SSNR-congres belicht prediking, catechese en exegese Abraham Hellenbroek

SSNR-congres in de Oude Kerk te Rotterdam-Charlois. beeld Marc Heeman/Roel Dijkstra Fotografie
7

Laten we ons hoeden voor heiligenverering, zei dr. R. Bisschop zaterdag in Rotterdam op een congres van de Stichting Studie der Nadere Reformatie (SSNR) rond Abraham Hellenbroek (1658-1731). „Dat de prediking, catechese en exegese van Hellenbroek hem wat dichterbij ons brenge.”

Bisschop, die in zijn openingswoord de door ziekte verhinderde prof. dr. W. J. op ’t Hof verving, knoopte een aantal losse eindjes in het voortgezet onderzoek naar leven en werk van Hellenbroek aan elkaar.

Als student in Leiden volgde Abraham Hellenbroek colleges in de natuurwetenschappen, talen en filosofie, maar uiteindelijk koos hij voor theologie. Hij werd predikant in Zwammerdam, Zwijndrecht, Zaltbommel en –de langste tijd– in Rotterdam. In 1690 trouwde hij onder huwelijkse voorwaarden. Enkele jaren voor zijn dood veranderde hij die met een codicil, omdat zijn vrouw „in haer verstant geslagen” was. Bisschop: „Was dat door het verdriet in haar huwelijk vanwege zes gestorven kinderen of was ze dementerend? We weten het niet.”

Hooglied

De Joodse uitleg van het Bijbelboek Hooglied bestaat uit de hartstochtelijke liefde van de God van Israël voor Zijn volk Israël, stelde dr. M. Verduin, hervormd emeritus predikant en gepromoveerd op het Hooglied. Hellenbroek verklaart en vergeestelijkt het Hooglied als een geestelijk huwelijk tussen Christus en Zijn bruid. Hij is beducht voor een Hoogliedinterpretatie die het boek als niet meer ziet dan een verzameling profane liefdesliederen. „Wel blijft Hellenbroek dicht bij de beeldspraak van Salomo, als de mystieke omgang tussen de Bruidegom Christus en Zijn bruid, de kerk of de gelovige ziel”, aldus dr. Verduin. In de Vroege Kerk is de Hoogliedtekst gebruikt als een soort catechisatieboekje voor catechisanten die worden toegeleid naar hun doop en avondmaal, gaf hij aan.

Hellenbroek spreekt zijn grote zorg uit over de kerk in zijn dagen. Hij is verontwaardigd over het verval van de Hervormde Kerk in Nederland. Hij hekelt de onderlinge verdeeldheid. De kudde van Christus kiest voor afzonderlijke weiden. Hellenbroek roept op zich nooit van de kerk af te scheuren, „want zij bestaat krachtens het voornemen der verkiezing”, zo schrijft hij.

Preken

Ds. H. Brons, predikant van de gereformeerde gemeente te Vlaardingen, gaf in zijn bijdrage aan wat de invloed van Hellenbroeks leermeester David Knibbe (1639-1701), predikant te Leiden, op zijn preken is geweest. Ds. Brons: „In zijn preken maakte hij terughoudend gebruik van kenmerken, mits opkomend uit de behandelde tekst. Hij spreekt zijn hoorders op onderscheiden manier aan, benadert ze op een dynamische manier, meer dan op grond van een vaste classificatiemethode.”

Joodse bronnen

In zijn Israëlverwachting is Hellenbroek ambivalent, betoogde dr. M. van Campen, hervormd emeritus predikant. Hellenbroek wijst op het ongeloof van de Israëlieten. Ze hebben Jezus verworpen, maar het is ook oorzaak tot zegen voor de heidenen geworden.

In zijn uitleg van de profeet Jesaja verwijst Hellenbroek regelmatig naar Joodse verklaarders van het Oude Testament. Meestal in positieve zin. Soms neemt hij er afstand van. Hij spreekt dan over Joodse beuzelarijen.

De sterk vergeestelijkte uitleg van het profetisch woord brengt Hellenbroek volgens dr. Van Campen soms dicht in de buurt van het denken dat de kerk in de plaats van Israël is gekomen. „Zo roept hij de lezers op om Gods vervulling aan Zijn Nederlands Sion te zien.”

Niettemin zag hij Israël als het eerste adres van de profetische beloften. „De vele drukken van zijn verklaring van Jesaja hebben met name in bevindelijke kringen sporen getrokken”, aldus dr. Van Campen. „Ongetwijfeld beoogde hij bij zijn hoorders belangstelling voor het Jodendom te wekken.”

Catechese

De betekenis van Hellenbroeks catecheseboekje ”Voorbeeld der Goddelijke waarheden”, is niet te onderschatten, zei dr. J. Exalto, onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Oorspronkelijk was het bedoeld voor de Rotterdamse belijdeniscatechisanten, om thuis te bestuderen.

Er verschenen ongeveer zeventig drukken, in beknopte en in uitgebreide vorm. Exalto schetste het boekje als een raamwerk van de gereformeerde theologie, „waarin Hellenbroek als icoon en symbool van de streng gereformeerde orthodoxie kan worden gezien.”