinen 14 en 15. Hij begon met het voorlezen van een „indrukwekkende brief” van een homoseksueel gemeentelid die hij in 1982 als predikant anoniem ontving en die sprak van diepe eenzaamheid. De man voelde zich in de kerk buitengesloten en door haar in de steek gelaten.

Vragen over homoseksualiteit hebben in alle kerkelijke gemeenten een diepgaande en brede bezinning nodig, zei dr. Hoek. Hij wil die plaatsen in het bredere kader van een christelijke levensstijl. „Dan komt seksualiteit in het algemeen aan de orde en blijft niemand buiten schot. Immers, of we nu hetero zijn of homo, we staan allen voor de roeping om in een verseksualiseerde cultuur zo om te gaan met het geschenk van de seksualiteit dat het naar Gods wil en tot Zijn eer is.”

Leerdienst

Als het specifiek over de visie op homoseksualiteit gaat, is transparantie belangrijk, zei dr. Hoek. „Kerken moeten zich duidelijk en betrouwbaar uitspreken over homoseksualiteit. Het gaat om openheid in bescheidenheid, bewogenheid en betrokkenheid”, aldus de theoloog. Hij riep kerkenraden op niet te wachten met de bezinning tot zich een pastorale situatie voordoet. Ook suggereerde hij een leerdienst te wijden aan teksten die soms te snel worden toegepast op gemeenteleden met een homoseksuele geaardheid, zoals Romeinen 1.

Een gemeente die helder communiceert dat het huwelijk als verbintenis van man en vrouw voor haar dé weg is die de Schepper bedoelt, kan een veilige kerk voor homo’s zijn, zei dr. Hoek. In de praktijk gebeurt het echter te vaak „dat zo’n standpunt de oprechte openheid voor degene die anders denkt blokkeert.” Hij riep op te zien op de grote Pastor, Jezus Christus, Die „geen enkele twijfel laat bestaan over Zijn visie op huwelijk en seksualiteit, maar Die in warme liefde uitreikt naar alle mensen die op Zijn pad komen.”

Dagvoorzitter Ad de Boer vroeg dr. Hoek wat zijn visie betekent als iemand met een homoseksuele relatie toegang tot het avondmaal vraagt. Dr. Hoek: „De Heere Jezus Christus kijkt Petrus diep in de ogen en zegt: Simon, zoon van Jonas, heb je Mij lief? Als dat er is, wie zouden wij dan zijn om de weg naar de tafel des Heeren te versperren?”

Spannende vraag

Ook de hervormde emeritus predikant dr. W. Dekker sprak over het omgaan met verschillende visies op homoseksualiteit in de kerk. Hij zei dat „de eenheid van Gods kerk ons vele malen meer waard moet zijn dan ons gelijk in deze kwestie.” Naar aanleiding van Romeinen 14 en 15 merkte hij op: „Een spannende vraag is of het ook ons zal lukken als christenen die heel verschillende gedachten over homoseksuele relaties hebben eensgezind de God en Vader van onze Heere Jezus Christus te verheerlijken.”

Verschillende visies op homoseksualiteit zijn voor dr. Dekker niet kerkscheidend. „Het is veel meer een kwestie waar we nog lang met elkaar over zullen moeten spreken.” Het huwelijk van man en vrouw noemde hij „een uniek geschenk dat we in deze tijd niet hoog genoeg kunnen houden.” Tegelijk stelde hij dat homoseksuele relaties in liefde en trouw in de Bijbel niet voorkomen. „We staan voor nieuwe vragen, zoals de gemeente in het Nieuwe Testament voor nieuwe vragen kwam te staan.”

In een aantal dubbellezingen kwamen verschillende visies op exegese en hermeneutiek naar voren. Prof. dr. M. J. Kater, hoogleraar aan de Theologische Universiteit Apeldoorn, legde een verband tussen Romeinen 1, 8 en 12. „We ontmoeten elkaar in de wereld van Romeinen 1. Er is geen onderscheid. We staan er allemaal gelijk voor, voor Gods aangezicht.”

Volgens dr. Kater zijn „dwarse Bijbelteksten” niet bedoeld om mensen kopje onder te duwen. Hij sprak van een wereld waarin wordt gestreden, met Christus gestorven en met Hem opgestaan. „Leer mij duizendwerven, in Uw kruisdood meegekruisigd sterven, en herboren, opgestaan, achter U ten hemel gaan!”

Ds. J. M. Mudde, Nederlands gereformeerd predikant in Haarlem, beaamde dat homoseksuelen en heteroseksuelen allemaal schuldig voor God staan en zijn aangewezen op Jezus Christus. Diverse Bijbelgedeelten over de omgang tussen mensen van hetzelfde geslacht zijn volgens hem echter niet zonder meer toe te passen op homoseksuele christenen in deze tijd.

Gezinnen

Vijf panelleden vertelden hoe zij omgaan met hun homoseksuele gerichtheid. Ine Wildschut zei ervan overtuigd te zijn dat een homoseksuele relatie niet past bij Gods plan met haar leven. Ze gaf aan dat mensen met een homoseksuele gerichtheid de kerk hard nodig hebben en sprak de hoop uit dat gezinnen zich over hen zullen ontfermen.

Ze noemde als voorbeeld het contact met een echtpaar van wie een van beiden uit het buitenland komt. „Ze hebben een kleintje voor wie ik echt een oma mag zijn. Dat is een verrijking die de gemeente mag geven aan mensen die alleen staan in de kerk.”

Panellid Herman van Wijngaarden noemde de Bijbelse visie op het ongehuwd zijn onderbelicht. „In het laatste gedeelte van Mattheüs 19 komt Jezus tot een verrassende opwaardering van het single blijven.”