Theologiestudent Marijn Krooneman (21): Bijna even oud als catechisant

Informeel
Marijn Krooneman. beeld RD, Anton Dommerholt

Marijn Krooneman (21) uit ’t Harde is vijfdejaars theologiestudent aan de Protestantse Theologische Universiteit (PThU) in Groningen. Hij loopt stage in de hervormde gemeente van Oldebroek en verleent twee dagen per week bijstand in het pastoraat in de hervormde gemeente van Elburg. Daar hoort ook het geven van catechisatie bij.

De kerkelijke etiquette heeft hij inmiddels al een beetje leren kennen. Ook in Ederveen gaf hij geloofsonderwijs aan jongeren. Hij kent dus verschillende plaatsen.

Hoe Krooneman zich kleedt en hoe hij zijn doelgroep benadert, hangt voor een deel af van de gewoonte in de kerken waar hij komt, zegt hij. Maar ook zijn eigen voorkeur en ideeën tellen mee. „Voordat ik catechese ging geven, heb ik voor mezelf een afweging gemaakt. Je geeft met je kleding, voorkomen en houding een bepaalde boodschap af, bewust of onbewust. Niet alleen als je je netjes kleedt, maar ook als je casual gekleed gaat. Het is goed je daarvan bewust te zijn.”

In zijn afweging betrok de theologiestudent ook zijn leeftijd. „Het leeftijdsverschil tussen jongeren en mij is niet groot. Enerzijds wil ik naast hen staan en hen laten merken dat ik zelf ook nog jong ben, zodat er een vertrouwde sfeer ontstaat waarin zij iets durven vertellen. Anderzijds vind ik het belangrijk afstand te bewaren, zodat ik gezag houd. Als het nodig is, moet ik de orde kunnen bewaren. Jongeren verwáchten ook van mij dat ik leidinggeef. Hoe mijn houding is, kan per groep verschillen. Is een groep speels of doet hij goed mee? Dat maakt wel wat uit. Je hebt dan ook een paar goede voelsprieten nodig om dat te kunnen inschatten.”

De catecheet kiest ervoor in het kerkelijk werk en tijdens catechisatie een pak te dragen. „Als vertegenwoordiger van de kerk van Christus wil ik graag netjes gekleed zijn, wat overigens niet wil zeggen dat een pak dragen een wet van Meden en Perzen is.” Hij is niet bang dat dit gebruik onnodig afstand creëert. „Dat je naast hen wil staan, moet vooral blijken uit je houding en gedrag.”

Juist in de kerk valt hem op dat ambtsdragers „zo’n hang naar een alledaags voorkomen” laten zien. „In het zakenleven vraagt de baas ook van je dat je netjes gekleed bent.”

Van catechisanten verwacht hij dat ze hem met ”u” en ”meneer” aanspreken. En dat doen ze dan ook zonder problemen. „De verhoudingen zijn duidelijk. Benadruk je in het begin je gezag, dan kun je hen later nog eens verbazen door wat dichterbij te komen. Ga je daarentegen al te joviaal met hen om dan is het moeilijk om met je vuist op tafel te slaan als dat nodig is. Ergens tussen de uitersten in probeer ik mijn weg te zoeken.”

Bekijk hier alle artikelen uit het thema Informeel.