Ontzet vanwege al die lege kerkbanken

Ds. W. L. van der Staaij. beeld RD

Het blijft onwerkelijk. De zon schijnt ook dinsdagmorgen weer uitbundig. De vogels fluiten. De knalgele forsythia’s onderstrepen dat het lente is. De schepping komt tot leven.

Maar ondertussen zijn er wel zuchtende schepsels. Temeer nu een onzichtbare sluipmoordenaar dood en verderf zaait. Die zelfs –menselijkerwijs gesproken– ervoor zorgt dat alle kerkdeuren tot 1 juni dichtgaan voor kerkgangers.

De aflevering voor dit dagboek had ik gistermiddag al geschreven. Mooi op tijd klaar, dacht ik tevreden. Ik had er iets in gezet dat het lijkt dat het hier op straat al wat minder stil is dan begin vorige week. Ook had ik iets vermeld over mijn eigen leeg geveegde agenda. Net als onze gezinsagenda.

Na een aantal gemeenteleden te hebben gebeld of geappt, luister ik klokslag zeven uur naar een bezinningsmoment. Uitgezonden in een lege kerk op zo’n 60 kilometer afstand. Tijdens de meditatie komen een paar kinderen opgewonden mijn studeerkamer binnen. Maar Gods Woord gaat vóór Grapperhaus’ woord. Dus moeten zij zwijgen.

Maar als ik even later de aangescherpte maatregelen hoor, ben ik sprakeloos. Ik kijk naar het nieuws, maar het staat er écht: alle kerkdiensten verboden tot 1 juni. Aangrijpend. Ontzettend. Flarden van de preken van zondag komen in mijn gedachten: „Wat Ik gebouwd heb, breek Ik af.”

Wat we ook allemaal van deze situatie vinden, de dringende vraag blijft toch: wat heeft de Heere ons hiermee te zeggen, als er vanaf nu in geen enkele dorp of stad in Nederland meer mensen samen kunnen opgaan naar de kerk? Godsgebouwen met sprekende namen: Beth-El. Eben-Haëzer. Immanuël. Maranatha. Pniël. Rehoboth. De Schuilplaats. Thabor. Overal lege banken. Zouden we dan de roede niet horen en Wie ze besteld heeft?

Ik weet niet of het dat woord uit Micha is waarover ik vanavond om zeven uur zal mediteren. Als we vanuit een lege Thaborkerk opnieuw een moment van bezinning uitzenden via onze website. Zeker, ik moet dankbaar zijn dat dit nog kan. Toch klagen die lege banken mij aan. Maar al wankelt alles, nóg klinkt het Woord. Het Woord van Hem, Die alles regeert. En wat heeft Hij gezegd? „Alzo ook gijlieden, wanneer gij al deze dingen zult zien, zo weet dat het nabij is, voor de deur.” Is niet zozeer de lente, maar de zomer nabij?

Ds. W. L. van der Staaij is predikant van de christelijke gereformeerde Thaborkerk in Scheveningen. Deze week houdt hij een dagboek bij.